Op 03-05-2011, 08:42ken schreef:
[...]Jesaja 2:3 En vele volken zullen stellig heengaan en zeggen: „Komt, en laten wij opgaan naar de berg van Jehovah, naar het huis van de God van Jakob; en hij zal ons onderrichten omtrent zijn wegen, en wij willen zijn paden bewandelen.” Want uit Sion zal de wet uitgaan, en het woord van Jehovah uit Jeruzalem.
Openbaring 21: 2 Ik zag ook de heilige stad, het Nieuwe Jeruzalem, van God uit de hemel neerdalen, toebereid als een bruid die zich voor haar man versierd heeft. 3 Toen hoorde ik een luide stem, afkomstig van de troon, zeggen: „Zie! De tent van God is bij de mensen, en hij zal bij hen verblijven, en zij zullen zijn volken zijn. En God zelf zal bij hen zijn. 4 En hij zal elke traan uit hun ogen wegwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch geschreeuw, noch pijn zal er meer zijn. De vroegere dingen zijn voorbijgegaan.”
Bs'd
Het NT is leugen en bedrog, zie hier hoe het NT met de tekst van de hebreeuwse bijbel omgaat:
Het NT brengt OT profetieen waarvan het beweerd dat ze messiaans zijn en vervuld zijn door JC.
Laten we eens een wat nadere blik werpen op deze profetieen.
De eerste vinden we in Matt 1:21; “Zij zal een zoon baren en gij zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden. Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zeide:
Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuël geven, hetgeen betekent: God met ons.”
Deze profetie is te vinden in Jesaja 7:14; “Daarom zal de Here zelf u een teken geven: Zie, de jonkvrouw zal zwanger worden en een zoon baren; en zij zal hem de naam Immanuël geven.”
We zien hier dat in Jesaja gesproken word over een jonge vrouw, en niet over een maagd. Het is natuurlijk heel wat normaler dat een jonge vrouw zwanger wordt dan dat een maagd zwanger wordt. Maar de profeet Jesaja spreekt duidelijk over een jonge vrouw en niet over een maagd. Daarom geeft het Nieuwe Testament deze profetie vekeerd weer. De Staten Vertaling zegt in Jesaja 7:14 maagd, maar dit is een foutieve vertaling. Het Hebreeuwse woord in Jesaja 7:14 dat de Staten Vertaling vertaalt als maagd is almah. In het Hebreeuws betekent almah meisje, jonge vrouw, dat kan een maagd zijn, maar het hoeft niet. Daarom is het woord maagd in Jesaja 7:14 een verkeerde vertaling. Het Hebreeuwse woord voor maagd is betulah, dat woord is bijvoorbeeld gebruikt wanneer de heilige Thora spreekt over Rebecca in Genesis 24:16 "… een maagd, met wie geen man gemeenschap had gehad."
Dit feit is erkend door vele christelijke bijbelvertalers, bijvoorbeeld "The New English Bible", "The Good News Bible", and "The Revised Standard Version" hebben dit vers op de juiste wijze vertaald, en niet als een maagd. De nederlandse Nieuwe Wereld Vertaling vertaald almah met meisje, en de Leidsche
Vertaling en de Prof. Obbink vertaling vertalen almah in Jesaja 7:14 met jonge vrouw.
Dus het Nieuwe Testament heeft het Oude Testament verkeerd geciteerd.
In het Oude Testament is nergens een profetie te vinden dat de messias geboren zal worden uit een maagd. In feite, nergens in het Oude Testament baart een maagd een kind. Dit concept is alleen te vinden in de heidense mythologie.
En als we kijken naar deze tekst in de juiste context, wanneer we het hele hoofdstuk Jesaja 7 lezen, dan zien we dat deze tekst niet verwijst naar de komst van de messias. Dit hoofdstuk vertelt over G.d die een teken geeft aan Achaz, dat hij rust zal hebben in zijn dagen.
Dit hoofdstuk heeft totaal niets te maken met de messias.
Deze feiten worden toegegeven door de christelijke dr Talstra, prof Oud Testament aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij verwaardige zich een reactie te schrijven op mijn homepage, en daarin schrijft hij o.a. het volgende: "Wat betreft het citaat van Jes. 7,14 in Mth. 1,22 heeft Silver eenvoudig gelijk: het Hebreeuws heeft: 'jonge vrouw', de Mth. tekst heeft 'parthenos': maagd. Geen exegeet zal dat tegenspreken."
En ook: "Vervolgens: ook christelijke oudtestamentici zullen zeggen dat Jes. 7 gaat over een prins uit de lijn van David ergens in de 8e eeuw v. Chr. Dat is wat de tekst beschrijft."
Voor de hele verhandeling van prof dr Talstra, zie hier:
Matt 2:14-15; “Hij stond op en hij nam in de nacht het kind en zijn moeder en week uit naar Egypte, en daar bleef hij tot de dood van Herodes, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zeide: Uit Egypte heb Ik mijn Zoon geroepen.”
Hier wordt een tekst uit Hosea 11:1 die zegt “Uit Egypte heb Ik mijn Zoon geroepen” toegepast op de messias.
Maar laten we is kijken WIE de “zoon van God” is in het OT: “Dan zult gij tot Farao zeggen: Zo zegt de HERE: Israël is mijn eerstgeboren zoon; daarom zeg Ik u: laat mijn zoon gaan, opdat hij Mij diene; zoudt gij echter weigeren hem te laten gaan, dan zal Ik uw eerstgeboren zoon doden.” Ex 4:22
Dat is duidelijke taal. En ook in Hosea 11:1 spreekt het OVERDUIDELIJK over Israel, dat door God uitgeleidt is uit de verdrukking in Egypte: “Toen Israël een kind was, heb Ik het liefgehad, en uit Egypte heb Ik mijn zoon geroepen.”
Lees aub Hosea hoofdstuk 10 en 11, en zie dat het constant over Israel gaat, en niet over de messias.
Wat het NT doet hier is is een stuk tekst uit zijn verband rukken en aan ons presenteren als zijnde een messiaanse profetie.
Wat het dus overduidelijk NIET is.
Volgende OT profetie, zoals geciteerd door het NT:
Matt 2:16; “Toen Herodes zag, dat hij door de wijzen misleid was, ontstak hij in hevige toorn en zond bevel om in Betlehem en het gehele gebied daarvan al de jongens van twee jaar oud en daar beneden om te brengen, in overeenstemming met de tijd, die hij bij de wijzen had uitgevorst. Toen werd vervuld het woord, gesproken door de profeet Jeremia, toen hij zeide:
Een stem is te Rama gehoord, geween en veel geklaag: Rachel, wenend om haar kinderen, weigert zich te laten troosten, omdat zij niet meer zijn.”
Hier claimt het NT dat Jer 31:15 spreekt over een slachting van kinderen, plaatsvindend in de dagen van de geboorte van de messias.
Leest u hier nu is wat er daar werkelijk loos is: Jer 31:10-21; “Hoort het woord des HEREN, o volken, verkondigt het in verre kustlanden en zegt: Hij, die Israël verstrooide, zal het verzamelen en het behoeden als een herder zijn kudde. Want de HERE maakt Jakob vrij en verlost hem uit de macht van wie sterker is dan hij. Zo komen zij jubelend op de hoogte van Sion en stromen toe naar het goede des HEREN, naar koren, most en olie, naar schapen en runderen; hun ziel zal zijn als een besproeide hof, zij zullen nooit meer versmachten. Dan verheugt zich het meisje in de reidans, jongelingen en grijsaards tezamen. Ik verander hun rouw in vreugde. Ik troost en verblijd hen na hun smart. Ik laaf de ziel der priesters met het vette en mijn volk wordt met het goede van Mij verzadigd, luidt het woord des HEREN.
Zo zegt de HERE: Hoor, te Rama klinkt een klacht, bitter geween: Rachel weent om haar kinderen, zij weigert zich te laten troosten over haar kinderen, omdat er geen meer is. Zo zegt de HERE: Weerhoud uw stem van wenen, uw ogen van tranen; want er is loon voor uw arbeid, luidt het woord des HEREN, zij zullen terugkeren uit het land van de vijand. Ja, er is hoop voor uw toekomst, luidt het woord des HEREN, de kinderen zullen naar hun gebied terugkeren.
Ik heb werkelijk Efraïm horen klagen: Gij hebt mij getuchtigd, als een ongetemd kalf werd ik getuchtigd; bekeer mij, dan zal ik mij bekeren, want Gij, HERE, zijt mijn God. Want nadat ik tot inkeer ben gekomen, heb ik berouw gekregen; nadat ik tot inzicht gekomen ben, heb ik mij op de heup geslagen; ik ben beschaamd, ja, ook te schande geworden, want ik heb de smaad van mijn jeugd gedragen. Is Efraïm Mij een lievelingszoon, een troetelkind, dat Ik, zo vaak als Ik van hem spreek, gedurig weder aan hem denken moet? Daarom is mijn binnenste over hem ontroerd, Ik zal Mij zeker over hem ontfermen, luidt het woord des HEREN. Richt u merkstenen op, zet u wegwijzers neer, zet uw hart op de heerbaan, de weg die gij gaat; keer terug, jonkvrouw Israëls, keer terug naar uw steden hier!”
Zoals iedereen kan zien, dit gaat over het volk Israel dat in ballingschap is gegaan, en waarvan God zegt dat het weer zal terugkeren naar het land Israel.
Weer een tekst die niets met het vermoorden van kinderen in de dagen van de messias van doen heeft die door het NT uit zijn verband gerukt wordt en aan ons gepresenteerd wordt als zijnde een messiaanse profetie.
Volgende OT profetie, zoals geciteerd door het NT:
Matt 2:22; “En van Godswege in de droom gewaarschuwd, ging hij naar het gebied van Galilea, en, daar gekomen, vestigde hij zich in een stad, genaamd Nazaret, opdat in vervulling zou gaan hetgeen door de profeten gesproken is, dat Hij Nazoreeër zou heten.”
Met deze profetie zijn we gauw klaar, want je kan het hele OT van begin tot eind doorlezen, en er is NERGENS een profetie te vinden dat de messias in Nazereth zou moeten wonen of dat hij “een Nazoreer zou heten”.
Dus het NT geeft ook al niet bestaande OT profetieen.
Volgende OT profetie, zoals geciteerd door het NT:
Matt 27: "6 De overpriesters namen de zilverlingen en zeiden: Wij mogen die niet in de offerkist doen, want het is bloedgeld. 7 En zij namen het besluit daarvoor het land van de pottenbakker te kopen als begraafplaats voor de vreemdelingen. 8 Daarom heet dat land Bloedakker, tot heden toe. 9 Toen werd vervuld hetgeen gesproken is door de profeet Jeremia, toen hij zeide: En zij namen de dertig zilverlingen, de geschatte waarde van de geschatte, die zij geschat hadden van de kinderen Israëls, 10 en gaven die voor het land van de pottenbakker, gelijk de Here mij had opgedragen."
En ook deze NT profetie gaat NIET over de messias. Maar wat nog interessanter is is dat deze profetie niet van Jeremia komt zoals het NT beweert, maar van Zacheria.
Zie Zacheria 11:12-13; “En ik heb tot hen gezegd: Indien het goed is in uw ogen, geeft mijn loon, maar indien niet, laat het. Toen wogen zij mijn loon af: dertig zilverstukken. Maar de HERE zeide tot mij: Werp dat de pottenbakker toe; een heerlijke prijs waarop Ik hunnerzijds geschat ben! En ik heb de dertig zilverstukken genomen en die in het huis des HEREN de pottenbakker toegeworpen.”
Dus het NT is geschreven door bijbel-analfabeten die niet eens de juiste profeet wisten te benoemen.
Maar er is meer. De bovenstaande vertalingen komen uit de NBG '51 vertaling. Het NT heeft het over een "pottenbakker". In Zacheria 11 staat in de grondtekst "jotseer". 1 vertaling daarvan is pottenbakker, maar het kan "schatbewaarder" betekenen, hetgeen hier de juiste vertaling is. Zacheria zegt: "En ik heb de dertig zilverstukken genomen en die in het huis des HEREN de pottenbakker toegeworpen."
Het "Huis des HEREN" is de tempel. En in de tempel zaten geen pottenbakkers. Wat er wel in de tempel was was iemand die giften voor de tempel in ontvangst nam. Daarom zegt de joodse "Stone Edition of the Tanach": "HASHEM (letterlijk: "De Naam) said to me, "Throw it to the treasurer of the Precious Stronghold wich I have divested from them". So I threw it into the Temple of HASHEM, to the treasurer." Ook de Nieuwe Wereld Vertaling van de J-H-V-H getuigen geeft hier een redelijke vertaling van: "Daarop zei J-E-H-O-V-A-H tot mij: "Werp het in de schatkist - de majestueuze waarde waarop ik van hun standpunt uit bezien ben." Bijgevolg nam ik de dertig zilverstukken en wierp die in de schatkist in het huis van J-E-H-0-V-A-H."
En ook de Leidse Vertaling heeft het begrepen: "En de Heer zeide tot mij: Werp dat in de schatkist. Een fraai loon, dat ik door hen ben waard gekeurd! Zo nam ik de dertig zilverlingen en wierp die in het huis des Heeren in de schatkist." En ook de Naardense vertaling heeft het licht gezien: "Dan zegt de Ene tot mij: werp dat in de schatkist, die fraaie waarde die ik door hen waard geacht ben! Ik neem de dertig stukken zilver en werp het in het huis van de Ene, in de schatkist."
We zien dus dat er hier helemaal geen pottenbakker aan te pas komt. Dus niet alleen claimt het NT de verkeerde profeet, ook het kopen van land van een pottenbakker heeft TOTAAL NIETS te maken met dat tekstgedeelte uit Zacheria.
Wederom gaat het NT door gebrek aan kennis van zaken gierend de fout in.
Maar wat nog belangrijker is, is dat we hier dus zien dat het nieuw testamentische verhalen door de NT schrijvers aangepast zijn aan wat zij dachten dat er in de OT profeten stond, zodat het net zou lijken alsof er OT profetieen vervuld zouden zijn.
Maar hier met deze misvertaling vallen ze dus vreselijk door de mand.
Volgende OT profetie, zoals geciteerd door het NT:
Lukas 24:44-47; “Hij zei tegen hen: ‘Toen ik nog bij jullie was, heb ik jullie dit gezegd: alles wat in de wet van Mozes, bij de profeten en in de psalmen over mij geschreven staat, moet in vervulling gaan.’ Toen opende hij hun de ogen voor de Schrift, zodat ze de betekenis ervan begrepen. En hij vervolgde: ‘Dit staat er geschreven: de Christus zal lijden en op de derde dag uit de dood opstaan, en in zijn naam zal aan alle volken, te beginnen bij Jeruzalem, worden verkondigd dat ze zich tot God moeten keren en dat hun zonden vergeven zullen worden.”
En laat er nou NERGENS in het hele OT geschreven staan dat “de Christus zal lijden en op de derde dag uit de dood opstaan, en in zijn naam zal aan alle volken, te beginnen bij Jeruzalem, worden verkondigd dat ze zich tot God moeten keren en dat hun zonden vergeven zullen worden”
Alweer een NT quote uit het OT die in het hele OT niet te vinden is.
Dat er nog mensen zijn die in het NT blijven geloven....
Voor meer informatie over waarom het jodendom het NT niet erkent, kijk hier:
Ik ben het met je eens dat er door de samenstellers van het NT geprobeerd is om een parallel te maken met het OT. Je geeft al aan dat de ene vertaling daarbij wel anders is dan de andere. Maar als je het OT met de juiste vertaling vergelijkt met het NT zie je dat er vaak niets meer van overblijft.
Ik had zelf eerder (ergens op deze site) ook al geconstateerd dat er in de zogenaamde profetieën vaak anderen mee worden bedoeld dan de messias. Bijvoorbeeld Israël of koning David.
Welke profetieën over de messias zijn er volgens jou?
Op 26-06-2011, 15:44Eliyahu schreef:
Het NT is leugen en bedrog, zie hier hoe het NT met de tekst van de hebreeuwse bijbel omgaat: Het NT brengt OT profetieen waarvan het beweerd dat ze messiaans zijn en vervuld zijn door JC.
Bedankt voor je, iets te, uitvoerige reactie.
Je mening is niet uniek. Ook anderen roepen om het hardst leugen en bedrog en claimen door God aangesteld te zijn.
Ook je “bewijsmethode” is niet uniek. Zo tonen sommige katholieken met teksten aan dat God een drie-eenheid is, terwijl het als zodanig niet in de Bijbel voor komt.
We zien hier dat in Jesaja gesproken word over een jonge vrouw, en niet over een maagd.
Het gebruikte woord is m.i. ʽalmah′, wat een ruimere betekenis heeft en duidt op een jonge vrouw, hetzij een maagdelijk meisje of een pasgehuwde vrouw.
Zie: — Ge 24:43 (vgl. vs. 16); Ex 2:8; Ps 68:25; Sp 30:19; Hgl 1:3; 6:8.
In het Oude Testament is nergens een profetie te vinden dat de messias geboren zal worden uit een maagd. In feite, nergens in het Oude Testament baart een maagd een kind. Dit concept is alleen te vinden in de heidense mythologie.
Dus JHWH is niet in staat om, wat mensen wel kunnen, zonder gemeenschap een vrouw zwanger te maken.
Dit hoofdstuk heeft totaal niets te maken met de messias.
Zo verklaren trinitariërs dat een tekst echt wel over een drie-eenheid gaat.
Deze feiten worden toegegeven door de christelijke dr Talstra, prof Oud Testament aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij verwaardige zich een reactie te schrijven op mijn homepage, en daarin schrijft hij o.a. het volgende: "Wat betreft het citaat van Jes. 7,14 in Mth. 1,22 heeft Silver eenvoudig gelijk: het Hebreeuws heeft: 'jonge vrouw', de Mth. tekst heeft 'parthenos': maagd. Geen exegeet zal dat tegenspreken."
Tja, dan heeft hij kennelijk nog geen “exegeten” gesproken die iets anders beweren.
Objectief de bijbel lezen en willen begrijpen zijn verschillende zaken. In de gegeven teksten wordt m.i. wel degelijk over een maagd gesproken. Maar ja, ik ben geen jood, dus ik kan dat niet begrijpen.
Het is steeds populairder om Bijbel criticus te zijn, dus kan je vaker personen vinden, die om het hardst roepen dat de Bijbel niet waar is.
Je kan naar hen luisteren, zoals de “amharets” naar de schriftgeleerden luisterden, i.p.v. naar Jezus’ waarschuwing om te vluchten uit Jeruzalem.
Dat is duidelijke taal. En ook in Hosea 11:1 spreekt het OVERDUIDELIJK over Israel, dat door God uitgeleidt is uit de verdrukking in Egypte: “Toen Israël een kind was, heb Ik het liefgehad, en uit Egypte heb Ik mijn zoon geroepen.”
Het is dus onmogelijk dat het om een dubbele vervulling gaat?
Dat Abraham Isaac a.h.w. offerde heeft helemaal niets met Jezus te maken, het is natuurlijk geen afbeelding van de latere gebeurtenis. Tenslotte was het proces tegen Jezus volkomen in overeenstemming met de Bijbelse wetten, werd hij helemaal niet in het donker met valse getuigen veroordeeld.
Leest u hier nu is wat er daar werkelijk loos is:
Psalm 37: 11 De zachtmoedigen daarentegen zullen de aarde bezitten, En zij zullen inderdaad hun heerlijke verrukking vinden in de overvloed van vrede. 29 De rechtvaardigen, díé zullen de aarde bezitten, En zij zullen er eeuwig op verblijven.
Jes 2: 4 En hij zal stellig rechtspreken onder de natiën en de zaken rechtzetten met betrekking tot vele volken. En zij zullen hun zwaarden tot ploegscharen moeten smeden en hun speren tot snoeimessen. Natie zal tegen natie geen zwaard opheffen, ook zullen zij de oorlog niet meer leren.
Kijk, dat is nu precies wat de Hebreeërs niet doen. Zij kunnen JHWH niet dicteren, hij heeft zijn tijdschema vastgelegd en hij houdt zich er aan. Degenen die willen luisteren mogen voor eeuwig op aarde verblijven.
En ook deze NT profetie gaat NIET over de messias. Maar wat nog interessanter is is dat deze profetie niet van Jeremia komt zoals het NT beweert, maar van Zacheria.
Dat is bekend en een onjuist argument. Het zou wel erg doorzichtig zijn om zo’n opzichtige fout te maken. Wanneer je je huiswerk goed had gedaan, dan had je kunnen weten dat de profeten ook de boeken Jeremia en Zacharia omvat. De Pesjitta laat de naam van de profeet weg.
Dus het NT is geschreven door bijbel-analfabeten die niet eens de juiste profeet wisten te benoemen.
Ach ja, zij hadden niet, zoals jij, iedere letter door een rabbijn laten controleren.
Wie waren nu werkelijk de NT schrijvers? Waren zij ongeletterd? In de eerste eeuw betekende dat men niet de rabbijnse school hadden gevolgd. De “geletterden” beschouwden de amhaarets als minderwaardig. Iets wat Jezus aan de kaak stelde.
Lukas was arts, Paulus was farizeër, Johannes, zoon van Zebedeüs en Salome runde met zijn ouders een vissersbedrijf en had loonarbeiders in dienst. Petrus was een compagnon van hen. Kortom beslist geen analfabeten.
Maar er is meer. De bovenstaande vertalingen komen uit de NBG '51 vertaling. Het NT heeft het over een "pottenbakker". In Zacheria 11 staat in de grondtekst "jotseer". 1 vertaling daarvan is pottenbakker, maar het kan "schatbewaarder" betekenen, hetgeen hier de juiste vertaling is. Zacheria zegt: "En ik heb de dertig zilverstukken genomen en die in het huis des HEREN de pottenbakker toegeworpen."
Tja, wat een vertaling al niet kan doen, he?
Zacharia 11: 12 Toen zei ik tot hen: „Indien het goed is in UW ogen, geeft mij mijn loon; maar zo niet, laat het dan.” En zij betaalden mij vervolgens mijn loon, dertig zilverstukken. 13 Daarop zei Jehovah tot mij: „Werp het in de schatkist — de majestueuze waarde waarop ik van hun standpunt uit bezien geschat ben.” Bijgevolg nam ik de dertig zilverstukken en wierp die in de schatkist in het huis van Jehovah. 14 Toen hieuw ik mijn tweede staf, de Eendracht, in stukken, ten einde de broederschap tussen Ju̱da en Israël te verbreken.
Mt 27: 6 De overpriesters echter namen de zilverstukken en zeiden: „Het is niet geoorloofd ze in de heilige schatkist te werpen, want het is een bloedprijs.” 7 Na met elkaar raad te hebben gehouden, kochten zij er het veld van de pottenbakker mee om daar vreemden te begraven. 8 Daarom wordt dat veld tot op de dag van vandaag „Bloedveld” genoemd. 9 Toen werd vervuld hetgeen door bemiddeling van de profeet Jeremi̱a was gesproken, die zei: „En zij namen de dertig zilverstukken, de prijs van de man voor wie een prijs werd vastgesteld, degene voor wie enkelen van de zonen van Israël een prijs hadden vastgesteld, 10 en gaven die voor het veld van de pottenbakker, zoals Jehovah mij geboden had.”
Wederom gaat het NT door gebrek aan kennis van zaken gierend de fout in.
Dat is nog maar de vraag, wie er werkelijk gebrek aan kennis heeft.
Wanneer je de profetie van Daniël had begrepen over de tijdsbepaling, weergegeven in het beeld van Nebucadnezar, dan had je begrepen dat de tijd van het einde of het einde der tijden zeerzeker niet in de eerste eeuw was aangebroken.
Dus Jezus koningschap, het Nieuwe Jeruzalem dat uit de hemel neerdaalt, synoniem voor Jezus regering met de kleine kudde, zal pas aanvangen wanneer de koningen der aarde zijn vernietigd. Daaronder valt ook de huidige natie Israël.
Maar hier met deze misvertaling vallen ze dus vreselijk door de mand
.Nee. De enigen die door de mand vallen zijn de Hebreeërs, die de Messias gemist hebben, net als de christenheid de onzichtbare wederkomst gemist en geloochend hebben.
En laat er nou NERGENS in het hele OT geschreven staan dat “de Christus zal lijden en op de derde dag uit de dood opstaan, en in zijn naam zal aan alle volken, te beginnen bij Jeruzalem, worden verkondigd dat ze zich tot God moeten keren en dat hun zonden vergeven zullen worden”
Jezus zei: wanneer een (geestelijk) blinde een blinde leidt, vallen ze beiden in een kuil.
Het betreft deze Schriftplaatsen: Psalm 2:2 De koningen der aarde stellen zich op En de hoogwaardigheidsbekleders zelf hebben zich als één blok aaneengesloten Tegen Jehovah en tegen zijn gezalfde, Psalm 16:10 Want gij zult mijn ziel in Sjeool niet verlaten. Gij zult niet toelaten dat hij die jegens u loyaal is, de kuil ziet. Psalm 27:12 Geef mij niet over aan de ziel van mijn tegenstanders, Want valse getuigen zijn tegen mij opgestaan En hij die geweld ontketent. Psalm 69:9 Want louter ijver voor uw huis heeft mij verteerd, En zelfs de smaadheden van hen die u smaden, zijn op mij gevallen. Psalm 78:2 In een spreukachtige rede wil ik mijn mond opendoen; Ik wil raadsels van weleer doen opborrelen, Psalm 118:22 De steen die de bouwlieden hebben verworpen, Is het hoofd van de hoek geworden. Psalm 132:11 Jehovah heeft aan David gezworen, Waarlijk, hij zal er niet op terugkomen: „Van de vrucht van uw buik Zal ik op uw troon zetten.
[...].Nee. De enigen die door de mand vallen zijn de Hebreeërs, die de Messias gemist hebben, net als de christenheid de onzichtbare wederkomst gemist en geloochend hebben.
Rond 1850 waren er meerdere groeperingen die op basis van Bijbelse profetieën trachtten de onzichtbare wederkomst van Jezus te berekenen. Het zijn dezelfe profetieën die ook de komst van de Messias hebben voorzegd.
Vele kerken hebben daarover omstreeks 1910 een proclamatie uitgegeven. Deze werd in of na de eerste wereldoorlog weer herroepen. Men ging daarna de volkenbond zien als de brenger van vrede.
Op 27-06-2011, 15:03Vincent schreef:
Ik ben het met je eens dat er door de samenstellers van het NT geprobeerd is om een parallel te maken met het OT. Je geeft al aan dat de ene vertaling daarbij wel anders is dan de andere. Maar als je het OT met de juiste vertaling vergelijkt met het NT zie je dat er vaak niets meer van overblijft.
Ik had zelf eerder (ergens op deze site) ook al geconstateerd dat er in de zogenaamde profetieën vaak anderen mee worden bedoeld dan de messias. Bijvoorbeeld Israël of koning David.
Welke profetieën over de messias zijn er volgens jou?
Joden ontkennen dat Jezus de Messias is.
De reden die zij aanvoeren is dat hij Israël niet heeft bevrijdt van de Romeinen. Daarbij negeren zij de profetie van Daniël over het beeld van Nebucadnezar. Deze beeld Gods tijdsschema af. Na de Romeinse wereldmacht zou er nog een andere wereldmacht komen, afgebeeld door de voeten. Daarna zouden alle wereldmachten, koningen der aarde (openbaring) vernietigd worden. Daar is het wachten op en pas daarna gaat Jezus, met de kleine kudde, over de aarde regeren.
Zelf profetieën uitleggen is zinloos. Uitleg is een zaak van God en hij geeft aan wie hij wil. Vele profetiën hebben soms een dubbele vervulling, een in het klein en later een grote vervulling. Puur verstandelijk beredeneren is vrij zinloos. Je hebt meer nodig.
Ik heb een lijst van ca 150 profetieën die over jezus gaan en hun vervulling. Het is te groot om die hier neer te zetten.
Hier als voorbeeld de eerste vier.
Profetie Gebeurtenis Vervulling
Gen. 49:10 Geboren in de stam Juda Matth. 1:2-16;Luk. 3:23-33; Hebr. 7:14
Ps. 132:11;Jes. 9:7;11:1, 10 Uit het geslacht van David, de zoon van Isaï Matth. 1:1, 6-16; 9:27; 15:22;20:30, 31;21:9, 15; 22:42; Mark. 10:47, 48; Luk. 1:32; 2:4; 3:23-32; 18:38, 13:22, 23; 39; Hand. 2:29-31; Rom. 1:3; 15:8, 12
Micha 5:2 Geboren in Bethlehem Luk. 2:4-11; Joh. 7:42
Jes. 7:14 Geboren uit een maagd Matth. 1:18-23; Luk. 1:30-35
Op 30-06-2011, 20:23ken schreef:
[...]1914 nonsen, omdat afvalligen dat beweren?
Kun je nou nog steeds niets anders dan drogredenen typen?
Rond 1850 waren er meerdere groeperingen die op basis van Bijbelse profetieën trachtten de onzichtbare wederkomst van Jezus te berekenen. Het zijn dezelfe profetieën die ook de komst van de Messias hebben voorzegd.
Vele kerken hebben daarover omstreeks 1910 een proclamatie uitgegeven. Deze werd in of na de eerste wereldoorlog weer herroepen. Men ging daarna de volkenbond zien als de brenger van vrede.
De komst van Christus is niet te berekenen, alleen God weet wanneer hij komt. NB. De Bijbel spreekt niet over een onzichtbare wederkomst.
Kan je niets anders dan afvalligen klakkeloos napraten?
De komst van Christus is niet te berekenen, alleen God weet wanneer hij komt.
De komst van de Messias was wel degelijk te berekenen. De Joden waren zeer goed op de hoogte van de 70 jaarweken profetie van Daniël. Zie o.a. Mt 2.
NB. De Bijbel spreekt niet over een onzichtbare wederkomst.
O?
Hand 1: 9 En nadat hij deze dingen had gezegd, werd hij ten aanschouwen van hen omhooggeheven, en een wolk onttrok hem aan hun gezicht. 10 En toen zij met gespannen aandacht in de lucht keken, terwijl hij heenging, zie! daar stonden twee mannen in witte klederen naast hen, 11 en zij zeiden: „Mannen van Galilea, waarom staat GIJ in de lucht te kijken? Deze Jezus, die van U werd opgenomen in de lucht, zal aldus op dezelfde wijze komen als GIJ hem in de lucht hebt zien gaan.”
Een wolk maakte Jezus (uiteraard) onzichtbaar, zij bleven kijken toen hij weg was. 2 Engelen vroegen waarom zij bleven kijken. Hij was immers niet meer zichtbaar, zijn wederkomst zou dus ook onzichtbaar zijn.
Op 01-07-2011, 17:31ken schreef:
[...]Kan je niets anders dan afvalligen klakkeloos napraten?
Een link naar een afvallige site is niet napraten, ik laat de site zelf spreken.
[...] De komst van de Messias was wel degelijk te berekenen. De Joden waren zeer goed op de hoogte van de 70 jaarweken profetie van Daniël. Zie o.a. Mt 2.
Mat 24:36 Doch van die dag en die ure weet niemand, ook niet de engelen der hemelen, dan Mijn Vader alleen. 44 Daarom, weest ook gij bereid; want in welke ure gij het niet meent, zal de Zoon des mensen komen.
[...] O?
Hand 1: 9 En nadat hij deze dingen had gezegd, werd hij ten aanschouwen van hen omhooggeheven, en een wolk onttrok hem aan hun gezicht. 10 En toen zij met gespannen aandacht in de lucht keken, terwijl hij heenging, zie! daar stonden twee mannen in witte klederen naast hen, 11 en zij zeiden: „Mannen van Galilea, waarom staat GIJ in de lucht te kijken? Deze Jezus, die van U werd opgenomen in de lucht, zal aldus op dezelfde wijze komen als GIJ hem in de lucht hebt zien gaan.”
Een wolk maakte Jezus (uiteraard) onzichtbaar, zij bleven kijken toen hij weg was. 2 Engelen vroegen waarom zij bleven kijken. Hij was immers niet meer zichtbaar, zijn wederkomst zou dus ook onzichtbaar zijn.
Dit bericht is gewijzigd op 01-07 17:32.
Onzichtbaar, maar zodra hij terug is, is Hij dus zichtbaar, want zeiden de engelen: zal aldus op dezelfde wijze komen als GIJ hem in de lucht hebt ZIEN gaan.
Mat 24:36 Doch van die dag en die ure weet niemand, ook niet de engelen der hemelen, dan Mijn Vader alleen. 44 Daarom, weest ook gij bereid; want in welke ure gij het niet meent, zal de Zoon des mensen komen.
Waarmee, je te kennen geeft geen onderscheidingsvermogen te bezitten. Net zo als de joden niet konden onderscheiden, dat Jezuzalem vernietigd zou worden. Mattheüs 24:15-21.
Wanneer je de tekst in verband had gelezen dan zie je dat het over dit gaat:
Mt 24: 3 Toen hij op de Olijfberg zat, kwamen de discipelen naar hem toe, terwijl er verder niemand bij was, en zeiden: „Zeg ons: Wanneer zullen deze dingen zijn, en wat zal het teken zijn van uw tegenwoordigheid en van het besluit van het samenstel van dingen?” NWV.
3 Toen Hij op de Olijfberg zat, gingen de discipelen naar Hem toe toen zij alleen waren, en zeiden: Zeg ons, wanneer zullen deze dingen gebeuren? En wat is het teken van Uw komst en van de voleinding van de wereld? SV
Hand 1: 6 Toen zij nu bijeengekomen waren, gingen zij hem vragen: „Heer, herstelt gij in deze tijd het koninkrijk voor Israël?” 7 Hij zei tot hen: „Het komt U niet toe kennis te verkrijgen van de tijden of tijdperken die de Vader onder zijn eigen rechtsmacht heeft gesteld.
Het gaat dus over de tijd van het einde, wanneer God ingrijpt en menselijke regeringen en Babylon de grote worden vernietigd. Deze worden vervangen door Jezus hemelse koningschap. Hij is met de kleine kudde het nieuwe Jeruzalem, dat uit de hemel neerdaalt. Babylon de grote omvat allen, ook religies, die Gods goedkeuring niet hebben ontvangen. Dat ingrijpen wordt armageddon genoemd.
Mattheüs 24:15-21.Onzichtbaar, maar zodra hij terug is, is Hij dus zichtbaar, want zeiden de engelen: zal aldus op dezelfde wijze komen als GIJ hem in de lucht hebt ZIEN gaan.
Er is dus sprake van een onzichtbare komst. Zij zagen hem NIET de hemel binnengaan. Hun gezicht daarop werd onttrokken door een wolk, waardoor hij onzichtbaar werd.
Zo zou hij ook terugkeren, onzichtbaar, om te zien hoe mensen zich aan zijn opdracht hielden.
Hij zag echter dat mensen elkaar in naam van God bestreden en vermoorden. Deze gebeurtenissen waren echter door iedereen te zien. Maar God greep nog niet in, Mt 24:14 moest eerst nog uitgevoerd worden.
Op 01-07-2011, 21:30christen2010 schreef:
Wie nu niet geloofd zal (willen) hebben, zal zien en trachten weg te vluchten, vanwege Zijn Kracht en het Zwaard van De Geest in Zijn Hand!
Wie nu geloofd heeft, zal Hem herkennen als de Bruidegom, Die Zijn Bruid komt halen voor de Bruiloft van het Lam!
De dwaze maagden, afspiegeling van de christenheid,misten de bruiloft dus.
Ik heb niks overgenomen, je moest alles op die site lezen, hier heb ik niets geplaatst.
[...]Waarmee, je te kennen geeft geen onderscheidingsvermogen te bezitten. Net zo als de joden niet konden onderscheiden, dat Jezuzalem vernietigd zou worden. Mattheüs 24:15-21.
Weer lekker lasteren
Wanneer je de tekst in verband had gelezen dan zie je dat het over dit gaat:
Mt 24: 3 Toen hij op de Olijfberg zat, kwamen de discipelen naar hem toe, terwijl er verder niemand bij was, en zeiden: „Zeg ons: Wanneer zullen deze dingen zijn, en wat zal het teken zijn van uw tegenwoordigheid en van het besluit van het samenstel van dingen?” NWV.
3 Toen Hij op de Olijfberg zat, gingen de discipelen naar Hem toe toen zij alleen waren, en zeiden: Zeg ons, wanneer zullen deze dingen gebeuren? En wat is het teken van Uw komst en van de voleinding van de wereld? SV
Hand 1: 6 Toen zij nu bijeengekomen waren, gingen zij hem vragen: „Heer, herstelt gij in deze tijd het koninkrijk voor Israël?” 7 Hij zei tot hen: „Het komt U niet toe kennis te verkrijgen van de tijden of tijdperken die de Vader onder zijn eigen rechtsmacht heeft gesteld.
Het gaat dus over de tijd van het einde, wanneer God ingrijpt en menselijke regeringen en Babylon de grote worden vernietigd. Deze worden vervangen door Jezus hemelse koningschap. Hij is met de kleine kudde het nieuwe Jeruzalem, dat uit de hemel neerdaalt. Babylon de grote omvat allen, ook religies, die Gods goedkeuring niet hebben ontvangen. Dat ingrijpen wordt armageddon genoemd.
Als je beter had gelezen, had je geweten dat het wel over de komst van Christus gaat. vers 42 Waakt dan; want gij weet niet, in welke ure uw Heere komen zal.
en 44 Daarom, weest ook gij bereid; want in welke ure gij het niet meent, zal de Zoon des mensen komen.
[...]Er is dus sprake van een onzichtbare komst. Zij zagen hem NIET de hemel binnengaan. Hun gezicht daarop werd onttrokken door een wolk, waardoor hij onzichtbaar werd.
Lees je nou werkelijk niet wat er staat?
9 En nadat hij deze dingen had gezegd, werd hij ten aanschouwen van hen omhooggeheven, en een wolk onttrok hem aan hun gezicht. 10 En toen zij met gespannen aandacht in de lucht keken, terwijl hij heenging, zie! daar stonden twee mannen in witte klederen naast hen, 11 en zij zeiden: „Mannen van Galilea, waarom staat GIJ in de lucht te kijken? Deze Jezus, die van U werd opgenomen in de lucht, zal aldus op dezelfde wijze komen als GIJ hem in de lucht hebt zien gaan.”
Ze zien dus dat hij weggaat en de engelen zeiden dat hij op dezelfde manier terugkomt als de discipelen hem hebben zien gaan. Dus een deel van de wederkomst zal onzichtbaar zijn, maar het laatste deel niet, want het eerste deel werd gezien door de discipelen en als Jezus werkelijk op dezelfde manier zal komen als hij weggegaan is moet een deel dus ook zichtbaar zijn.
Wellicht is de hele wederkomst zichtbaar: 30 En alsdan zal in de hemel verschijnen het teken van de Zoon des mensen; en dan zullen al de geslachten der aarde wenen, en zullen de Zoon des mensen zien, komende op de wolken des hemels, met grote kracht en heerlijkheid.
Weer is er sprake van zien en weer wolk(en).
Zo zou hij ook terugkeren, onzichtbaar, om te zien hoe mensen zich aan zijn opdracht hielden.
Op 04-07-2011, 13:12ken schreef:
[...]De dwaze maagden, afspiegeling van de christenheid,misten de bruiloft dus. Dit bericht is gewijzigd op 04-07 13:12.
Zoals de valse profeten van het wtg en het valse rome en haar dochter de islam.
Ik heb een lijst van ca 150 profetieën die over jezus gaan en hun vervulling. Het is te groot om die hier neer te zetten.
Hier als voorbeeld de eerste vier.
Profetie Gebeurtenis Vervulling
Gen. 49:10 Geboren in de stam Juda Matth. 1:2-16;Luk. 3:23-33; Hebr. 7:14
Bs'd
Van welke stam je bent dat gaat via de vader. JC had geen aardse vader, dus was hij niet van de stam van Judah.
Daarom is JC dus gediskwalificeerd van het zijn van de messias.
Ps. 132:11;Jes. 9:7;11:1, 10 Uit het geslacht van David, de zoon van Isaï Matth. 1:1, 6-16; 9:27; 15:22;20:30, 31;21:9, 15; 22:42; Mark. 10:47, 48; Luk. 1:32; 2:4; 3:23-32; 18:38, 13:22, 23; 39; Hand. 2:29-31; Rom. 1:3; 15:8, 12
Om op de troon van David te kunnen zitten moet je in mannelijke lijn een afstammeling van David zijn.
Aangezien JC geen menselijke vader had was hij niet in mannelijke lijn een afstammeling van David, en daarom is JC dus gediskwalificeerd van het zijn van de messias.
Micha 5:2 Geboren in Bethlehem Luk. 2:4-11; Joh. 7:42
Er staat iets meer in die messiaanse profetie in Micha 5:
Micha 5:1-8; "En gij, O Bethlehem Ephrata, al zijt gij klein onder de geslachten van Juda, uit u zal Mij voortkomen die een heerser zal zijn over Israel, en wiens oorsprong is van ouds, van de dagen der eeuwigheid. Daarom zal hij hen prijsgeven tot de tijd dat zij die baren zal gebaard heeft. Dan zal het overblijfsel zijner broederen terugkeren met de Israelieten. Dan zal hij staan en hen weiden in de kracht des HERE, in de majesteit van de naam des HERE, zijns Gods; en zij zullen rustig wonen, want NU zal hij groot zijn tot aan de einden der aarde, en hij zal vrede zijn. Wanneer Assur in ons land komt en wanneer hij onze paleizen betreedt, dan zullen wij tegen hem zeven herders stellen en acht vorsten uit de mensen, die het land van Assur zullen weiden met het zwaard, en het land van Nimrod in zijn poorten. En Hij zal bevrijden van Assur, wanner die in ons land komt en wanneer hij ons gebied betreedt. En het overblijfsel van Jacob zal temidden van vele volkeren zijn als de dauw van de HERE, als regenstromen op het groene kruid, dat niet wacht op de mens, noch mensenkinderen verbeidt. En het overblijfsel van Jakob zal zijn onder de natien, te midden van vele volkeren, als een leeuw onder de dieren des wouds, als een jonge leeuw onder de schaapskudden, die, wanneer hij binnendringt neerslaat, en verscheurt, zonder dat iemand redt. Uw hand zal verheven zijn boven uw tegenstanders en al uw vijanden zullen worden uitgeroeid."
We zien hier, in het eerste vers van deze messiaanse profetie, dat wanneer de messias komt vanuit Bethlehem, dan zal hij een heerser zijn over Israel. Dat betekent dat hij een koning, of misschien een president, zal zijn, maar in elk geval een gewichtig persoon die heel wat in de melk te brokkelen heeft, en geen rondtrekkende prediker en wonderdokter. We zien ook dat na de komst van de messias de joodse oorlogen uitgevochten gaan worden en gewonnen gaan worden door de joden. We zien hier een messias die ons fysieke verlossing gaat brengen van aardse vijanden: En Hij zal bevrijden van Assur, wanneer die in ons land komt en wanneer hij ons gebied betreedt." "Uw hand zal verheven zijn boven uw tegenstanders en al uw vijanden zullen worden uitgeroeid." Dat is duidelijke taal, niet voor meerdere uitleggingen vatbaar.
Het moge duidelijk zijn dat JC Micha 5 NIET vervuld heeft.
Jes. 7:14 Geboren uit een maagd Matth. 1:18-23; Luk. 1:30-35
De profetie van Jesaja 7:
1 Het geschiedde nu in de dagen van Achaz, de zoon van Jotam, de zoon van Uzzia, de koning van Juda, dat Resin, de koning van Aram, met Pekach, de zoon van Remaljahu, de koning van Israël, tegen Jeruzalem ten strijde trok; maar hij kon in de strijd daartegen de overhand niet behalen. 2 Toen men het koningshuis van David berichtte: Aram is neergestreken op Efraïm, beefde zijn hart en ook het hart van zijn volk, zoals de bomen van het woud beven voor de wind. 3 Toen zeide J-H-W-H tot Jesaja: Ga Achaz tegemoet, gij en uw zoon Sear-Jasub, naar het einde van de waterleiding van de bovenste vijver, naar de weg van het Vollersveld, 4 en zeg tot hem: tracht rustig te blijven, vrees niet, uw hart versage niet voor deze twee rokende stompen brandhout: voor de brandende toorn van Resin en Aram en de zoon van Remaljahu. 5 Omdat Aram kwaad tegen u beraamd heeft, Efraïm en de zoon van Remaljahu, door te zeggen: 6 Wij zullen optrekken tegen Juda, het schrik aanjagen, het voor ons veroveren en de zoon van Tabeal daarin koning maken – 7 zegt de Here J-H-W-H aldus: Het zal niet bestaan en het zal niet geschieden; 8 maar Damascus blijft het hoofd van Aram en het hoofd van Damascus blijft Resin – binnen nog vijfenzestig jaar zal Efraïm verbroken worden, zodat het geen volk meer is – 9 en Samaria blijft het hoofd van Efraïm en het hoofd van Samaria blijft de zoon van Remaljahu. Indien gij niet gelooft, voorwaar, gij wordt niet bevestigd. 10 En J-H-W-H ging voort tot Achaz te spreken: 11 Vraag voor u een teken van J-H-W-H uw God, diep in het dodenrijk of boven in den hoge. 12 Maar Achaz zeide: Ik zal er geen vragen, en J-H-W-H niet verzoeken. 13 Toen zeide hij: Hoort toch, gij huis van David! Is het u niet genoeg mensen te vermoeien, dat gij ook mijn God vermoeit? 14 Daarom zal J-H-W-H zelf u een teken geven: Zie, de jonge vrouw zal zwanger worden en een zoon baren; en zij zal hem de naam Immanuël geven. 15 Boter en honig zal hij eten, zodra hij het kwade weet te verwerpen en het goede te verkiezen. 16 Maar voordat de jongen weet het kwade te verwerpen en het goede te verkiezen, zal het land ontvolkt zijn, voor welks beide koningen gij angstig zijt.
We zien hier in Jesaja 7, dat koning Achaz, de koning van Judah, bang was van twee buurkoningen. Het is belangrijk om in de gaten te houden dat na de dood van koning Salomo het koninkrijk Israel in twee delen spleet, in het koninkrijk Israel en het koninkrijk Judah. Het koninkrijk Judah bestond uit de stam van Benjamin en Judah, en een gedeelte van Levi. Het koninkrijk Israel bestond uit de overige tien stammen. Achaz was de koning van Judah, en ten tijde van deze profetie was Pekah, de zoon van Remaljah, de koning van Israel. En nou wil het geval dat Pekah een verbond had gesloten met Resin, de toenmalige koning van Syrië, om gezamenlijk Achaz aan te vallen. Dit nieuws bezorgde koning Achaz aanzienlijke stress. Hij had een donker vermoeden dat het in de nabije toekomst wel eens ernstig mis zou kunnen gaan voor hem. Daarom stuurde God de profeet Jesaja naar hem toe, om hem te vertellen dat hij zich geen zorgen hoefde te maken. God zegt tegen koning Achaz dat Hij hem een teken zal geven. Hier is het teken: "14 Daarom zal J-H-W-H zelf u een teken geven: Zie, de jonge vrouw zal zwanger worden en een zoon baren; en zij zal hem de naam Immanuël geven. 15 Boter en honig zal hij eten, zodra hij het kwade weet te verwerpen en het goede te verkiezen. 16 Maar voordat de jongen weet het kwade te verwerpen en het goede te verkiezen, zal het land ontvolkt zijn, voor welks beide koningen gij angstig zijt."
God zei dat voordat de zoon die geboren zou worden aan de de jonge vrouw die zwanger was de jaren des onderscheids bereikt zou hebben, het land van de twee koningen waarvoor Achaz bang was, ontvolkt zou zijn. Die twee naties zouden voor die tijd beiden in ballingschap geleid zijn. Dit is dus een teken voor koning Achaz, die zo'n 700 jaar voor JC leefde.
En de bijbel vertelt ons dat die profetie uitgekomen is: "27 In het tweeënvijftigste jaar van Azarja, de koning van Juda, werd Pekach, de zoon van Remaljahu, koning over Israël te Samaria; hij regeerde twintig jaar. 28 Hij deed wat kwaad is in de ogen van J-H-W-H, hij week niet af van de zonden die Jerobeam, de zoon van Nebat, Israël had doen bedrijven. 29 In de dagen van Pekach, de koning van Israël, kwam Tiglatpileser, de koning van Assur, en veroverde Ijjon, Abel-Bet-Maäka, Janoach, Kedes en Hasor, Gilead en Galila, het gehele land van Naftali; en hij voerde de bevolking in ballingschap naar Assur. 30 En Hosea, de zoon van Ela, smeedde een samenzwering tegen Pekach, de zoon van Remaljahu; hij sloeg hem dood en werd koning in zijn plaats in het twintigste jaar van Jotam, de zoon van Uzzia." II Kon 15.
We zien hier dus dat de bevolking van Israel inderdaad in ballingschap ging, en dat het land van Pekah ontvolkt was.
En zie hier wat er gebeurde met Resin, de koning van Syrië: "6 Te dien tijde heroverde Resin, de koning van Aram, Elat voor Aram en hij wierp de Judeeërs uit Elat; en de Edomieten kwamen naar Elat en woonden daar tot op de huidige dag. 7 Toen zond Achaz boden naar Tiglatpileser, de koning van Assur, om te zeggen: Ik ben uw knecht en uw zoon; trek op en verlos mij uit de macht van de koning van Aram en uit de macht van de koning van Israël, die tegen mij zijn opgetrokken. 8 Achaz nam het zilver en het goud, dat zich bevond in het huis van J-H-W-H en in de schatkamers van het koninklijk paleis, en hij zond het als een geschenk aan de koning van Assur. 9 En de koning van Assur gaf hem gehoor; de koning van Assur trok op tegen Damascus, nam het in en voerde de bevolking in ballingschap weg naar Kir; en Resin bracht hij ter dood. " II Kings 16.
Hier zien we dus dat ook de inwoners van het land van Koning Resin in ballingschap gingen, dus ook zijn land was ontvolkt, dat alles in de dagen van Achaz, zoals de profetie beloofde.
Dus God gaf een teken aan koning Achaz.
In de dagen van koning Achaz.
Dat is ongeveer 700 jaar voor JC .
Dus deze profetie heeft helemaal niks met de messias te maken, en er is in de verste verte geen maagd te vinden die zwanger zou worden.
Dat zijn alleen maar foutieve aannames van het NT.
Niettegenstaande al deze feiten brengt het NT deze tekst toch als zijnde een messiaanse profetie, die zou zeggen dat de messias uit een maagd geboren zou worden: Matthew 1: "21 Zij zal een zoon baren en gij zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden. 22 Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zeide: 23 Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuël geven, hetgeen betekent: God met ons."
Dus wat het NT hier doet, is een tekst die niks met de messias te maken heeft uit zijn verband rukken, het vervolgens foutief vertalen, en dan presenteren als zijnde een "messiaanse profetie".
Dus één van de fundamenten van het christelijk geloof, de maagdelijke geboorte, is gebaseerd op een tekst die door het NT uit zijn verband getrokken is, en foutief vertaald is, en die helemaal niet over de messias spreekt.
Deze feiten worden toegegeven door de christelijke hoogleraar aan de theologische faculteit van de Vrije Universiteit te Amsterdam, prof dr Talstra. In een reactie op mijn homepage schrijft hij onder andere: "Wat betreft het citaat van Jes. 7,14 in Mth. 1,22 heeft Silver eenvoudig gelijk: het Hebreeuws heeft: 'jonge vrouw', de Mth. tekst heeft 'parthenos': maagd. Geen exegeet zal dat tegenspreken." En ook: "Vervolgens: ook christelijke oudtestamentici zullen zeggen dat Jes. 7 gaat over een prins uit de lijn van David ergens in de 8e eeuw v. Chr. Dat is wat de tekst beschrijft."
Voor de hele reactie van prof dr Talstra kijk hier: [bergzion.freewebpage.org]
Dus prof dr Talstra geeft gewoon toe dat er niet "maagd" staat in Jesaja 7, maar "jonge vrouw, en dat het spreekt over een prins in dagen van Jesaja en Achaz, zo'n 700 jaar voor JC.
We zien dus dat het NT teksten die HELEMAAL NIKS met de messias te maken hebben uit hun verband rukt, misvertaald, en dan presenteert als zijnde "messiaanse profetieën, wat ze overduidelijk NIET zijn.
En zo is het met al de christelijke "messiaanse profetieën".
Een papagaai imiteert het geluid wat hij verneemt. Een Jood zonder Christus, gaat alleen maar af op wat hij buiten Christus verneemt en net als de papagaai herhaalt deze jood het eindeloos....
Op 04-07-2011, 15:19Statenvertaling schreef:
Ik heb niks overgenomen, je moest alles op die site lezen, hier heb ik niets geplaatst.
Jawel, je neemt hun mening klakkeloos over. Dat mag, je hebt daar alleen jezelf mee. Het is jouw persoonlijke keuze.
Weer lekker lasteren
Nee hoor. Ik zie gewoon dingen, die jij kennelijk niet kunt zien.
Lees je nou werkelijk niet wat er staat?
Ik wel. Ik zal het voor je spellen.
De engel vraagt waar kijk je naar? Even van te voren was er een wolk geschoven, waardoor het gezicht aan Jezus is onttrokken. Zij kunnen hem dus NIET de hemel in zien gaan. Hij is door de wolk onzichtbaar geworden. Dan zegt de engel: zo zal hij ook terugkeren, onzichtbaar dus.
Is dat aan het einde der tijden? Nee. Aan het einde der tijden breekt volgens openbaring eerst een oorlog uit tegen de koningen der aarde.(Openbaring 19:19)
Dat kan hij ook wel zonder af te dalen.
Wanneer zullen deze dingen zijn, en wat zal het teken zijn van uw tegenwoordigheid (1) en van het besluit van het samenstel van dingen?”(2) (1)Dit is dus al geweest en heb je gemist. (2)Dit komt nog, zie openbaring. Jezus en de kleine kudde vormen het nieuwe Jeruzalem, dat uit de hemel neerdaalt. Dit is dus niet letterlijk. Jeruzalem staat als symbool voor Gods regering en Jezus, als aangestelde koning, zal dus vanuit de hemel gaan regeren.
Op 04-07-2011, 18:46christen2010 schreef:
Een papagaai imiteert het geluid wat hij verneemt. Een Jood zonder Christus, gaat alleen maar af op wat hij buiten Christus verneemt en net als de papagaai herhaalt deze jood het eindeloos....
Op 04-07-2011, 16:07Eliyahu schreef:
Van welke stam je bent dat gaat via de vader. JC had geen aardse vader, dus was hij niet van de stam van Judah. Daarom is JC dus gediskwalificeerd van het zijn van de messias.
Hij is door JHWH, zijn hemelse vader gekwalificeerd. Hij bepaalt dat. Zijn moeder bepaalt, m.i. volgens joods gebruik, de afkomst. Immers het is zeker dat zij het kind heeft gekregen. Wie de vader, is niet zwart op wit te verkrijgen. Niet waarschijnlijk dat bij de verwekking getuigen zijn geweest. Wat Jezus betreft was voor de verwekking bekend gemaakt wie de vader zou zijn.
Om op de troon van David te kunnen zitten moet je in mannelijke lijn een afstammeling van David zijn. Aangezien JC geen menselijke vader had was hij niet in mannelijke lijn een afstammeling van David, en daarom is JC dus gediskwalificeerd van het zijn van de messias.
Tja, dat probleem had Jezus ook, toen hij met de Farizeeën daarover in discussie was. 41 Terwijl nu de Farizeeën bijeen waren, vroeg Jezus hun: 42 „Wat denkt GIJ omtrent de Christus? Wiens zoon is hij?” Zij zeiden tot hem: „Van David.” 43 Hij zei tot hen: „Hoe kan David hem dan onder inspiratie ’Heer’ noemen, door te zeggen: 44 ’Jehovah heeft tot mijn Heer gezegd: „Zit aan mijn rechterhand totdat ik uw vijanden onder uw voeten stel”’? 45 Indien David hem daarom ’Heer’ noemt, hoe is hij dan zijn zoon?” 46 En niemand kon hem een woord ten antwoord geven, noch durfde iemand hem van die dag af meer iets te vragen.
Waren zij dan niet “geletterd”genoeg?
Er staat iets meer in die messiaanse profetie in Micha 5: [...]
Van welke stam je bent dat gaat via de vader. JC had geen aardse vader, dus was hij niet van de stam van Judah.
Daarom is JC dus gediskwalificeerd van het zijn van de messias.
[...]
Om op de troon van David te kunnen zitten moet je in mannelijke lijn een afstammeling van David zijn.
Aangezien JC geen menselijke vader had was hij niet in mannelijke lijn een afstammeling van David, en daarom is JC dus gediskwalificeerd van het zijn van de messias.
[...]
Er staat iets meer in die messiaanse profetie in Micha 5:
Micha 5:1-8; "En gij, O Bethlehem Ephrata, al zijt gij klein onder de geslachten van Juda, uit u zal Mij voortkomen die een heerser zal zijn over Israel, en wiens oorsprong is van ouds, van de dagen der eeuwigheid. Daarom zal hij hen prijsgeven tot de tijd dat zij die baren zal gebaard heeft. Dan zal het overblijfsel zijner broederen terugkeren met de Israelieten. Dan zal hij staan en hen weiden in de kracht des HERE, in de majesteit van de naam des HERE, zijns Gods; en zij zullen rustig wonen, want NU zal hij groot zijn tot aan de einden der aarde, en hij zal vrede zijn. Wanneer Assur in ons land komt en wanneer hij onze paleizen betreedt, dan zullen wij tegen hem zeven herders stellen en acht vorsten uit de mensen, die het land van Assur zullen weiden met het zwaard, en het land van Nimrod in zijn poorten. En Hij zal bevrijden van Assur, wanner die in ons land komt en wanneer hij ons gebied betreedt. En het overblijfsel van Jacob zal temidden van vele volkeren zijn als de dauw van de HERE, als regenstromen op het groene kruid, dat niet wacht op de mens, noch mensenkinderen verbeidt. En het overblijfsel van Jakob zal zijn onder de natien, te midden van vele volkeren, als een leeuw onder de dieren des wouds, als een jonge leeuw onder de schaapskudden, die, wanneer hij binnendringt neerslaat, en verscheurt, zonder dat iemand redt. Uw hand zal verheven zijn boven uw tegenstanders en al uw vijanden zullen worden uitgeroeid."
We zien hier, in het eerste vers van deze messiaanse profetie, dat wanneer de messias komt vanuit Bethlehem, dan zal hij een heerser zijn over Israel. Dat betekent dat hij een koning, of misschien een president, zal zijn, maar in elk geval een gewichtig persoon die heel wat in de melk te brokkelen heeft, en geen rondtrekkende prediker en wonderdokter. We zien ook dat na de komst van de messias de joodse oorlogen uitgevochten gaan worden en gewonnen gaan worden door de joden. We zien hier een messias die ons fysieke verlossing gaat brengen van aardse vijanden: En Hij zal bevrijden van Assur, wanneer die in ons land komt en wanneer hij ons gebied betreedt." "Uw hand zal verheven zijn boven uw tegenstanders en al uw vijanden zullen worden uitgeroeid." Dat is duidelijke taal, niet voor meerdere uitleggingen vatbaar.
Het moge duidelijk zijn dat JC Micha 5 NIET vervuld heeft.
[...]
De profetie van Jesaja 7:
1 Het geschiedde nu in de dagen van Achaz, de zoon van Jotam, de zoon van Uzzia, de koning van Juda, dat Resin, de koning van Aram, met Pekach, de zoon van Remaljahu, de koning van Israël, tegen Jeruzalem ten strijde trok; maar hij kon in de strijd daartegen de overhand niet behalen. 2 Toen men het koningshuis van David berichtte: Aram is neergestreken op Efraïm, beefde zijn hart en ook het hart van zijn volk, zoals de bomen van het woud beven voor de wind. 3 Toen zeide J-H-W-H tot Jesaja: Ga Achaz tegemoet, gij en uw zoon Sear-Jasub, naar het einde van de waterleiding van de bovenste vijver, naar de weg van het Vollersveld, 4 en zeg tot hem: tracht rustig te blijven, vrees niet, uw hart versage niet voor deze twee rokende stompen brandhout: voor de brandende toorn van Resin en Aram en de zoon van Remaljahu. 5 Omdat Aram kwaad tegen u beraamd heeft, Efraïm en de zoon van Remaljahu, door te zeggen: 6 Wij zullen optrekken tegen Juda, het schrik aanjagen, het voor ons veroveren en de zoon van Tabeal daarin koning maken – 7 zegt de Here J-H-W-H aldus: Het zal niet bestaan en het zal niet geschieden; 8 maar Damascus blijft het hoofd van Aram en het hoofd van Damascus blijft Resin – binnen nog vijfenzestig jaar zal Efraïm verbroken worden, zodat het geen volk meer is – 9 en Samaria blijft het hoofd van Efraïm en het hoofd van Samaria blijft de zoon van Remaljahu. Indien gij niet gelooft, voorwaar, gij wordt niet bevestigd. 10 En J-H-W-H ging voort tot Achaz te spreken: 11 Vraag voor u een teken van J-H-W-H uw God, diep in het dodenrijk of boven in den hoge. 12 Maar Achaz zeide: Ik zal er geen vragen, en J-H-W-H niet verzoeken. 13 Toen zeide hij: Hoort toch, gij huis van David! Is het u niet genoeg mensen te vermoeien, dat gij ook mijn God vermoeit? 14 Daarom zal J-H-W-H zelf u een teken geven: Zie, de jonge vrouw zal zwanger worden en een zoon baren; en zij zal hem de naam Immanuël geven. 15 Boter en honig zal hij eten, zodra hij het kwade weet te verwerpen en het goede te verkiezen. 16 Maar voordat de jongen weet het kwade te verwerpen en het goede te verkiezen, zal het land ontvolkt zijn, voor welks beide koningen gij angstig zijt.
We zien hier in Jesaja 7, dat koning Achaz, de koning van Judah, bang was van twee buurkoningen. Het is belangrijk om in de gaten te houden dat na de dood van koning Salomo het koninkrijk Israel in twee delen spleet, in het koninkrijk Israel en het koninkrijk Judah. Het koninkrijk Judah bestond uit de stam van Benjamin en Judah, en een gedeelte van Levi. Het koninkrijk Israel bestond uit de overige tien stammen. Achaz was de koning van Judah, en ten tijde van deze profetie was Pekah, de zoon van Remaljah, de koning van Israel. En nou wil het geval dat Pekah een verbond had gesloten met Resin, de toenmalige koning van Syrië, om gezamenlijk Achaz aan te vallen. Dit nieuws bezorgde koning Achaz aanzienlijke stress. Hij had een donker vermoeden dat het in de nabije toekomst wel eens ernstig mis zou kunnen gaan voor hem. Daarom stuurde God de profeet Jesaja naar hem toe, om hem te vertellen dat hij zich geen zorgen hoefde te maken. God zegt tegen koning Achaz dat Hij hem een teken zal geven. Hier is het teken: "14 Daarom zal J-H-W-H zelf u een teken geven: Zie, de jonge vrouw zal zwanger worden en een zoon baren; en zij zal hem de naam Immanuël geven. 15 Boter en honig zal hij eten, zodra hij het kwade weet te verwerpen en het goede te verkiezen. 16 Maar voordat de jongen weet het kwade te verwerpen en het goede te verkiezen, zal het land ontvolkt zijn, voor welks beide koningen gij angstig zijt."
God zei dat voordat de zoon die geboren zou worden aan de de jonge vrouw die zwanger was de jaren des onderscheids bereikt zou hebben, het land van de twee koningen waarvoor Achaz bang was, ontvolkt zou zijn. Die twee naties zouden voor die tijd beiden in ballingschap geleid zijn. Dit is dus een teken voor koning Achaz, die zo'n 700 jaar voor JC leefde.
En de bijbel vertelt ons dat die profetie uitgekomen is: "27 In het tweeënvijftigste jaar van Azarja, de koning van Juda, werd Pekach, de zoon van Remaljahu, koning over Israël te Samaria; hij regeerde twintig jaar. 28 Hij deed wat kwaad is in de ogen van J-H-W-H, hij week niet af van de zonden die Jerobeam, de zoon van Nebat, Israël had doen bedrijven. 29 In de dagen van Pekach, de koning van Israël, kwam Tiglatpileser, de koning van Assur, en veroverde Ijjon, Abel-Bet-Maäka, Janoach, Kedes en Hasor, Gilead en Galila, het gehele land van Naftali; en hij voerde de bevolking in ballingschap naar Assur. 30 En Hosea, de zoon van Ela, smeedde een samenzwering tegen Pekach, de zoon van Remaljahu; hij sloeg hem dood en werd koning in zijn plaats in het twintigste jaar van Jotam, de zoon van Uzzia." II Kon 15.
We zien hier dus dat de bevolking van Israel inderdaad in ballingschap ging, en dat het land van Pekah ontvolkt was.
En zie hier wat er gebeurde met Resin, de koning van Syrië: "6 Te dien tijde heroverde Resin, de koning van Aram, Elat voor Aram en hij wierp de Judeeërs uit Elat; en de Edomieten kwamen naar Elat en woonden daar tot op de huidige dag. 7 Toen zond Achaz boden naar Tiglatpileser, de koning van Assur, om te zeggen: Ik ben uw knecht en uw zoon; trek op en verlos mij uit de macht van de koning van Aram en uit de macht van de koning van Israël, die tegen mij zijn opgetrokken. 8 Achaz nam het zilver en het goud, dat zich bevond in het huis van J-H-W-H en in de schatkamers van het koninklijk paleis, en hij zond het als een geschenk aan de koning van Assur. 9 En de koning van Assur gaf hem gehoor; de koning van Assur trok op tegen Damascus, nam het in en voerde de bevolking in ballingschap weg naar Kir; en Resin bracht hij ter dood. " II Kings 16.
Hier zien we dus dat ook de inwoners van het land van Koning Resin in ballingschap gingen, dus ook zijn land was ontvolkt, dat alles in de dagen van Achaz, zoals de profetie beloofde.
Dus God gaf een teken aan koning Achaz.
In de dagen van koning Achaz.
Dat is ongeveer 700 jaar voor JC .
Dus deze profetie heeft helemaal niks met de messias te maken, en er is in de verste verte geen maagd te vinden die zwanger zou worden.
Dat zijn alleen maar foutieve aannames van het NT.
Niettegenstaande al deze feiten brengt het NT deze tekst toch als zijnde een messiaanse profetie, die zou zeggen dat de messias uit een maagd geboren zou worden: Matthew 1: "21 Zij zal een zoon baren en gij zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden. 22 Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zeide: 23 Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuël geven, hetgeen betekent: God met ons."
Dus wat het NT hier doet, is een tekst die niks met de messias te maken heeft uit zijn verband rukken, het vervolgens foutief vertalen, en dan presenteren als zijnde een "messiaanse profetie".
Dus één van de fundamenten van het christelijk geloof, de maagdelijke geboorte, is gebaseerd op een tekst die door het NT uit zijn verband getrokken is, en foutief vertaald is, en die helemaal niet over de messias spreekt.
Deze feiten worden toegegeven door de christelijke hoogleraar aan de theologische faculteit van de Vrije Universiteit te Amsterdam, prof dr Talstra. In een reactie op mijn homepage schrijft hij onder andere: "Wat betreft het citaat van Jes. 7,14 in Mth. 1,22 heeft Silver eenvoudig gelijk: het Hebreeuws heeft: 'jonge vrouw', de Mth. tekst heeft 'parthenos': maagd. Geen exegeet zal dat tegenspreken." En ook: "Vervolgens: ook christelijke oudtestamentici zullen zeggen dat Jes. 7 gaat over een prins uit de lijn van David ergens in de 8e eeuw v. Chr. Dat is wat de tekst beschrijft."
Voor de hele reactie van prof dr Talstra kijk hier: [bergzion.freewebpage.org]
Dus prof dr Talstra geeft gewoon toe dat er niet "maagd" staat in Jesaja 7, maar "jonge vrouw, en dat het spreekt over een prins in dagen van Jesaja en Achaz, zo'n 700 jaar voor JC.
We zien dus dat het NT teksten die HELEMAAL NIKS met de messias te maken hebben uit hun verband rukt, misvertaald, en dan presenteert als zijnde "messiaanse profetieën, wat ze overduidelijk NIET zijn.
En zo is het met al de christelijke "messiaanse profetieën".
Dit bericht wordt u toegestuurd vanaf de berg Zion te Jeruzalem, Israel.
"Want uit Sion zal de wet uitgaan en het woord van J-H-W-H uit Jeruzalem." Jes 2:3, Micha 4:2
"Want alle volkeren wandelen elk in de naam van zijn god, maar wij zullen wandelen in de naam van J-H-W-H onze God, voor eeuwig en altijd!" Micha 4:5
En Hij, Jezus, begon omtrent dertig jaren oud te wezen, zijnde (alzo men meende) de zoon van Jozef, den zoon van Heli (Lucas 3: 23)
"En zij gaven Hem allen getuigenis, en verwonderden zich over de aangename woorden, die uit Zijn mond voortkwamen; en zeiden: Is deze niet de Zoon van Jozef?" (Lucas 4: 22)
"Een iegelijk dan, die Mij belijden zal voor de mensen, dien zal Ik ook belijden voor Mijn Vader, Die in de hemelen is. Maar zo wie Mij verloochend zal hebben voor de mensen, dien zal Ik ook verloochenen voor Mijn Vader, Die in de hemelen is." (Mattheus 10: 32-33)
Zoals je ziet is Jezus, zoon van Jozef via zijn aardse vader Jozef. Daarnaast heeft Jezus een Vader, Die in de hemelen is. Waarom zou hij zeggen: "Die in de hemelen is" als hij maar één vader had? Hij kan dan toch gewoon zeggen "mijn vader"?
De maagd in Mattheus en Lucas is een vertaalfout van de profetie van Jesaja, waarin 'jonge vrouw' staat. En Maria was inderdaad een jonge vrouw toen ze Jezus kreeg. In de twee andere bijbelse evangeliën, die van Marcus en Johannes wordt Jezus geboorte niet eens genoemd. Als er echt zoiets wonderlijks was als een maagdelijke geboorte dan hadden zij dit verhaal natuurlijk ook opgenomen.
We kunnen echter aannemen dat de heilige geest pas in Jezus voer bij zijn doop in de Jordaan (met de duif als symbool). Dit verhaal komt dan ook in alle vier de bijbelse evangeliën voor en moet daarom wel van een uitermate grote belangrijkheid zijn.
De engel vraagt waar kijk je naar? Even van te voren was er een wolk geschoven, waardoor het gezicht aan Jezus is onttrokken. Zij kunnen hem dus NIET de hemel in zien gaan. Hij is door de wolk onzichtbaar geworden. Dan zegt de engel: zo zal hij ook terugkeren, onzichtbaar dus.
Als het waar is wat jij beweert moet Jezus nu ergens in de lucht zweven en moet hij door mensen in vliegtuigen gezien kunnen worden.
Op 05-07-2011, 15:06ken schreef:
[...]Je vergeet de Christenheid met haar meer dan 300 tegenstrijdige variaties en het boek van Mormon.
(A) In tegenstelling wat de afvalligen jou wijsmaken, claimen jg geen profeten te zijn. (B) Zij weten dat de gaven zijn weggedaan.
Bedankt dat je me aanvult, maar jammer dat je er nog een leugen aan toevoegt.
A. 'Afvalligen' beweren niet dat jg zeggen dat ze profeten zijn, maar 'afvalligen' tonen aan dat het wtg vele valse profetieën heeft gedaan en zij gebruiken daarbij wtgpublicaties die niet liegen over het wtg. Jij weet echter niet dat het wtg zulke dingen gedaan heeft aangezien het wtg tegen jou liegt over het verleden en omdat jij klakkeloos alles van het wtg aanneemt en niet wilt weten dat het wtg zeer grote fouten heeft gemaakt. B. Dat weten ze nu, tot 1975 wisten ze dat niet.
Zoals je ziet is Jezus, zoon van Jozef via zijn aardse vader Jozef.
Bs'd
Aangezien de evangelien ons vertellen dat JC GEEN menselijke vader had, is hij dus geen afstammeling van Jozef, geen afstammeling van David, geen afstammeling van Judah, en daarom gediskwalificeerd van het zijn van de messias.
Aangezien de evangelien ons vertellen dat JC GEEN menselijke vader had, is hij dus geen afstammeling van Jozef, geen afstammeling van David, geen afstammeling van Judah, en daarom gediskwalificeerd van het zijn van de messias.
Eliyahu
Jezus noemt zichzelf een mens in de evangeliên. Hoe zou zijn vader dan niet Jozef zijn?
De bijbel laat steeds het mannelijke overheersen over het vrouweljke. Dat zie je al van in den beginne. God belicht de dagen, maar niet de nachten in genesis ( GEN ISIS)! Ook omtrent Maria Magdalena ( zie topic) is er zeer veel onduidelijk. Paulus heeft zeker MM gekend, maar schrijft daar niets over.
Daarbij komt het dat vertalen mensenwerk is; er werd vertaald naar eigen excegese.
Als je dit weet, hoe kun je dan de bijbel als waarheidsgetrouw aanvinken? En het is niet omdat iets waarheidsgetrouw is; dat het ook goed is voor de mensheid. Waar blijft trouwens de soevereiniteit van de mens?