|
maanen
|
Geplaatst op 20-08-2011, 21:07 |
Reageer
|
Berichten: 1
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Hallo, ik zit met een vraag:
De mensen die in de tijd van het oude testament leefde wisten dat er een Messias(Jezus) kwam. Maar wisten die mensen wel dat de Messias, die kwam, God zelf was? Konden ze dat weten, of konden de mensen toen ook een gewoon mens verwachten die wel door God gestuurd was, maar niet God zelf was? Staat dat wel ergens in het oude testament, hebben de profeten dat voorspeld? Want dat is toch apart als er nergens in het oude testament staat dat God zelf naar de wereld kwam om de wereld te redden? Of heb ik er gewoon altijd overheen gelezen?
dus mij vraag is: Staat er in het OUDE testament dat de beloofde Messias God zelf is?
vriendelijke groet Maanen
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
|
|
Eliyahu
|
Geplaatst op 17-01-2012, 10:19 |
Reageer
|
Berichten: 668
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 21-08-2011, 13:28 pionier schreef:
Hoi,
Nee, nergens staat geschreven dat God zelf zou neerdalen. Dat maakt het ook zo vreemd dat velen dat tegenwoordig wel denken.
|
Bs'd
Dat staat er inderdaad niet.
De messias zal dan ook gewoon een mens zijn, geboren uit de normale vereniging van man en vrouw, dus geen maagdelijke geboorte, ook dat is niet te vinden in het OT.
De messias zal dus niet God zijn, niet goddelijk, niet de zoon van God, maar gewoon 100% mens.
Wel zal hij een profeet zijn, zal God hem extra kracht geven, maar hij blijft gewoon 100% mens.
De NT verhalen en het christelijk geloof zijn gebaseerd op leugen en bedrog.
Eliyahu
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
"Tien mannen uit de volken zullen een Jood bij de mantel grijpen zeggende: Wij willlen met u gaan, want we hebben gehoord dat God met u is." Zach 8:23 |
|
|
|
|
ken
|
Geplaatst op 21-01-2012, 10:29 |
Reageer
|
Berichten: 2706
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Dat moet je wel zo zien, want het NT laat het bedrog van de Joden zien.
Hand 9: 1 Maar [farizeeër] Saulus, die nog steeds dreiging en moord ademde tegen de discipelen van de Heer, ging naar de hogepriester; 2 en vroeg hem brieven voor de synagogen in Damaskus, om allen die tot De Weg behoorden en die hij er vond, zowel mannen als vrouwen, geboeid naar Jeruzalem te brengen.
Dit bericht is gewijzigd op 21-01 10:30.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
|
|
|
|
wereld
|
Geplaatst op 25-01-2012, 19:36 |
Reageer
|
Berichten: 38
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 24-01-2012, 09:54 ken schreef:
[...]Bij de islaam zijn de vruchten misdaad en terreur. In naam van allah worden er mensen omgebracht en broedermoord begaan.
Deswegen schreven Wij de kinderen Israëls voor, dat wie ook een mens doodt, behalve wegens het doden van anderen of het scheppen van wanorde in het land, het ware alsof hij het gehele mensdom had gedood, en voor hem, die iemand het leven schenkt, alsof hij aan het gehele mensdom het leven heeft geschonken
De Edele Koran surah almaidah aya 32
En strijdt voor de zaak van Allah tegen degenen, die tegen u strijden, maar overschrijdt de grens niet. Voorzeker, Allah heeft de overtreders niet lief. En doodt hen, waar gij hen ook ontmoet en drijft hen uit, vanwaar zij u hebben uitgedreven; want vervolging is erger dan doden. En bevecht hen niet nabij de heilige Moskee, voordat zij u daarin bevechten. Maar indien zij u bevechten, bevecht hen dan - zo is de vergelding voor de ongelovigen. Maar als zij ophouden, dan is Allah zeker Vergevensgezind, Genadevol
De Edele Koran surah Baqara aya 190t\m192
Dit hoort bij de Islaam een Moslim houdt zeg eraan. Islaam roept je niet tot tereur en misdaad en al helemaal niet tot de broeder moord.
|
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
|
|
Eliyahu
|
Geplaatst op 26-01-2012, 13:50 |
Reageer
|
Berichten: 668
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 21-01-2012, 10:29 ken schreef:
[...]Dat moet je wel zo zien, want het NT laat het bedrog van de Joden zien.
Hand 9: 1 Maar [farizeeër] Saulus, die nog steeds dreiging en moord ademde tegen de discipelen van de Heer, ging naar de hogepriester; 2 en vroeg hem brieven voor de synagogen in Damaskus, om allen die tot De Weg behoorden en die hij er vond, zowel mannen als vrouwen, geboeid naar Jeruzalem te brengen.
|
Bs'd
Leg jij dan eens uit waarom, om maar even iets te noemen, JC de messiaanse profetieën niet vervuld heeft.
Eliyahu
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
"Tien mannen uit de volken zullen een Jood bij de mantel grijpen zeggende: Wij willlen met u gaan, want we hebben gehoord dat God met u is." Zach 8:23 |
|
|
|
|
ken
|
Geplaatst op 27-01-2012, 11:07 |
Reageer
|
Berichten: 2706
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 26-01-2012, 13:50 Eliyahu schreef:
[...]
Bs'd
Leg jij dan eens uit waarom, om maar even iets te noemen, JC de messiaanse profetieën niet vervuld heeft.
|
Hij heeft ze vervuld, maar dat erken of zie je niet, omdat je Daniëls tijdslijn over het hoofd ziet.
Na de Romeinse macht zou er nog een macht moeten opstaan. Wanneer deze is vernietigd zal Jezus de macht op aarde overnemen.
De vernietiging van de laatste aardse werelmacht word in Daniël in symbolische taal beschreven.
Daniël 2:
34 Gij bleeft kijken totdat er een steen, niet door handen, werd uitgehouwen, en die trof het beeld aan zijn voeten van ijzer en gevormd leem en verbrijzelde ze. 35 Terstond werden het ijzer, het gevormde leem, het koper, het zilver en het goud alle te zamen verbrijzeld en werden als het kaf van de zomerdorsvloer, en de wind voerde ze weg zodat er geen spoor meer van werd gevonden. En wat de steen aangaat die het beeld trof, hij werd tot een grote berg en vulde de gehele aarde.
44 En in de dagen van die koningen zal de God des hemels een koninkrijk oprichten dat nooit te gronde zal worden gericht. En het koninkrijk zelf zal aan geen ander volk worden overgedragen. Het zal al deze koninkrijken verbrijzelen en er een eind aan maken, en zelf zal het tot onbepaalde tijden blijven bestaan, 45 aangezien gij aanschouwd hebt dat uit de berg, niet door handen, een steen werd gehouwen, en dat die het ijzer, het koper, het gevormde leem, het zilver en het goud verbrijzelde. De grote God zelf heeft aan de koning [Jezus] bekendgemaakt wat er hierna geschieden zal. En de droom is waarachtig, en de uitlegging ervan is betrouwbaar.”
Het beeld symboliseerd machten, die in de Bijbel invloed hebben. De beeldonderdelen vormen een herkenbare tijdslijn. De laatste macht wordt door de voeten gesymboliseerd.
Deze machten beginnen met de Babylonische macht en eindigen in deze tijd. Deze worden vervangen door Jezus als koning, die ondersteund worden door de kleine kudde (144.000) Zij zijn met de HG gezalfd en aangesteld als koningen en priesters De Joden hadden de eerste keuze, vervolgens werd dat voorrecht geopend voor de Samaritanen. Petrus gebruikte de derde "sleutel" om dit voorrecht te openen voor bekerde heidenen.. Zij vormen samen het geestelijke Israël. Deze regering daalt symbolisch uit de hemel neer als het nieuwe Jeruzalem.
Openbaring 5: 10 en gij hebt hen gemaakt tot een koninkrijk en tot priesters voor onze God, en zij zullen als koningen over de aarde regeren.”
Openbaring 21:2 Ik zag ook de heilige stad, het Nieuwe Jeruzalem, van God uit de hemel neerdalen, toebereid als een bruid die zich voor haar man versierd heeft.
„Jeruzalem”, wat „Bezitting [of: Fundament] van tweevoudige vrede” betekent.
De Joodse verwachting was dus prematuur. Dat blijkt ook uit de opmerking:: „Heer, herstelt gij in deze tijd het koninkrijk voor Israël?
Jezus ontkent dat indirect. De tijd was nog niet aangebroken.
Jeremia 2:13 ’want er zijn twee slechte dingen die mijn volk heeft gedaan: Mij, de bron van levend water, hebben zij verlaten, om zichzelf regenbakken uit te houwen, gebroken regenbakken, die het water niet kunnen houden.’
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Eliyahu
|
Geplaatst op 04-02-2012, 21:23 |
Reageer
|
Berichten: 668
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Bs'd
Hier wat messiaanse profertieen waarvoor je wel blind moet zijn om niet te zien dat ze NIET vervuld zijn door JC:
Micha 5:1-8; "En gij, O Bethlehem Ephrata, al zijt gij klein onder de geslachten van Juda, uit u zal Mij voortkomen die een heerser zal zijn over Israel, en wiens oorsprong is van ouds, van de dagen der eeuwigheid. Daarom zal hij hen prijsgeven tot de tijd dat zij die baren zal gebaard heeft. Dan zal het overblijfsel zijner broederen terugkeren met de Israelieten. Dan zal hij staan en hen weiden in de kracht des HERE, in de majesteit van de naam des HERE, zijns Gods; en zij zullen rustig wonen, want NU zal hij groot zijn tot aan de einden der aarde, en hij zal vrede zijn. Wanneer Assur in ons land komt en wanneer hij onze paleizen betreedt, dan zullen wij tegen hem zeven herders stellen en acht vorsten uit de mensen, die het land van Assur zullen weiden met het zwaard, en het land van Nimrod in zijn poorten. En Hij zal bevrijden van Assur, wanner die in ons land komt en wanneer hij ons gebied betreedt. En het overblijfsel van Jacob zal temidden van vele volkeren zijn als de dauw van de HERE, als regenstromen op het groene kruid, dat niet wacht op de mens, noch mensenkinderen verbeidt. En het overblijfsel van Jakob zal zijn onder de natien, te midden van vele volkeren, als een leeuw onder de dieren des wouds, als een jonge leeuw onder de schaapskudden, die, wanneer hij binnendringt neerslaat, en verscheurt, zonder dat iemand redt. Uw hand zal verheven zijn boven uw tegenstanders en al uw vijanden zullen worden uitgeroeid."
We zien hier, in het eerste vers van deze messiaanse profetie, dat wanneer de messias komt vanuit Bethlehem, dan zal hij een heerser zijn over Israel. Dat betekent dat hij een koning, of misschien een president, zal zijn, maar in elk geval een gewichtig persoon die heel wat in de melk te brokkelen heeft, en geen rondtrekkende prediker en wonderdokter. We zien ook dat na de komst van de messias de joodse oorlogen uitgevochten gaan worden en gewonnen gaan worden door de joden. We zien hier een messias die ons fysieke verlossing gaat brengen van aardse vijanden: En Hij zal bevrijden van Assur, wanneer die in ons land komt en wanneer hij ons gebied betreedt." "Uw hand zal verheven zijn boven uw tegenstanders en al uw vijanden zullen worden uitgeroeid." Dat is duidelijke taal, niet voor meerdere uitleggingen vatbaar.
Zacheria 9:9-10; "Jubel luide gij dochter van Sion; juich gij dochter van Jeruzalem! Zie uw koning komt tot u, hij is rechtvaardig en zegevierend, nederig, en rijdend op een ezel, op een ezelshengst, een ezelinnejong. Dan zal ik de wagens uit Efraim en de paarden uit Jeruzalem te niet doen, ook de strijdboog wordt teniet gedaan; en hij zal volken vrede verkondigen, en zijn heerschappij zal zich uitstrekken van zee tot zee, en van de rivier tot de einden der aarde."
Men zegt dat Jezus op een ezel reed, net zoals het gehele Midden Oosten in die dagen, maar dat is waar de vervulling van deze profetie ophoudt. De messias, wanneer hij komt, zal een zegevierende koning zijn. Gearresteerd en doodgemarteld worden is niet hetzelfde als zegevieren. Na de komst van de messias zullen de paarden, wagens, en de strijdboog worden tenietgedaan vanuit Jeruzalem, dat betekent geen oorlog meer in Jeruzalem. En de messias zal de volken vrede verkondigen, en zijn heerschappij zal zijn van zee tot zee en tot de einden der aarde. Dit was niet bepaald het geval met Jezus; hij is nooit een koning geweest, en hij had helemaal geen heerschappij.
Ten einde dit probleem te omzeilen bedacht het christendom de 'tweede komst'. Maar nergens in de Hebreeuwse bijbel staat het geschreven dat de messias komt, en dan gedood wordt, en dan duizenden jaren later weer komt in een tweede komst. Al de messiaanse profetieen zeggen heel duidelijk dat als de messias komt hij zijn taak gelijk vervult, en niet duizenden jaren later. Ziet u in de bovenstaande profetieen dat er een hiaat van 2000 jaar of meer is tussen de komst van de messias en de verlossing van de vijanden? In de volgende messiaanse profetie van Jeremia kan u zien dat het onmogelijk is om 2000 of meer jaar te plaatsen tussen de komst van de messias en de verlossing:
Jeremia 33:14-16; "Zie, de dagen komen, luidt het woord des HERE, dat ik het goede woord in vervulling zal doen gaan, dat ik over het huis van Juda en het huis van Israel gesproken heb. IN DIE DAGEN EN TE DIEN TIJDE zal ik aan David een spruit der gerechtigheid doen ontspruiten, die naar recht en gerechtigheid in het land zal handelen. IN DIE DAGEN zal Juda verlost worden en Jeruzalem veilig wonen."
Volgens het christendom is de spruit der gerechtigheid al 2000 jaar geleden ontsproten aan David. Maar helaas; er was geen verlossing voor Judah en Jeruzalem woonde niet veilig: 40 jaar na de dood van Jezus, in het jaar 70, werd Jeruzalem totaal verwoest door de romeinen, de tweede tempel werd platgebrand, en het joodse volk verstrooid over de aardbodem. En Jeremia zegt toch heel duidelijk dat ten tijde dat de messias komt, IN DIE DAGEN, dan zal Jeruzalem veilig wonen en zal Juda verlost worden.
Jesaja 11; "En er zal een rijsje voortkomen uit de tronk van Isai, (de vader van koning David) en een scheut uit zijn wortelen zal vrucht dragen. En op hem zal de geest des HERE rusten, de geest van wijsheid en verstand, de geest van raad en sterkte, de geest van kennis en vreze des HERE; ja, zijn lust zal zijn in de vreze des HERE. Hij zal niet richten naar hetgeen zijn ogen zien, noch rechtspreken naar hetgeen zijn oren horen; want hij zal de geringen in gerechtigheid richten, en over de ootmoedigen des lands in billijkheid rechtspreken, maar hij zal de aarde slaan met de roede zijns monds en met de adem zijner lippen de goddeloze doden. Gerechtigheid zal de gordel zijner lenden zijn en trouw de gordel zijner heupen. Dan zal de wolf bij het schaap verkeren en de panter zich nederleggen bij het bokje; het kalf, de jonge leeuw en het mestvee zullen tezamen zijn, en een kleine jongen zal ze hoeden; de koe en de berin zullen samen weiden, haar jongen zullen zich tezamen nederleggen, en de leeuw zal stro eten als het rund; dan zal een zuigeling bij het hol van de adder spelen en naar het nest van een giftige slang zal een gespeend kind zijn hand uitsrekken. Men zal geen kwaad doen noch verderf stichten op gans mijn heilige berg."
Hier hebben we meer van hetzelfde; een messias die de goddelozen zal doden: "hij zal de aarde slaan met de roede zijns monds en met de adem zijner lippen de goddeloze doden", waarna we de betere wereld krijgen; de wolf die bij het schaap verkeert, en de panter die zich neerlegt bij het bokje. Ook voor deze profetie hoef je waarachtig geen atoomgeleerde te zijn om te zien dat hij niet vervuld is door Jezus. Conclusie: Hij was niet de messias.
Eliyahu
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
"Tien mannen uit de volken zullen een Jood bij de mantel grijpen zeggende: Wij willlen met u gaan, want we hebben gehoord dat God met u is." Zach 8:23 |
|
|
ken
|
Geplaatst op 05-02-2012, 15:05 |
Reageer
|
Berichten: 2706
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 04-02-2012, 21:23 Eliyahu schreef:
Hier wat messiaanse profertieen waarvoor je wel blind moet zijn om niet te zien dat ze NIET vervuld zijn door JC:
|
Bedankt voor je reactie.
Ik reageer op wat hoofdpunten.
Mt 15: 12 Toen kwamen de discipelen naar hem toe en zeiden: „Weet gij dat de Farizeeën bij het horen van uw woorden er aanstoot aan hebben genomen?” 13 Hij gaf ten antwoord: „Elke plant die mijn hemelse Vader niet heeft geplant, zal ontworteld worden. 14 LAAT hen maar begaan. Zij zijn blinde gidsen. Indien nu een blinde een blinde leidt, zullen beiden in een kuil vallen.
Jezus toonde aan dat de schriftgeleerden geestelijk blind waren.
Rom 10: 19 Gij zult dan zeggen: „Er werden takken weggebroken opdat ik zou worden geënt.” 20 Heel juist! Om hun ongeloof werden zij weggebroken, maar gij staat door geloof. Heb niet langer hoge ideeën, maar koester vrees. 21 Want indien God de natuurlijke takken niet heeft gespaard, zal hij ook u niet sparen.
Er werden “takken” van het natuurlijke Israël weggebroken en vervangen door geënte scheuten.
|
We zien hier, in het eerste vers van deze messiaanse profetie, dat wanneer de messias komt vanuit Bethlehem, dan zal hij een heerser zijn over Israel.
|
We zien hier, dat Jezus deze en ook andere profetieën heeft vervuld.
Doordat de Joden geestelijk blind waren, zagen zij de tijdslijn in Daniëls profetie over het hoofd, waarin werd aangekondigd dat nà de Romeinse macht, nog een andere macht zou opstaan. Wanneer deze macht vernietigd zou zijn, gaat Jezus vanuit de Hemel over de aarde regeren met een theocratische regering.
Israël is het typologisch koninkrijk verloren door ongehoorzaamheid en kreeg toen geen theocratische koning meer.
|
Gearresteerd en doodgemarteld worden is niet hetzelfde als zegevieren. Na de komst van de messias zullen de paarden, wagens, en de strijdboog worden tenietgedaan vanuit Jeruzalem, dat betekent geen oorlog meer in Jeruzalem.
|
Vermoord door de eigen geloofsgenoten, omdat hij niet naar de pijpen van de blinde gidsen wilde dansen. Vervolgens smeekten zij kwaad over zichzelf af.
Mt 27: 25 Daarop gaf het gehele volk ten antwoord: „Zijn bloed kome over ons en over onze kinderen.”
|
Ten einde dit probleem te omzeilen bedacht het christendom de 'tweede komst'. Maar nergens in de Hebreeuwse bijbel staat het geschreven dat de Messias komt, en dan gedood wordt, en dan duizenden jaren later weer komt in een tweede komst.
|
De Christenheid heeft een tweede komst niet bedacht, ze hebben zelfs zijn onzichtbare wederkomst , inspectie, gemist, omdat ook zij bezig waren met andere dingen, dan geestelijke zaken. Ook hebben zij afgoderij omarmt.
In Jesaja 53:8, 11 wordt zijn dood wel degelijk geprofeteerd.
Zowel Jesaja als Daniël geven eindtijd profetieën. Openbaring vult deze aan. Ook Jezus zelf geeft profetieën, o.a. over de val van Jeruzalem, daarbij is deze gebaseerd op o.a.:
Daniël 11:31 En er zullen strijdkrachten opstaan die uit hem voortkomen; en ze zullen werkelijk het heiligdom, de vesting, ontwijden en het bestendige kenmerk verwijderen. En men zal stellig het walgelijke ding dat verwoesting veroorzaakt, plaatsen.
|
Volgens het christendom is de spruit der gerechtigheid al 2000 jaar geleden ontsproten aan David. Maar helaas; er was geen verlossing voor Judah en Jeruzalem woonde niet veilig: 40 jaar na de dood van Jezus, in het jaar 70, werd Jeruzalem totaal verwoest door de romeinen, de tweede tempel werd platgebrand, en het joodse volk verstrooid over de aardbodem. En Jeremia zegt toch heel duidelijk dat ten tijde dat de messias komt, IN DIE DAGEN, dan zal Jeruzalem veilig wonen en zal Juda verlost worden.
|
Doordat Joden geestelijk blind zijn zien zij de waarheid niet in de vele profetieën, zij hebben hun eigen waarheid.
Je haalt Jer 33:15 aan.
Jer 31:33 „Want dit is het verbond dat ik na die dagen met het huis van Israël zal sluiten”, is de uitspraak van Jehovah. „Ik wil mijn wet in hun binnenste leggen, en in hun hart zal ik ze schrijven. En ik wil hun God worden en zíj zullen mijn volk worden
Helaas hebben zij hem en nu ook zijn zoon verworpen. Omdat de joden massaal weigerden toe te treden tot het nieuwe verbond; het geestelijke Israël, [Openb 7: 4,5] werden de voorrechten verder geopend voor de samaritanen en later voor de bekeerde heidenen.
Openbaring uit een profetie over “Jeruzalem”: Opb 21: 2 Ik zag ook de heilige stad, het Nieuwe Jeruzalem, van God uit de hemel neerdalen, toebereid als een bruid die zich voor haar man versierd heeft.
Er zijn 1.100.000 Joden omgekomen OMDAT zij geen gehoor gaven aan Jezus profetische waarschuwing. Jezus volgelingen reageerden wel en vluchtten overhaast de stad uit en kwamen niet meer terug.
Flavius Josephus heeft beschreven wat er tijdens de bezetting in de stad gebeurde. Er braken onderlinge gevechten uit tussen de Joodse broeders en er volgde terreur. Zo werd ook verhaald dat ouders hun kinderen opaten. Je ziet dan ook dat de theocratie geen voeding meer had in het volk. Aldus werd Mt 27: 25 vervuld
Ook nu hebben de Joden hun vertrouwen niet op JHWH gestelds, maar op hun eigen kracht en op die van Amerika. Ook nu oefenen orthodoxen terreur uit op hun broeders.
Dit bericht is gewijzigd op 05-02 15:24.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Yeshuaiskoning
|
Geplaatst op 25-02-2012, 00:54 |
Reageer
|
Berichten: 302
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Yeshua heeft zeker wel profetiën vervuld. 2 belangrijke punten die joden over het hoofd zien zijn dat, zij het oude verbond VERBOKEN hebben.
Jeremia 11 10 Zij zijn wedergekeerd tot de ongerechtigheden hunner voorvaderen, die Mijn woorden geweigerd hebben te horen; en zij hebben andere goden nagewandeld, om die te dienen; het huis Israëls en het huis van Juda hebben Mijn verbond gebroken, dat Ik met hun vaderen gemaakt heb.
En er moest dus een nieuw verbond komen, anders dan het oude verbond.
Jeremia 31 31 Ziet, de dagen komen, spreekt de HEERE, dat Ik met het huis van Israël en met het huis van Juda een nieuw verbond zal maken; 32 Niet naar het verbond, dat Ik met hun vaderen gemaakt heb, ten dage als Ik hun hand aangreep, om hen uit Egypteland uit te voeren, welk Mijn verbond zij vernietigd hebben, hoewel Ik hen getrouwd had, spreekt de HEERE; 33 Maar dit is het verbond, dat Ik na die dagen met het huis van Israël maken zal, spreekt de HEERE: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn. 34 En zij zullen niet meer, een iegelijk zijn naaste, en een iegelijk zijn broeder, leren, zeggende: Kent den HEERE! want zij zullen Mij allen kennen, van hun kleinste af tot hun grootste toe, spreekt de HEERE; want Ik zal hun ongerechtigheid vergeven, en hunner zonden niet meer gedenken.
Negeert men deze profetieën gewoon of wat? Een nieuw geestelijk verbond waarbij zondes vergeven worden werd voorspeld. Ten tweede werd er geprofeteerd dat de Christus LIJDEN zou. Dat heeft Hij inderdaad gedaan en bij Zijn kruisdood is het nieuwe verbond geïntroduceerd. Hij zal wederkeren en dan zal de rest van de profetieën in vervulling gaan.
Jesaja 42 6 Ik, de HEERE, heb u geroepen in gerechtigheid, en Ik zal u bij uw hand grijpen; en Ik zal u behoeden, en Ik zal u geven tot een verbond des volks, tot een Licht der heidenen.
Jesaja 23 4 Het land treurt, het verwelkt; het aardrijk kweelt, het verwelkt; de hoogsten van het volk des lands kwelen. 5 Want het land is bevlekt vanwege zijn inwoners; want zij overtreden de wetten, zij veranderen de inzettingen, zij vernietigen het eeuwig verbond. 6 Daarom verteert de vloek het land, en die daarin wonen, zullen verwoest worden; daarom zullen de inwoners des lands verbrand worden, en er zullen weinig mensen overblijven.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Ieder die liefheeft is uit God geboren en kent God. 8 Wie niet liefheeft kent God niet, want God is liefde. |
|
|
|
|
|
|
christen2010
|
Geplaatst op 27-02-2012, 19:15 |
Reageer
|
Berichten: 2740
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Lees hier waarom deze Jood zó denkt en spreekt..... Handelingen 7
1 En de hogepriester zeide: Zijn dan deze dingen alzo? 2 En hij zeide: Gij mannen broeders en vaders, hoort toe: de God der heerlijkheid verscheen onzen vader Abraham, nog zijnde in Mesopotamië, eer hij woonde in Charran; 3 En zeide tot hem: Ga uit uw land en uit uw maagschap, en kom in een land, dat Ik u wijzen zal. 4 Toen ging hij uit het land der Chaldeeën, en woonde in Charran. En van daar, nadat zijn vader gestorven was, bracht Hij hem over in dit land, daar gij nu in woont. 5 En Hij gaf hem geen erfdeel in hetzelve, ook niet een voetstap; en beloofde, dat Hij hem het zelve tot een bezitting geven zou, en zijn zade na hem, als hij nog geen kind had. 6 En God sprak alzo, dat zijn zaad vreemdeling zijn zoude in een vreemd land, en dat zij het zouden dienstbaar maken, en kwalijk handelen, vierhonderd jaren. 7 En het volk, dat zij dienen zullen, zal Ik oordelen, sprak God; en daarna zullen zij uitgaan, en zij zullen Mij dienen in deze plaats. 8 En Hij gaf hem het verbond der besnijdenis; en alzo gewon hij Izak, en besneed hem op den achtsten dag; en Izak gewon Jakob, en Jakob de twaalf patriarchen. 9 En de patriarchen, nijdig zijnde, verkochten Jozef, om naar Egypte gebracht te worden; en God was met hem, 10 En verloste hem uit al zijn verdrukkingen, en gaf hem genade en wijsheid voor Farao, den koning van Egypteland; en hij stelde hem tot een overste over Egypte, en zijn gehele huis. 11 En er kwam een hongersnood over het gehele land van Egypte en Kanaän, en grote benauwdheid; en onze vaders vonden geen spijs. 12 Maar als Jakob hoorde, dat in Egypte koren was, zond hij onze vaders de eerste maal uit. 13 En in de tweede reize werd Jozef zijn broederen bekend; en het geslacht van Jozef werd aan Farao openbaar. 14 En Jozef zond heen, en ontbood zijn vader Jakob, en al zijn geslacht, bestaande in vijf en zeventig zielen. 15 En Jakob kwam af in Egypte, en stierf, hijzelf en onze vaders. 16 En zij werden overgebracht naar Sichem, en gelegd in het graf, hetwelk Abraham gekocht had voor een som gelds, van de zonen van Emmor, den vader van Sichem. 17 Maar als nu de tijd der belofte, die God aan Abraham gezworen had, genaakte, wies het volk en vermenigvuldigde in Egypte; 18 Totdat een ander koning opstond, die Jozef niet gekend had. 19 Deze gebruikte listigheid tegen ons geslacht, en handelde kwalijk met onze vaderen, zodat zij hun jonge kinderen moesten wegwerpen, opdat zij niet zouden voorttelen. 20 In welken tijd Mozes werd geboren, en was uitnemend schoon; welke drie maanden opgevoed werd in het huis zijns vaders. 21 En als hij weggeworpen was, nam hem de dochter van Farao op, en voedde hem voor zichzelve op tot een zoon. 22 En Mozes werd onderwezen in alle wijsheid der Egyptenaren; en was machtig in woorden en in werken. 23 Als hem nu de tijd van veertig jaren vervuld was, kwam hem in zijn hart, zijn broeders, de kinderen Israëls, te bezoeken. 24 En ziende een, die onrecht leed, beschermde hij hem, en wreekte dengene, dien overlast geschiedde, en versloeg den Egyptenaar. 25 En hij meende, dat zijn broeders zouden verstaan, dat God door zijn hand hun verlossing geven zou; maar zij hebben het niet verstaan. 26 En den volgenden dag werd hij van hen gezien, daar zij vochten; en hij drong ze tot vrede, zeggende: Mannen, gij zijt broeders; waarom doet gij elkander ongelijk? 27 En die zijn naaste ongelijk deed, verstiet hem, zeggende: Wie heeft u tot een overste en rechter over ons gesteld? 28 Wilt gij mij ook ombrengen, gelijkerwijs gij gisteren den Egyptenaar omgebracht hebt? 29 En Mozes vluchtte op dat woord en werd een vreemdeling in het land Madiam, waar hij twee zonen gewon. 30 En als veertig jaren vervuld waren, verscheen hem de Engel des Heeren, in de woestijn van den berg Sinaï, in een vlammig vuur van het doornenbos. 31 Mozes nu, dat ziende, verwonderde zich over het gezicht; en als hij derwaarts ging, om dat te bezien, zo geschiedde een stem des Heeren tot hem, 32 Zeggende: Ik ben de God uwer vaderen, de God Abrahams, en de God Izaks, en de God Jakobs. En Mozes werd zeer bevende, en durfde het niet bezien. 33 En de Heere zeide tot hem: Ontbind de schoenen van uw voeten; want de plaats in welke gij staat, is heilig land. 34 Ik heb merkelijk gezien de mishandeling Mijns volks, dat in Egypte is, en Ik heb hun zuchten gehoord en ben nedergekomen, om hen daaruit te verlossen; en nu, kom herwaarts, Ik zal u naar Egypte zenden. 35 Dezen Mozes, welken zij verloochend hadden, zeggende: Wie heeft u tot een overste en rechter gesteld? dezen, zeg ik, heeft God tot een overste en verlosser gezonden, door de hand des Engels, Die hem verschenen was in het doornenbos. 36 Deze heeft hen uitgeleid, doende wonderen en tekenen in het land van Egypte, en in de Rode zee, en in de woestijn, veertig jaren. 37 Deze is de Mozes, die tot de kinderen Israëls gezegd heeft: De Heere, uw God, zal u een Profeet verwekken uit uw broederen, gelijk mij; Dien zult gij horen. 38 Deze is het, die in de vergadering des volks in de woestijn was met den Engel, Die tot hem sprak op den berg Sinaï, en met onze vaderen; welke de levende woorden ontving, om ons die te geven. 39 Denwelken onze vaders niet wilden gehoorzaam zijn, maar verwierpen hem, en keerden met hun harten weder naar Egypte; 40 Zeggende tot Aäron: Maak ons goden, die voor ons heengaan; want wat dezen Mozes aangaat, die ons uit het land van Egypte geleid heeft, wij weten niet, wat hem geschied is. 41 En zij maakten een kalf in die dagen, en brachten offerande tot den afgod, en verheugden zich in de werken hunner handen. 42 En God keerde Zich, en gaf hen over, dat zij het heir des hemels dienden, gelijk geschreven is in het boek der profeten: Hebt gij ook slachtofferen en offeranden Mij opgeofferd, veertig jaren in de woestijn, gij huis Israëls? 43 Ja, gij hebt opgenomen den tabernakel van Moloch, en het gesternte van uw god Remfan, de afbeeldingen, die gij gemaakt hebt, om die te aanbidden; en Ik zal u overvoeren op gene zijde van Babylon. 44 De tabernakel der getuigenis was onder onze vaderen in de woestijn, gelijk geordineerd had Hij, Die tot Mozes zeide, dat hij denzelven maken zou naar de afbeelding, die hij gezien had; 45 Welken ook onze vaders ontvangen hebbende, met Jozua gebracht hebben in het land, dat de heidenen bezaten, die God verdreven heeft van het aangezicht onzer vaderen, tot de dagen van David toe; 46 Dewelke voor God genade gevonden heeft, en begeerd heeft te vinden een woonstede voor den God Jakobs. 47 En Salomo bouwde Hem een huis. 48 Maar de Allerhoogste woont niet in tempelen met handen gemaakt; gelijk de profeet zegt: 49 De hemel is Mij een troon, en de aarde een voetbank Mijner voeten. Hoedanig huis zult gij Mij bouwen, zegt de Heere, of welke is de plaats Mijner ruste? 50 Heeft niet Mijn hand al deze dingen gemaakt? 51 Gij hardnekkigen en onbesnedenen van hart en oren, gij wederstaat altijd den Heiligen Geest; gelijk uw vaders, alzo ook gij. 52 Wien van de profeten hebben uw vaders niet vervolgd? En zij hebben gedood degenen, die te voren verkondigd hebben de komst des Rechtvaardigen, van Welken gijlieden nu verraders en moordenaars geworden zijt. 53 Gij, die de wet ontvangen hebt door bestellingen der engelen, en hebt ze niet gehouden! 54 Als zij nu dit hoorden, berstten hun harten, en zij knersten de tanden tegen hem. 55 Maar hij, vol zijnde des Heiligen Geestes, en de ogen houdende naar den hemel, zag de heerlijkheid Gods, en Jezus, staande ter rechter hand Gods. 56 En hij zeide: Ziet, ik zie de hemelen geopend, en den Zoon des mensen, staande ter rechter hand Gods. 57 Maar zij, roepende met grote stemme, stopten hun oren, en vielen eendrachtelijk op hem aan;
» meer 58 En wierpen hem ter stad uit, en stenigden hem; en de getuigen legden hun klederen af aan de voeten eens jongelings, genaamd Saulus. 59 En zij stenigden Stefanus, aanroepende en zeggende: Heere Jezus, ontvang mijn geest. 60 En vallende op de knieën, riep hij met grote stem: Heere, reken hun deze zonde niet toe! En als hij dat gezegd had, ontsliep hij.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
God is: God, Jezus Christus, Heilige Geest! |
|
|
|
|
Eliyahu
|
Geplaatst op 28-02-2012, 06:14 |
Reageer
|
Berichten: 668
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 25-02-2012, 00:54 Yeshuaiskoning schreef:
Yeshua heeft zeker wel profetiën vervuld. 2 belangrijke punten die joden over het hoofd zien zijn dat, zij het oude verbond VERBOKEN hebben.
Jeremia 11 10 Zij zijn wedergekeerd tot de ongerechtigheden hunner voorvaderen, die Mijn woorden geweigerd hebben te horen; en zij hebben andere goden nagewandeld, om die te dienen; het huis Israëls en het huis van Juda hebben Mijn verbond gebroken, dat Ik met hun vaderen gemaakt heb.
|
Bs'd
En wat zegt God daarvan wat er gebeurt als de joden het verbond verbreken?
Wanneer de joden afdwalen zal God ze straffen. (Leviticus 26:14-17) En als ze dan nog niet luisteren, zal God ze zeven maal harder straffen. (Idem:18:22) En als ze dan nog steeds niet luisteren, zal God ze nog eens zeven maal harder straffen. (Idem:23-24) En als ze dan nog steeds niet luisteren en zich blijven verzetten zal God ze nog zeven maal harder straffen. (Idem:27-28) Maar ondanks dit alles zal God Zijn verbond met het joodse volk niet verbreken: Leviticus 26:44-45; "Maar ook zelfs, wanneer zij in het land hunner vijanden zijn, versmaad Ik hen niet en heb Ik geen afkeer van hen, zodat Ik hen zou vernietigen en mijn verbond met hen verbreken: want Ik ben J-H-W-H hun God. Maar ik zal hun ten goede gedenken het verbond met hun voorvaderen, die Ik voor de ogen der volken uit het land Egypte heb geleid, om hun tot een God te zijn, Ik ben J-H-W-H."
|
En er moest dus een nieuw verbond komen, anders dan het oude verbond.
|
Er hoeft geen nieuw verbond te komen, want God zal het oude nooit verbreken.
Jeremia 31 31 Ziet, de dagen komen, spreekt J-H-W-H dat Ik met het huis van Israël en met het huis van Juda een nieuw verbond zal maken; 32 Niet naar het verbond, dat Ik met hun vaderen gemaakt heb, ten dage als Ik hun hand aangreep, om hen uit Egypteland uit te voeren, welk Mijn verbond zij vernietigd hebben, hoewel Ik hen getrouwd had, spreekt J-H-W-H; 33 Maar dit is het verbond, dat Ik na die dagen met het huis van Israël maken zal, spreekt J-H-W-H: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn. 34 En zij zullen niet meer, een iegelijk zijn naaste, en een iegelijk zijn broeder, leren, zeggende: Kent J-H-W-H! want zij zullen Mij allen kennen, van hun kleinste af tot hun grootste toe, spreekt J-H-W-H; want Ik zal hun ongerechtigheid vergeven, en hunner zonden niet meer gedenken.
|
Dus wat is het nieuwe verbond? "Maar dit is het verbond, dat Ik na die dagen met het huis van Israël maken zal, spreekt J-H-W-H: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn."
Het nieuwe verbond is dat Gods wetten voortaan in het hart geschreven staan.
Maar het zijn dezelfde wetten. Het oude verbond in een nieuw jasje.
Het tijdperk van vrije wil zal dan over zijn, en iedereen zal dan God kennen.
En aangezien het nu nog steeds niet zo is dat niemand zijn naaste hoeft te leren over God, weten we dus dat dat nieuwe verbond er nog steeds niet is. En dat de messias dus nog niet gekomen is.
Negeert men deze profetieën gewoon of wat? Een nieuw geestelijk verbond waarbij zondes vergeven worden werd voorspeld. Ten tweede werd er geprofeteerd dat de Christus LIJDEN zou.
|
Dat gedeelte dat de messias zou lijden dat heb ik even gemist. Waar staat dat?
Jesaja 42 6 Ik, de HEERE, heb u geroepen in gerechtigheid, en Ik zal u bij uw hand grijpen; en Ik zal u behoeden, en Ik zal u geven tot een verbond des volks, tot een Licht der heidenen.
|
Een uittreksel van deze page: https://sites.google.com/site/777mountzion/jesaja53
Het sterkste bewijs dat de lijdende knecht van God in Jesaja het volk Israel is is Jesaja 42. De eerste verzen van dit hoofdstuk worden geclaimd door het NT als zijnde een messiaanse profetie die vervuld is door Jezus, omdat het ook spreekt over de knecht van God. Zie Matteus 12:16-21; “En Hij verbood hun ten strengste Hem bekend te maken, Opdat vervuld zou worden het woord, gesproken door de profeet Jesaja, toen hij zeide: Zie, mijn knecht, die Ik verkoren heb, mijn geliefde, in wie mijn ziel een welbehagen heeft; Ik zal mijn Geest op Hem leggen en Hij zal de heidenen het oordeel verkondigen. Hij zal niet twisten of schreeuwen, en niemand zal op de pleinen zijn stem horen. Het geknakte riet zal Hij niet verbreken en de walmende vlaspit zal Hij niet uitdoven, voordat Hij het oordeel tot overwinning heeft gebracht. En op zijn naam zullen de heidenen hopen.”
Dit is een citatie van Jesaja 42 die door het NT toegepast wordt op Jezus. Maar leest u nu eens het hele hoofdstuk van Jesaja 42, en niet een klein stukje uit zijn verband gerukte tekst, en dan zal u zien dat het hele hoofdstuk spreekt over de knecht van God, u zal zien wie die knecht is, en u zal zien dat die knecht onmogelijk Jezus kan zijn:
Jesaja 42: “Zie, mijn knecht, die Ik ondersteun; mijn uitverkorene, in wie Ik een welbehagen heb. Ik heb mijn Geest op hem gelegd: hij zal de volken het recht openbaren. Hij zal niet schreeuwen noch zijn stem verheffen, noch die op de straat doen horen. Het geknakte riet zal hij niet verbreken en de kwijnende vlaspit zal hij niet uitdoven; naar waarheid zal hij het recht openbaren. Hij zal niet kwijnen en niet geknakt worden, tot hij op aarde het recht zal hebben gebracht; en op zijn wetsonderricht zullen de kustlanden wachten. Zo zegt God, de Here, die de hemel schiep en hem uitspande; die de aarde uitbreidde met alles wat daaruit ontsproot; die aan de mensen die daarop wonen, de adem gaf en de geest aan hen die daarop wandelen: Ik, de Here, heb u geroepen in gerechtigheid, uw hand gevat, u behoed en u gesteld tot een verbond voor het volk, tot een licht der natien: Om blinde ogen te openen, om gevangenen uit de kerker te leiden, uit de gevangenis wie in duisternis gezeten zijn. Ik ben de Here, dat is mijn naam, en mijn eer zal Ik aan geen ander geven noch mijn lof aan de gesneden beelden. Het vroegere, zie, het is gekomen, en nieuwe dingen kondig Ik u aan; voordat zij uitspruiten, doe Ik ze u horen. Zingt de Here een nieuw lied, zijn lof van het einde der aarde, gij die de zee bevaart en haar volheid; gij kustlanden en hun bewoners. Laten zij de Here eer geven en zijn lof in de kustlanden vermelden. De Here trekt uit als een held; als een krijgsman doet Hij de strijdlust ontbranden; Hij heft de strijdkreet aan, ja schreeuwt die uit; Hij betoont Zich een held tegen zijn vijanden. Ik heb van oudsher gezwegen, Ik heb gezwegen en Mij ingehouden; nu zal Ik schreeuwen als een barende vrouw; Ik zal snuiven en hijgen tegelijk. Ik zal bergen en heuvels verschroeien en al hun gewas zal Ik doen verdorren; Ik zal rivieren tot land maken en plassen zal Ik doen opdrogen. Zij zullen terugdeinzen en diep beschaamd worden, die op gesneden beelden vertrouwen; die tot gegoten beelden zeggen: Gij zijt onze goden. Gij doven, hoort, en gij blinden, slaat uw ogen op om te zien. Wie is er blind dan mijn knecht en doof als de bode die Ik zend? Wie is er blind als de volmaakte en blind als de knecht des Heren? Gij hebt wel veel gezien, maar gij hieldt het niet in gedachtenis; gij hebt de oren wel open gehad, maar gij hebt niet gehoord. De Here had er behagen in ter wille van zijn gerechtigheid een grote, heerlijke onderwijzing te geven. Maar dit is een volk, beroofd en uitgeplunderd; men heeft hen allen in kerkerholen geboeid, in gevangenissen zijn zij weggeborgen; zij werden ten roof en er was geen redder; tot plundering en er was niemand die zeide: Geef terug. Wie onder u neemt dit ter ore, schenkt er aandacht aan en luistert in het vervolg? Wie heeft Jakob tot plundering overgegeven en Israel aan berovers? Is het niet de Here, tegen wie wij gezondigd hebben, op wiens wegen zij niet hebben willen gaan, en naar wiens wet zij niet geluisterd hebben? Daarom stortte Hij de grimmigheid van zijn toorn over hen uit en het geweld van de oorlog. Dat zette hen rondom in vlam, maar zij sloegen er geen acht op; ja, het stak hen in brand, maar zij namen het niet ter harte.”
Zelfs een blinde kan hier zien dat het onmogelijk is om vol te blijven houden dat de knecht Jezus is. “Gij doven, hoort, en gij blinden, slaat uw ogen op om te zien. Wie is er blind dan mijn knecht en doof als de bode die Ik zend? Wie is er blind als de volmaakte en blind als de knecht des Heren?”
Volgens het NT was Jezus niet doof en blind.
De knecht van God in Jesaja 42 is wel doof en blind.
Conclusie: Jezus is niet de knecht des Heren uit Jesaja 42.
Conclusie: Het NT is gebaseerd op foute veronderstellingen.
Hier in Jesaja 42 wordt letterlijk verteld wie de knecht van God wel is: Wie is er blind als de volmaakte en blind als de knecht des Heren? Gij hebt wel veel gezien, maar gij hieldt het niet in gedachtenis; gij hebt de oren wel open gehad, maar gij hebt niet gehoord. De Here had er behagen in ter wille van zijn gerechtigheid een grote, heerlijke onderwijzing te geven. Maar dit is een volk, beroofd en uitgeplunderd; men heeft hen allen in kerkerholen geboeid, in gevangenissen zijn zij weggeborgen; zij werden ten roof en er was geen redder; tot plundering en er was niemand die zeide: Geef terug. Wie onder u neemt dit ter ore, schenkt er aandacht aan en luistert in het vervolg? Wie heeft Jakob tot plundering overgegeven en Israel aan berovers? Is het niet de Here, tegen wie wij gezondigd hebben, op wiens wegen zij niet hebben willen gaan, en naar wiens wet zij niet geluisterd hebben? Daarom stortte Hij de grimmigheid van zijn toorn over hen uit en het geweld van de oorlog. Dat zette hen rondom in vlam, maar zij sloegen er geen acht op; ja, het stak hen in brand, maar zij namen het niet ter harte.”
Waar de NBG vertaling zegt: “Maar dit is een volk” daar staat geschreven in het hebreeuws: Wehoe am bazoez wesjasoej. Dat is letterlijk vertaald: En HIJ is een beroofd en geplunderd volk. De hij wijst naar de knecht in de voorgaande verzen. De volgende verzen identificeren de knecht als het volk Israel: “Wie heeft Jakob tot plundering overgegeven en Israel aan berovers?”
De nederlandse bijbelvertalers hebben overigens nogal wat moeite met het vertalen van de laatste zin van hoofdstuk 42. De nieuwe vertaling, de staten vertaling, de lutherse vertaling en de leidse vertaling geven deze laatste zin allemaal in het meervoud: "Daarom stortte Hij de grimmigheid van zijn toorn over hen uit en het geweld van de oorlog. Dat zette hen rondom in vlam, maar zij sloegen er geen acht op; ja, het stak hen in brand, maar zij namen het niet ter harte.”
En dit is dus FOUT. Het moet dus zijn: "Daarom stortte Hij de grimmigheid van zijn toorn over hem uit en het geweld van de oorlog. Dat zette hem rondom in vlam, maar hij sloeg er geen acht op; ja, het stak hem in brand, maar hij nam het niet ter harte.” Ik heb maar 1 nederlandse vertaling kunnen vinden die dit vers vertaald op de juiste manier, en dat is de nieuwe wereld vertaling van de J-H-V-H getuigen. Er kunnen hiervoor twee verklaringen zijn: A: De vertalers konden niet zo goed hebreeuws, en B: Men wilde de aandacht afleiden van het feit dat de "hij" wijst naar de knecht van God, die op deze wijze dus heel duidelijk geidentificeerd wordt als het volk Israel. Maak uw keus.
Toevoeging: De recentelijk uitgekomen Naardense Vertaling geeft het eind van Jesaja 42 ook goed weer in het enkelvoud, verwijzend naar de knecht, die gestraft wordt voor de zonden van Israel:
"Wie heeft Jakob aan plundering prijsgegeven, Israël aan rovers?, is het niet de Ene?- tegen wie wij hebben gezondigd, in wiens wegen zij niet hebben willen gaan en naar wiens Wet zij niet hebben gehoord Dus goot hij over hem uit het gif van zijn toorn en het geweld van een oorlog,- verzengde hem van rondom maar hij onderkende het niet, hij stak hem in brand maar hij nam het niet ter harte!"
Hier gebeurt dus precies hetzelfde als in Jesaja 53, de knecht van God wordt gestraft voor de zonden van het volk Israel. Alleen hier in Jesaja 42 is het wel HEEL duidelijk dat de knecht het volk Israel is.
Jammer genoeg geeft de ook recentelijk uitgekomen Nieuwe Bijbel Vertaling deze verzen nog steeds foutief in het meervoud.
Maar de vertaler van de Naardense Vertaling, de christelijke dominee Oussoren, geeft dan ook toe dat Jesaja met de lijdende knecht het volk Israel bedoelt. Hij zegt letterlijk: „In het Oude Testament wordt de verwachting van de Messias gewekt. Veel staat echter nog open. Met de lijdende knecht des Heeren is waarschijnlijk het Joodse volk bedoeld, maar misschien de Messias. Jezus rijst niet vanzelfsprekend op uit het OT. Dat Hij de Messias is, is een zaak van geloven en belijden, toen en nu.” Deze opmerking maakte hij in een interview van het Reformatisch Dagblad, wat hier te vinden is: Ds Oussoren
We zien dus dat in Jesaja 41:8-9, dat is slechts twintig verzen voor het begin van hoofdstuk 42 waarvan het NT claims dat het over de messias gaat, dat daar de "knecht van God" overduidelijk ISRAEL is: "Maar gij, Israël, mijn knecht, Jakob, die Ik verkoren heb, nakroost van mijn vriend Abraham, gij, die Ik gegrepen heb van de einden der aarde en geroepen uit haar uithoeken, tot wie Ik zeide: Gij zijt mijn knecht, Ik heb u verkoren en u niet versmaad".
We zien ook dat in Jesaja 42:18-25, slechts veertien verzen na het begin van hoofdstuk 42 waarvan het NT claims dat het over de messias gaat, dat daar de "knecht van God" overduidelijk ISRAEL is.
Dus de christelijke claim is niet alleen nergens op gebaseerd, maar gaat ook nog is in tegen de letterlijke tekst van Jesaja en de contekst.
Kan iemand zich voorstellen dat de christenen blijven volhouden dat de knecht van God in Jesaja 42 Jezus is?
Eliyahu, licht der volkeren
Dit bericht wordt u toegestuurd vanaf de berg Zion te Jeruzalem, Israel.
"Want uit Sion zal de wet uitgaan en het woord van J-H-W-H uit Jeruzalem." Jes 2:3, Micha 4:2
"Alzo zegt J-H-W-H der heerscharen: Het zal in die dagen geschieden, dat tien mannen, uit allerlei tongen der heidenen, grijpen zullen, ja, de slip grijpen zullen van een Joodse man, zeggende: Wij zullen met u gaan, want wij hebben gehoord, dat God met u is." Zach 8:23
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
"Tien mannen uit de volken zullen een Jood bij de mantel grijpen zeggende: Wij willlen met u gaan, want we hebben gehoord dat God met u is." Zach 8:23 |
|
|
Eliyahu
|
Geplaatst op 28-02-2012, 06:22 |
Reageer
|
Berichten: 668
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 27-02-2012, 19:54 christen2010 schreef:
Jesaja 40 geeft prachtig weer dat De Heere, Dezelfde Autoriteit en Macht en Wijsheid heeft als GOD, ook hier de IK BEN van eeuwigheid!
|
Bs'd
???????????????????????????
De HEERE, zoals de statenvertaling het weergeeft, staat voor J-H-W-H in de grondtekst.
En J-H-W-H die is natuurlijk God. De enig ware God die ÉÉN is. De enig ware God buiten wie er geen ander is.
Dus jou "Heere" heeft niet dezelfde macht, autoriteit en wijsheid als God, maar Hij IS de enige God.
Eliyahu, licht der volkeren
Dit bericht wordt u toegestuurd vanaf de berg Zion te Jeruzalem, Israel.
"Want uit Sion zal de wet uitgaan en het woord van J-H-W-H uit Jeruzalem." Jes 2:3, Micha 4:2
"Alzo zegt J-H-W-H der heerscharen: Het zal in die dagen geschieden, dat tien mannen, uit allerlei tongen der heidenen, grijpen zullen, ja, de slip grijpen zullen van een Joodse man, zeggende: Wij zullen met u gaan, want wij hebben gehoord, dat God met u is." Zach 8:23
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
"Tien mannen uit de volken zullen een Jood bij de mantel grijpen zeggende: Wij willlen met u gaan, want we hebben gehoord dat God met u is." Zach 8:23 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|