|
Nathaniel
|
Geplaatst op 28-05-2009, 08:18 |
Reageer
|
Berichten: 536
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Israël Gods verbondsvolk!
Hoewel praktisch de hele wereld het met de Palestijnen eens is dat zij de rechtmatige eigenaren van de oude bijbelse gebieden Samaria en Judea zijn, bestaat daarvoor geen enkel historisch bewijs. Alle aanspraken zijn vals en gebaseerd op leugens. De Bijbel laat er geen enkele twijfel over bestaan wie de rechtmatige bezitters zijn van deze gebieden. De hele geschiedenis begint met Abraham, de stamvader van de Arabieren en het volk van Israël.
Genesis 12: 1-4
1 De Here nu zeide tot Abram; Ga uit uw land en uit uw maagschap en uit uws vaders huis naar het land, dat Ik u wijzen zal. 2 Ik zal u tot een groot volk maken, en u zegenen, en uw naam groot maken, en gij zult tot een zegen zijn. 3 Ik zal zegenen wie u zegenen, en wie u vervloekt zal Ik vervloeken en met u zullen alle geslachten des aardbodems gezegend worden. 4 Toen ging Abram, zoals de Here tot hem gesproken had, en Lot ging met hem en Abram was 75 jaar oud, toen hij uit Haran vertrok.
Na zijn vertrek uit Haran komt Abraham met zijn gevolg aan in Sichem- het hedendaagse Nablus- bij de terebint van More.
Genesis 12: 6-7
6 En Abram trok het land door tot de plek bij Sichem tot de terebint Moré; en de Kanaänieten waren toen in het land. 7 Toen verscheen de Here aan Abram en zeide, Aan uw nageslacht zal Ik dit land geven.
Sichem is één van de steden die Israël aan de Palestijnse Autoriteit heeft overgedragen zoals in de Oslo-akkoorden is overeengekomen. Sichem ligt in de streek Samaria, ten westen van de rivier de Jordaan.
Genesis 17: 7-8 & 19-21
7 Ik zal Mijn verbond oprichten tussen Mij en u en uw nageslacht en hun geslachten, tot een eeuwig verbond, om u en uw nageslacht tot een God te zijn. 8 Ik zal aan u en uw nageslacht het land, waarin gij als vreemdeling vertoeft, het ganze land Kanaän, tot een altoosdurende bezitting geven, en Ik zal hun tot een God zijn. 19 Sara zal een zoon baren, en gij zult hem Isaäk noemen en Ik zal Mijn verbond met hem oprichten tot een eeuwig verbond voor zijn nageslacht. 20 En wat Ismaël betreft, Ik heb u verhoord; zie, Ik zal hem zegenen, hem vruchtbaar doen zijn en uitermate talrijk maken; twaalf vorsten zal hij verwekken, en Ik zal hem tot een groot volk stellen. 21 Maar mijn verbond zal Ik oprichten met Isaäk, die Sara u op deze zelfde tijd in het volgende jaar baren zal.
Ismaël kreeg als woongebied de woestijn van Paran en Isaäk het land Kanaän. De genoemde bijbelteksten maken duidelijk dat geen enkel ander volk dan de kinderen van Israël aanspraak kunnen maken op het Beloofde Land of zelfs maar delen daarvan. De landbelofte aan Israël wordt maar liefst 47 maal onder ede door de Here God in Zijn Woord herhaald.
Het land Israël is Gods land. De hele wereld is van God maar de Here noemt Israël Zijn land en als God spreekt over mijn land, dan spreekt hij ook over mijn volk, de kinderen van Israël. Israël is het land waar God Zichzelf openbaarde en tot de mens sprak. Het is het land van de Bijbel. Geen ander land op aarde is ooit door God beloofd aan een volk in het bijzonder, dat is alleen met het volk van Israël gebeurd. Het land en het volk van Israël horen onlosmakelijk bij elkaar. Desondanks heeft een groot deel van de wereldbevolking daar een andere mening over. Wereldleiders, de VN, kerkelijke machthebbers en niet in de laatste plaats de islamitische wereld, bestrijden Israël het recht op het land. Kerken hebben door de eeuwen heen beweerd dat de landbelofte aan Israël slechts was beloofd tot de tijd dat Jezus in het vlees verscheen of tot de kruisiging. Dit soort beweringen doen afbreuk aan de onfeilbaarheid van Gods Woord. Het zijn misleidende verklaringen die eeuwenlang miljoenen gelovigen op een dwaalspoor hebben gezet. De wereld heeft Israël gedwongen grote delen van Gods land af te staan aan een volk dat er geen enkel recht op heeft.
Israël werd een natie in 1312 v C, tweeduizend jaar voor de opkomst van de islam, en lang voordat er sprake was van enig Arabisch land. Kanaän was het Heilige Land, het nationale tehuis voor het joodse volk sinds bijbelse tijden. Sindsdien is het meer dan 15 keer bezet. Onder de bezetters waren Egyptenaren, Babyloniërs, Perzen, Grieken, Romeinen en Ottomaanse Turken. De hele wereld gelooft in de leugen dat Israël Arabisch land bezet houdt. Maar er bestaat geen enkele link tussen de nakomelingen van Sem noch die van Ismaël en het Heilige Land. De Kanaänieten, Hethieten, Amorieten, Hevieten, Jebusieten en Filistijnen, die tijdens Israël’s intocht in het Beloofde land woonden, waren geen van allen Semieten maar nakomelingen van Cham. De nakomelingen van Ismaël woonden in de woestijn van Paran en zwermden later uit over het Arabisch schiereiland w.o. Jemen en Saoedi-Arabië.De bewering dat de Palestijnse wortels terug te vinden zijn in de Kanaänieten, Filistijnen etc, berust derhalve op geen enkel historisch feit. Er blijkt in de hele geschiedenis nooit een Palestijns volk te hebben bestaan. Er bestaat geen Palestijnse taal, geen Palestijnse cultuur en er is nooit sprake geweest van een land dat bestuurd werd door Palestijnen.
De weg die Israël de hele geschiedenis door gegaan is, was een weg die met lijden gepaard is gegaan. Zij waren het die het verwoeste land hebben opgebouwd, de kale bergen van Samaria en Judea in cultuur hebben gebracht en de woestijn hebben laten bloeien als een roos. Alle zogenaamde vredesakkoorden hebben een ontwikkeling op gang gebracht, die het Joodse volk elke veiligheid heeft ontnomen. De Oslo-akkoorden zijn een verbond met de dood gebleken en een verdrag met het dodenrijk. Begrip en sympathie van de wereld zijn er niet bij voor de joodse slachtoffers van de Palestijnse moordbrigades. Als Israël probeert zichzelf te beschermen tegen moordenaars die zichzelf opblazen, krijgt men het advies zich terughoudend op te stellen. Het is de Palestijnse propagandamachine gelukt Israël als bezetter en agressor te brandmerken en het ‘Palestijnse volk’ als slachtoffer voor te stellen. Het is verbazingwekkend te zien hoe de Palestijnse leugenmachine gewillig wordt aangenomen, zelfs in christelijke kringen. Het volk van Israël wordt opgejaagd in haar eigen land en de hele wereld doet er aan mee.
Het door de afstammelingen van Ismaël bewoonde gebied is 614 keer groter dan het kleine stukje wat de VN aan Israël heeft toegewezen, maar desondanks gunt men Israël dit stukje land niet. Tot het zuiden van Soedan en het noorden van Syrië, van de kust van de Atlantische Oceaan in het westen tot aan de grens van Iran in het oosten, is Arabisch land. Maar dat blijkt niet genoeg. Iedere vierkante meter grond in bezit van de Joden ziet men als een ondraaglijke belediging aan het adres van de god van de islam, Allah, want alles moet onder de hoede van de islam worden gebracht. Maar het land komt de Arabieren niet toe. Een ieder die vindt dat de Arabieren recht hebben op het Beloofde Land inclusief Jeruzalem, dwarsboomt Gods plan met Zijn volk Israël. Het is Gods land, gegeven aan de nakomelingen van Abraham, Isaäk en Jacob als een eeuwig durend erfdeel tot in duizend geslachten.
Uit diverse bijbelteksten blijkt dat de strijd rond Israël tenslotte in een wereldwijd conflict zal ontaarden. Er zal verlossing zijn voor Israël want de Here heeft Zijn volk bijzonder lief en heeft het bestemd tot een grote opdracht voor de hele wereld. En hoewel Israël nu door de meeste volken wordt veracht is het door God uitverkoren om in het laatst der tijden een bron van zegen te worden voor alle volken. De wereld kan er zeker van zijn dat tenslotte God Zijn plannen met Israël volvoeren zal, want Hij is getrouw en Zijn plannen falen niet.
Vrede van God, Nathaniel
Dit bericht is gewijzigd op 28-05 08:20.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Vincent
|
Geplaatst op 28-05-2009, 14:47 |
Reageer
|
Berichten: 531
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
"Zijn leerlingen vroegen hem: Wie ben je dat je ons al deze dingen zegt? Jezus zei hun: Je beseft niet wie ik ben door de dingen die ik zeg, omdat je bent geworden als de joden: want zij houden van de boom en haten de vruchten, of zij houden van de vruchten en haten de boom." Thomas 43
Israël is niet Gods land. De mens is Gods land. Door land te claimen, claim je iets wat niet van jou is. Laten we in vrede met elkaar leven en met elkaar tot een oplossing komen van het probleem. Laten we vreedzaam naast elkaar leven en ieder volk een eigen land geven. Zoals ook Israël ooit een eigen land voor het volk heeft gekregen.
"Jezus zei: Als twee vrede sluiten met elkaar in één huis, zullen ze tegen de berg zeggen: ga weg, en hij zal gaan." Thomas 48
Laten we ophouden met te zeggen: Dit is van jou en dit is van mij. Want het hoort je niet toe.
"Zijn leerlingen zeiden: Wanneer zul je je aan ons openbaren? Wanneer zullen wij je zien? Jezus zei: Wanneer je je kleren aflegt zonder schaamte, en je kleren opneemt en op de grond onder je voeten legt zoals kleine kinderen, en ze vertrapt, dan zul je zelf een zoon van de levende zijn en je zult niet meer vrezen." Thomas 37
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Nathaniel
|
Geplaatst op 28-05-2009, 20:12 |
Reageer
|
Berichten: 536
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Israel, wie zijn zij?
Het werkelijke verbondsvolk, Israël, is de biologische afstammeling van alle 12 stammen van Israël. Zij worden het verbondsvolk genoemd omdat God met hun voorvaders vele bijzondere verbonden heeft gesloten die ook de eeuwige bewoning van het land Israël insluiten. Nog nooit in de geschiedenis van Israël als volk was er de geringste twijfel over de geldigheid van de onvoorwaardelijke beloften die de Heer met de stichters van dit volk heeft gesloten. God Zelf is de waarborg voor het Abrahamitische verbond (Gen. 15:18), het Kanaänitische verbond (Num. 33:51–34:15) en het Davidische verbond (2 Sam. 7:12-16; Ps. 89:3-4, 34-37) die voor Israël het eeuwige bezitrecht bevestigen over het land en de bestendigheid van de troon van David.
Israëls ballingschap uit het land, als gevolg van ongeloof, kan deze verbonden niet ongeldig maken of op andere volken overdragen. Zelfs als Israël ontrouw wordt, blijft de Heer een getrouwe verbondsgod die hen weer in hun land zal herstellen. Hierover werd een plechtige belofte gedaan, lang vóór Israëls Assyrische en Babylonische ballingschap en hun internationale verstrooiing na de verwerping van de Messias:
“En hierenboven is dit ook; als zij in het land van hun vijanden zullen zijn, zal Ik hen niet verwerpen, noch van hen walgen, om een einde aan hen te maken, vernietigende Mijn verbond met hen; want Ik ben de HEERE, hun God! Maar Ik zal hun ten goede gedenken aan het verbond der voorouders, die Ik uit Egypteland voor de ogen der heidenen uitgevoerd heb, opdat Ik hun tot een God ware; Ik ben de HEERE!” (Lev. 26:44-45).
Deze verbonden zijn niet op enig ander volk overdraagbaar, en als gevolg daarvan kunnen slechts de werkelijke afstammelingen van de 12 stammen naar Israël terugkeren. De Heer heeft hen wegens ongeloof uit het land laten verstrooien, en het is ook slechts door Zijn ingrijpen en voorziening dat zij in de eindtijd, weer naar hun land zullen hersteld worden. Jeremia zegt: “Hoort des HEEREN woord, gij heidenen! en verkondigt in de eilanden, die verre zijn, en zegt: Hij, Die Israël verstrooid heeft, zal hem weer vergaderen, en hem bewaren als een herder zijn kudde” (Jeremia 31:10).
Het feit dat Israël nog steeds niet gered is, doordat zij nog steeds de Messias verwerpen, diskwalificeert hen niet om naar hun land teruggebracht te worden. De Heer gaat hen in grote benauwdheid brengen opdat zij Hem zullen zoeken: “Daarom, alzo zegt de Heere HEERE: Omdat gij allen tot schuim geworden zijt, daarom ziet, Ik zal u in het midden van Jeruzalem vergaderen. Gelijk zilver, of koper, of ijzer, of lood, of tin in het midden van een oven vergaderd wordt, om het vuur daarover op te blazen, opdat men het smelte; alzo zal Ik u vergaderen in Mijn toorn, en in Mijn grimmigheid daar laten, en smelten. … en gij zult weten, dat Ik, de HEERE, Mijn grimmigheid over u uitgegoten heb” (Ezechiël 22:19-22).
In Hosea 5:15 zegt de Messias dat Israël Hem in het uur van hun nood zullen zoeken. Dit zal gebeuren in de “tijd van benauwdheid voor Jakob” die op de grote verdrukking wijst. Paulus bevestigt in Romeinen 11:25-26 het feit dat het nationale geestelijke herstel van Israël pas in de eindtijd zal komen, wanneer “de volheid der heidenen zal ingegaan zijn” . Paulus zegt: “De Verlosser zal uit Sion komen en zal de goddeloosheden afwenden van Jakob”. Dan zal het hele overblijfsel van Israël tot bekering komen, want de Messias komt naar de Olijfberg terug (Zach 14:4-5).
De Heer beschrijft hun nationale redding als volgt:
“Doch over het huis van David, en over de inwoners van Jeruzalem, zal Ik uitstorten de Geest der genade en der gebeden; en zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben, en zij zullen over Hem rouwklagen, als met de rouwklacht over een enige zoon; en zij zullen over Hem bitter kermen, gelijk men bitter kermt over een eerstgeborene. Te dien dage zal te Jeruzalem de rouwklacht groot zijn, gelijk die rouwklacht van Hadad-Rimmon, in het dal van Megiddon” (Zacharia 12:10-11).
Na het geestelijke herstel van het volk zal de Messias de vervallen troon van David weer in Jeruzalem herstellen:
“Na dezen zal Ik weerkeren, en weer opbouwen de tabernakel van David, die vervallen is, en wat daarvan verbroken is, weer opbouwen, en Ik zal die weer oprichten. Opdat de overblijvende mensen de Heere zoeken, en al de heidenen, over wie Mijn Naam aangeroepen is, spreekt de Heere, Die dit alles doet” (Handelingen 15:16-17).
Deze troon is beslist niet naar Engeland overgeplaatst, zoals door de moederorganisatie van de Israëlbeweging beweerd wordt. Deze troon is in Jeruzalem in onbruik geraakt als gevolg van Israëls afvalligheid en daar zal deze door de Messias hersteld worden.
In het Messiaanse rijk, na de wederkomst, zal Jezus Christus van de herstelde troon van David af vanuit Jeruzalem regeren:
“In die tijd zullen zij Jeruzalem noemen, de troon des HEEREN; en al de heidenen zullen tot haar vergaderd worden, om de Naam des HEEREN, te Jeruzalem; en zij zullen niet meer wandelen naar het goeddunken van hun boos hart” (Jeremia 3:17). Omdat Satan in die tijd gebonden zal zijn, zal hij de naties niet meer tot haat, rebellie, oorlog en andere zonden kunnen ophitsen en verleiden. Zij zullen spontaan de gunst van de Heer in Jeruzalem zoeken, alsook die van Zijn volk Israël, en zij zullen in Zijn wegen wandelen:
“Alzo zegt de HEERE der heerscharen: Nog zal het geschieden, dat de volken, en de inwoners van vele steden komen zullen; en de inwoners van de ene stad zullen gaan tot de inwoners van de andere, zeggende: Laat ons vlijtig heengaan, om te smeken het aangezicht van de HEERE, en om de HEERE der heerscharen te zoeken; ik zal ook heengaan. Alzo zullen vele volken, en machtige heidenen komen, om de HEERE der heerscharen te Jeruzalem te zoeken, en om het aangezicht van de HEERE te smeken. Alzo zegt de HEERE der heerscharen: Het zal in die dagen geschieden, dat tien mannen, uit allerlei tongen der heidenen, grijpen zullen, ja, de slip grijpen zullen van een Joodse man, zeggende: Wij zullen met u gaan, want wij hebben gehoord, dat God met u is” (Zach 8:20-23).
Juist zoals het was sedert het herstel uit de Babylonische ballingschap, tot vandaag toe, zal het volk Israël ook “Joden” genoemd worden. Leden van de naties zullen de slip van een Joodse man grijpen en met hem samengaan, omdat de zegen van de Heer rijkelijk op het geestelijk herstelde Jodendom (Israël) zal rusten.
Vrede van God, Nathaniel
Dit bericht is gewijzigd op 28-05 20:18.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Nathaniel
|
Geplaatst op 05-06-2009, 08:43 |
Reageer
|
Berichten: 536
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
De Joodse verwachting van het koninkrijk van God
Johannes de Doper, de heraut die de komst van de Messias aankondigde, blies na lange tijd van profetische stilte het concept 'Koninkrijk van God' nieuw leven in voor zijn volksgenoten. Hij predikte (Matteüs 3:2): "Bekeert u, want het Koninkrijk van de hemelen is nabij gekomen." Jezus zette deze prediking met Messiaanse kracht en diepere inhoud voort. Matteüs 4:17: "Van toen aan begon Jezus te prediken en te zeggen: Bekeert u, want het Koninkrijk van de hemelen is nabij gekomen."
De Joodse verwachting bevatte een nationaal herstel als volk met een koning uit het geslacht van David op de troon. Deze verwachting was gebaseerd op de geschiedenis en profetieën. Veel profeten hadden over een toekomstig herstel van het Joodse volk met een koning uit het geslacht van David op de troon gesproken (zie o.a. 2 Samuël 7:13; Jesaja 9:6; Micha 4:7; Zacharia 14:9,10; Lucas 1:32). Toen dan ook Johannes de Doper - en na hem Jezus - het herstel van het koninkrijk van God predikte, vertolken de Joden dit als een spoedig herstel van hun nationale vrijheid en grootheid, want het was in die tijd een provincie van het Romeinse Rijk. Deze verwachting was ook bij de discipelen - zelfs nog na kruisiging en opstanding van Jezus - zeer sterk aanwezig (Handelingen 1:6). Jezus ging echter terug naar de hemel zonder het herstel van Israël gerealiseerd te hebben - zij had Hem immers verworpen. De bittere teleurstelling van de discipelen vanwege het feit dat Jezus het koningschap niet op zich nam, maar naar de hemel vertrok, is duidelijk te merken in de verslaggeving van Handelingen hoofdstuk 1.
Waarom vervulde Jezus niet de Joodse verwachting van het koninkrijk van God? Was hun verwachting onjuist? Neen, dat was niet het echte probleem. Het probleem was dat zij de voorwaarden niet wilden vervullen. Die voorwaarden waren:
a. Berouw of zonde en bekering. b. De beslissing een leven te gaan leiden, zoals God dit wil. c. Te geloven in Jezus Christus als de Zoon van God, de koning van het koninkrijk.
Als Jezus als koning zou gaan regeren moest Hij een volledig gehoorzaam volk hebben dat Hem met haar gehele hart als koning wilde. De gewone mensen waren wel gewillig in Hem te geloven maar de leiders niet. Johannes de Doper had reeds doorzien dat het hart van de leiders trots, legalistisch en hypocriet was. Zij bekeerden zich niet echt van hun zonde. Zij hadden zich niet openlijk verzet tegen Johannes de Doper maar jegens Jezus hadden zij in toenemende mate openlijke vijandigheid getoond. Hun vijandigheid resulteerde uiteindelijk in zijn kruisiging door de Romeinen.
Vrede van God,
Nathaniel
Dit bericht is gewijzigd op 05-06 08:43.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Reuven613
|
Geplaatst op 13-07-2009, 20:59 |
Reageer
|
Berichten: 4
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Ik ben heel voorzicht met uitspraken zoals "aanspraak maken op." Zolang de mens sterfelijk is kan het niets claimen. Een koopcontract is gebonden aan een mensenleven. Na zijn dood vervalt het contract en dan zijn het de nabestaanden die gaan bepalen wat er met het contract gaat begeuren. Eretz Israel is toebedeeld aan Avraham, Itschak en Jakov. Hoe werkelijk de aanspraak op dat land gaat is, dat iedere jood en inzegezeten (Ger of tewel geconverteerde) zich houdt aan de Voorschriften. Daarom staat vaak in de Torah of Pentateuch: "Als/wanneer je komt ...." (Ki tavo) en niet: "Je komt.... " (tabo) Zowel het Christen als binnen joodse kringen wordt deze uitspraak gebruikt als een politiek argument.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|