|
justsoufiane
|
Geplaatst op 22-07-2008, 01:10 |
Reageer
|
Berichten: 10
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
...:::Mohammed vrede zij met hem in de bijbel:::..
Alle lof zij Allah en vrede en zegeningen zij met de Profeet Mohammed
Voorts,
Het is algemeen bekend dat Allah Aadam deed neerdalen naar de aarde om hem en zijn nakomelingen op de proef te stellen wat betreft aanbidding en gehoorzaamheid. Dit ter voltooiing van het volgende vers:
“En Ik heb de Djinn en de mens slechts geschapen om Mij te aanbidden.” (Adh-Dhariyyaat: 56)
Degenen die zich aan de voorschriften van Allah weten te houden, zullen in aanmerking komen voor verlossing en redding. En degenen die er voor kiezen om de Satan te aanbidden, zullen van het rechte Pad afdwalen en vernietigd raken. Allah zegt namelijk:
“Wij zeiden: ,,Daalt allen neer van haar (het Paradijs). En, indien er leiding van Mij tot jullie komt, zullen zij, die Mijn leiding volgen, vrees noch droefheid kennen. En degenen die niet geloven en Onze tekenen verloochenen, zullen de bewoners van het Vuur zijn; zij zullen daarin verblijven.” (Al-Baqarah: 38-39)
De mensen hebben tien eeuwenlang Allah alleen aanbeden - Dit vanaf de tijd van Aaadam tot aan de tijd van Noeh (vrede zij met hen beiden) – Daarna begon veelgodendom zich onder de mensen te verspreiden als gevolg van de verering van een aantal overleden rechtschapen mensen. Hun dood heeft er toe geleid dat de mensen van hun tijd onder aanvoering van de Satan beelden van hen zijn gaan maken en beelddiensten zijn gaan houden. En na dit incident openbaarde Allah aan Noeh om de mensen at-Tawhied (eenheid van Allah) in herinnering te gaan brengen. Een missie die negenhonderd en vijftig jaar zou gaan duren. Allah zegt:
“Voorwaar, Wij zonden Noeh tot zijn volk, en hij verbleef onder hen duizend jaar op vijftig jaar na. Vervolgens werden zij door de zondvloed ondergelopen terwijl zij onrechtvaardig waren.” (Al-cAnkaboet: 14)
En het was uiteindelijk slechts een klein groepje dat zijn vertrouwen stelde in Noeh en hem heeft gevolgd. Hierop richtte Noeh zich smekend ten hemel en zei:
“Noeh zeide: "Mijn Heer, zij gehoorzamen mij niet, en volgen iemand wiens bezit en kinderen slechts tot zijn ondergang hebben bijgedragen. En zij hebben een vreselijk plan gesmeed. En zeggen tegen elkander: 'Verlaat uw goden nooit. Verlaat noch Wodd, noch Sowa, noch Jaghoes en Ja3oeq en Nasr.' En zij hebben velen doen dwalen, en doet de onrechtplegers slechts in dwaling toenemen." Daarom werden zij vanwege hun zonden verdronken en in het Vuur gedreven. En zij konden buiten Allah om geen helpers vinden. En Noeh had gezegd: "Mijn Heer, laat in het land geen huis van de ongelovigen achterblijven; Want als U hen achterlaat zullen zij Uw dienaren op een dwaalspoor zetten en zij zullen niets dan een verdorven en ondankbaar nageslacht voortbrengen.” (Noeh: 21-27) Na de tijd van Noeh, leefden de mensen voor enige tijd nog volgens de richtlijnen van at-Tawhied, maar daarna belandden zij opnieuw in een spinnenweb van Shirk. Dus er volgde een reeks van profeten die steeds belast werd met de opdracht om de mensen weer terug te leiden naar Het Pad van Allah. En één van die profeten was Moesa (vrede zij met hem). Hij was één van de meest succesvolle profeten die naar het huis van Israël zijn gezonden. Toch heeft hij enorm geleden onder het verzet, tegenwerking en veel vragen van zijn volk. Allah zegt:
“En toen Mozes tot zijn volk zei: "O mijn volk, jullie hebben julliezelf onrecht aangedaan door het kalf te aanbidden: daarom dienen jullie berouwvol tot jullie Heer terug te keren en doodt julliezelf, dat is het beste voor jullie Bij jullie Heer". Daarna Vergaf Hij jullie jullie zonden. Voorzeker, Hij is Berouwaanvaardend, Genadevol. En (gedenk) toen Jullie zeiden: "O Mozes, wij zullen je niet geloven, totdat wij Allah openlijk mogen aanschouwen", toen trof jullie een donderslag, terwijl jullie toekeken. Toen wekten Wij jullie weer op na jullie dood, opdat jullie dankbaar zouden zijn.” (Al-Baqarah: 54-56)
Nadat Moesa het leven liet, is zijn boek voor een lange tijd als wet blijven gelden onder de kinderen van het huis van Israël. En alle profeten die daarna zijn gekomen verwezen de mensen terug naar de Thora; het boek van Moesa. Dit duurde voort tot aan de komst van cIesa (vrede zij met hem) die met een aantal aanpassingen op de Thora was gekomen. Daarom staat er in de Koran dat cIesa het volgende tegen het nageslacht van Israël zegt:
“(Ik ben tot jullie gekomen) bevestigende voor datgene wat vóór mij was, namelijk, de Torah en om jullie iets, van wat jullie (eerder) verboden was gemaakt toe te staan; en ik ben tot jullie gekomen met een teken van jullie Heer, vreest daarom Allah en gehoorzaamt mij.” (Aali cImraan: 50)
En deze woorden van cIesa worden tevens bevestigd door de teksten in de bijbel. Zo staat in Matteüs 5: 17 vermeld dat cIesa zegt: “Meent niet dat ik gekomen ben om Wet en Profeten af te breken; ik ben niet gekomen om af te breken, maar om aan te vullen.”
En met het opvaren van cIesa naar de hemel is dan ook een einde gekomen aan deze tendens van gezonden profeten naar het huis van Israël. Want het was tijd geworden om het profeetschap te overhandigen aan een andere natie. En daarom zegt cIesa in de Bijbel tegen het nageslacht van Israël: “Hierop zeide Jezus tot hen: Hebt gij nooit in de Schriften gelezen: De steen die de bouwlieden hebben verworpen, die is hoeksteen geworden; vanwege den Heer is dit geschied, en het is een wonder in ons oog? Daarom zeg ik u: Het Koninkrijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat de vruchten er van opbrengt. En wie op dezen steen valt zal verpletterd worden, en op wien hij valt, dien zal hij vermorzelen.” (Mattheüs 21: 42-44)
Het was uiteindelijk het Arabische volk dat met deze grote eer mocht opstrijken. Het volk van de laatste profeet Mohammed (vrede zij met hem). En met de woorden ‘En wie op dezen steen valt zal verpletterd worden, en op wien hij valt, die zal hij vermorzelen’ bedoelt cIesa te zeggen dat eenieder die de voortgang van de Boodschap van de Islam zal proberen te beletten, vermorzeld en verpletterd zal worden. En het feit dat de bouwlieden deze steen zullen verwerpen, geeft aan dat het hier om iemand gaat die van weinig betekenis wordt geacht door de kinderen van Israël. En de enige op wie deze woorden van toepassing kunnen zijn is Mohammed, aangezien hij een afstammeling is van Ismaël, de zoon van Haadjar, over wiens nageslacht niet al te serieus wordt gedaan omdat zij slechts een slavin was. Maar Allah besloot deze kleinzoon van Haadjar tot een grote Profeet te maken. De allergrootste wel te verstaan. Allah zegt:
“Mohammed is de Boodschapper van Allah. En zij, die met hem zijn, zijn niet toegevend tegen de ongelovigen en zachtmoedig onder elkander. Jij ziet hen zich buigen en nederwerpen (in gebed), Allah's genade en Zijn welbehagen zoekende - Op hun aangezicht zijn de sporen van het zich ter aarde werpen. Dit is hun beschrijving in de Torah. En hun beschrijving in De bijbel. Als het zaad van koren, dat zijn scheut uitspruit, en die versterkt, waardoor zij dik wordt en op eigen stengel komt te staan, tot vreugde van de zaaiers en woede van de ongelovigen. Allah heeft aan de gelovigen die goede werken doen, vergiffenis en een grote beloning beloofd.” (Al-Fath: 29)
Ook zegt Allah:
“Zij, die de boodschapper, de ongeletterde profeet volgen, die zij in de Torah en de Bijbel beschreven vinden, Hij die hen het goede opdraagt en het kwade verbiedt, veroorlooft hun de goede dingen en verbiedt hen de slechte dingen en ontheft hen van de last en de boeien die hen bonden. Zij, die in hem geloven en hem eren en ondersteunen en het licht dat met hem is nedergezonden volgen, zullen geheid slagen.” (Al-A'raaf: 157)
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
justsoufiane
|
Geplaatst op 22-07-2008, 01:10 |
Reageer
|
Berichten: 10
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Allah stuurde ter afsluiting van alle eerdere profeten een ongeletterde Profeet met een boodschap die zich kenmerkt door soepele en gemakkelijke voorschriften die door iedereen en zonder enige moeite tot uitvoer kunnen worden gebracht. Ook heeft Hij (Allah) zorg gedragen voor het veiligstellen en waarborgen van deze universele boodschap. Want het gaat hier per slot om de laatste boodschap die als bewijs geldt tegen de mensheid. Allah zegt namelijk:
“En Wij zullen niet straffen totdat Wij een boodschapper hebben gezonden.” (Al-Israa’ : 15)
Ook zegt Allah:
“En jullie Heer zal de steden niet vernietigen, voordat Hij in de hoofdstad een boodschapper heeft verwekt die hun Ons woord verkondigt; noch verwoesten Wij steden tenzij de bewoners er van onrechtvaardig zijn.” (Al-Qasas: 59)
Alle profetieën die spreken over de laatste profeet in de eerdere boeken, kunnen slechts van toepassing zijn op Mohammed (vrede zij met hem). Want de enige persoon die na cIesa bijgestaan werd door de wonderen van Zijn Heer, gehoorzaamd werd door zijn volk, uitnodigde naar de eenheid van Allah en grote zeges kende, was Mohammed (vrede zij met hem). En ook was hij de enige profeet die gezonden was naar de werelden. Zo zegt hij (vrede zij met hem) in een overlevering van al-Boechari en Moeslim: “Voorheen, werd de profeet specifiek naar zijn volk gestuurd, en ik ben (daarentegen) naar de algehele mensheid gestuurd.”
Zelfs cIesa (vrede zij met hem) was slechts belast met het uitdragen van de goddelijke boodschap aan zijn volk alleen. Hij zegt namelijk in Mattheüs 15: 24: “Ik ben alleen tot de verloren schapen van Israëls huis gezonden.”
De goddelijke wijsheid heeft beslist dat Mohammed de zoon van cAbdullah met zijn optreden de reeks van profeten zal sluiten. Allah zegt namelijk:
“Mohammed is niet de vader van één van jullie mannen, maar de Boodschapper van Allah en de laatste der profeten.” (Al-Ahzaab: 40)
En natuurlijk zijn er ook teksten in de Bijbel te vinden die deze zaak bevestigen, zo is de volgende tekst te vinden in Genesis 17: 15-21: “Voorts sprak God tot Abraham: Sarai, uw vrouw, moet gij niet Sarai, maar Sara noemen; Ik zal haar zegenen en geef u ook bij haar een zoon; ja, haar zegenen zal ik, zodat zij tot natiën wordt: koningen van volkeren zullen uit haar voortkomen. Toen viel Abraham op zijn aangezicht en lachte, terwijl hij bij zichzelven zeide: Zal een honderdjarige een zoon krijgen, en Sara, een negentigjarige, een kind ter wereld brengen? En Abraham zeide tot God: Och, mocht Ismael leven voor uw aangezicht! Maar God sprak: Neen, neen. Uw vrouw Sara zal u een zoon baren, dien gij Izaak zult heten; met hem zal ik mijn verbond bevestigen tot een eeuwig verbond voor zijn kroost. Ook wat Ismael aangaat heb ik u verhoord; zie, ik zal hem zegenen, hem vruchtbaar maken en zeer, zeer vermenigvuldigen: twaalf vorsten zal hij verwekken, en ik zal hem tot een groot volk maken. Maar mijn verbond zal ik bevestigen met Izaak, dien Sara u op dezen tijd in het volgend jaar baren zal.”
Deze tekst geeft duidelijk aan dat de gunst van Allah zowel Izaak als Ismaël zal toekomen, en niet alleen Izaak zoals de Joden en de Christenen willen doen geloven. Dit wordt nog eens bevestigd door datgene wat terug te lezen is in Genesis 21: 9: “Daar zag Sara den zoon van Hagar, de Egyptische, dien deze aan Abraham gebaard had, lachend spelen, en zij zeide tot Abraham: Drijf die slavin met haar zoon uit; want de zoon dier slavin mag geen mede-erfgenaam van mijn zoon, van Izaak, zijn. Dit mishaagde (ergeren) Abraham zeer ter wille van zijn zoon (Ismaël); maar God zeide tot Abraham: Het mishagen u niet om den knaap en om uw slavin. Wees Sara ter wille in alles wat zij tot u zegt; want door Izaak zult gij kroost erlangen dat uw naam draagt. Doch ook den zoon der slavin zal ik tot een volk maken, omdat hij uw telg (afstammeling) is.”
Dus hier geeft Allah aan dat beide zoons van Ibraahiem aanspraak zullen maken op het profeetschap. En dat Ismaël uit zal groeien tot een groot volk. En dit werd nog eens benadrukt door de engel die zich aan Haadjar toonde en tegen haar zei: “En de engel Gods riep tot Hagar uit den hemel en zeide tot haar: Wat deert u, Hagar? Vrees niet; want God heeft den knaap gehoord, zoals zijn naam aanduidt. Sta op, neem den knaap op en houd hem stevig vast; want ik zal hem tot een groot volk maken. Toen opende God haar ogen en zij zag een waterput, ging den zak met water vullen en gaf den knaap te drinken. En God was met den knaap; hij groeide op, vestigde zich in de woestijn en werd een boogschutter. Zo woonde hij in de woestijn Paran.” (Genesis 21: 17-21)
En de enige profeet die er in geslaagd is om verschillende naties in overeenstemming met elkaar te brengen is Mohammed (vrede zij met hem). Voor zijn komst waren de Arabieren elkander vijandig gezind en verwikkeld in onderlinge strijd, ook speelden zij geen grote rol op het gebied van de wereldeconomie, politiek en geschiedenis. Toch wist Mohammed deze mensen onder een vlag te verenigen, namelijk die van de Islam. Later zouden zich ook de andere naties aansluiten bij de gelederen van Mohammed. En hiermee is dan ook de volgende bijbelse profetie uitgekomen: “Met den naam van uw (Abraham) kroost (kind) zullen alle volken der aarde zich zegen toebidden; omdat gij naar mij geluisterd hebt.” (Genesis 22:18)
En het is algemeen bekend dat de profeten die tot het nageslacht van Izaak behoren, zich slechts op de kinderen van het huis van Israël hebben toegespitst. Dus het kan ook niet anders of de voorgenoemd tekst moet op Mohammed van toepassing zijn, die ook een afstammeling is van Ibraahiem. Allah zegt over hem:
“Zeg: ,,O mensen, ik ben als boodschapper van Allah naar jullie allen gezonden.” (Al-Acraaf: 158)
“En Wij hebben u slechts gezonden als een brenger van blijde tijdingen en een waarschuwer voor de gehele mensheid.” (Saba’: 28) Natuurlijk zullen sommige mensen dit proberen te ontkrachten door te zeggen dat ook het Christendom door vele naties in de armen is gesloten, maar wij hebben eerder een uitspraak van cIesa in de Bijbel aangehaald waarin duidelijk staat aangegeven dat zijn boodschap slechts gericht was tot de Israëlieten. En voeg daaraan toe dat deze volkeren die hun toetreden tot het Christendom hebben gemaakt, niet de werkelijke boodschap van cIesa verkondigd hebben gekregen, maar een misvormde versie hiervan, namelijk één die vermengd is met veelgodendom en dwaalleer. Dit terwijl de boodschap van Mohammed gevrijwaard is gebleven van polytheïsme en verering van valse goden.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
justsoufiane
|
Geplaatst op 22-07-2008, 01:10 |
Reageer
|
Berichten: 10
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
En aangezien wij toch bezig zijn, laten wij van deze gelegenheid gebruik maken om een misverstand uit de wereld te helpen. Volgens het Oude Testament was het Izaak die door zijn vader Abraham op de bergtop opgeofferd zal worden. Er staat namelijk: “Na deze geschiedenissen beproefde God Abraham, en sprak tot hem: Abraham! En hij antwoordde: Hier ben ik. En Hij sprak: Neem uwen enigen zoon, dien gij liefhebt, Isaäk; en ga heen in het land Moría, en offer hem aldaar tot een brandoffer op een berg, dien Ik u zeggen zal.” (Genesis 22: 1-2)
Het is echter zonneklaar dat de naam Ismaël in deze tekst is vervangen door de naam Izaak. Want in diezelfde bijbel staat aangegeven dat Ismaël 14 jaar lang het enige kind was van Abraham, pas daarna is Izaak ter wereld gekomen. In Genesis 16:16 staat namelijk: “Abram was zes en tachtig jaar oud toen Hagar hem Ismael baarde.” En in Genesis 21 : 5 wordt ons het volgende bekend gemaakt: “Abraham was honderd jaar oud toen hem zijn zoon Izaak geboren werd.”
Dus de titel van eerstgeborene en enige zoon komt Ismaël toe en niet Izaak, en het feit dat zijn moeder een slavin was, verandert volgens de Bijbel niets aan deze situatie. “Wanneer iemand twee vrouwen heeft, de ene geliefd en de andere niet geliefd, en zij baren hem zonen, zowel de geliefde als de niet geliefde, en de eerstgeboren zoon is van de niet geliefde, dan is het hem niet geoorloofd, wanneer hij zijn bezittingen aan zijn zonen toewijst, den zoon der geliefde vrouw het deel des eerstgeborenen te geven, met voorbijgang van den zoon der niet geliefde, die de eerstgeborene is; maar den eerstgeborene, den zoon der niet geliefde vrouw, moet hij erkennen, door hem van alwat hem toebehoort een dubbel deel te geven; want hij is de eersteling zijner sterkte, hem komt het recht der eerstgeboorte toe.” (Deuteronomium 21 : 15-17)
Ook vinden wij in Jesaja 42: 1-4 de volgende tekst die geen ruimte voor twijfel laat over het profeetschap van Mohammed: "Ziedaar mijn dienaar, dien ik steun, mijn uitverkorene, in wien ik welgevallen heb! Ik heb mijn geest op hem gelegd; hij zal den natiën het recht afkondigen. Hij schreeuwt noch verheft zijn stem, hij doet zich op straat niet horen; het geknakte riet breekt hij niet, de kwijnende pit dooft hij niet uit; naar waarheid kondigt hij het recht af. Hij zal niet kwijnen of geknakt worden, totdat hij op aarde het recht vaststelt en verre streken naar zijn wet uitzien."
In eerste instantie wordt hier gesproken over een profeet waarnaar verwezen wordt met de termen "mijn dienaar" en "uitverkoren", daarna wordt er gezegd dat zijn boodschap zich in diens tijd zal uitstrekken over de verschillende naties. En het is algemeen bekend dat cIesa er niet eens in is geslaagd is om zijn wetten af te kondigen aan zijn volk, laat staan aan andere naties. Ook wordt hier gesproken van een wet die deze profeet eigen is, en wij weten dat cIesa in zijn boodschap steeds terug verwees naar de wetten van Moesa. Zo zegt hij in één van zijn laatste adviezen richting zijn volgelingen: "Op den stoel van Mozes zitten de schriftgeleerden en Farizeeën. Doet daarom nauwgezet alwat zij u zeggen; maar doet niet naar hun werken; want zij zeggen het wel maar doen het niet." (Mattheüs 23: 1-3)
Ook valt ons op dat deze profeet niet zal kwijnen, noch overwonnen zal worden en dat hij het leven niet zal verlaten alvorens hij de boodschap heeft voltooid. En dit kan absoluut niet van toepassing zijn op cIesa wiens verkondiging van korte duur was en volgens de Christenen zelfs opgepakt is en door zijn vijanden aan het kruis is geslagen.
Als wij deze tekst van Jesaja verder lezen, komen wij een andere opmerkelijke vinding tegen, namelijk het volgende: "Zingt tot eer van den Heer een nieuw lied, een loflied op hem van het einde der aarde; buldere de zee en haar volheid, de kustlanden en hun bewoners! Dat de woestijn met haar steden zich verblijde, de dorpen waarin Kedar woont! Dat de rotsbewoners jubelen, galmen van den top der bergen!" (Jesaja 42 : 10-11)
En de voorgenoemde Kedar is de kleinzoon van Ismaël, zoals vermeld staat in Genesis 25: 13: "Dit zijn de namen van Ismaels zonen, hun namen naar hun afstamming. Ismaels eerstgeborene was Nebajoth, dan Kedar Adbeel, Mibsam, Misma, Duma, Massa, Hadad, Tema, Itur, Nafis en Kedma.Dat zijn de zonen van Ismael, en dat hun namen in hun dorpen en kampen, twaalf vorsten hunner stammen."
Maar het beste moet nog komen. Want deze tekst van Jesaja geeft duidelijk aan dat de vijanden van deze profeet stenenaanbidders waren, terwijl het volk van cIesa een joodse achtergrond had en dus mensen waren die in de eenheid van god geloofden. Er staat namelijk het volgende: “Dan zal ik blinden leiden op een weg dien zij niet kennen, hen doen treden op hun onbekende paden; de duisternis zal ik voor hen uit in licht verkeren, het hobbelige in een vlakte. Als ik deze dingen zal gedaan hebben en niet halverwege gelaten, dan deinzen achteruit en schamen zich diep wie op beelden vertrouwen en tot gietwerk zeggen: Gij zijt onze goden! Gij, doven, hoort, en gij, blinden, ziet scherp toe!” (Jesaja 42 : 16-18)
Ook merken wij op dat het hier om een krijgsman gaat, en wij weten allemaal dat cIesa geen krijgsman was, terwijl Mohammed daarentegen de nodige veldslagen op zijn naam heeft staan. “Laten zij den Heer ere geven, zijn lof in verre streken verkondigen! De Heer zal uittrekken als een held, als een krijgsman van strijdlust blaken, den oorlogskreet aanheffen, ja uitschreeuwen, op zijn vijanden losstormen.” (Jesaja 42 : 12-13)
Tevens komen wij in de evangelie van Johannes de volgende woorden van cIesa tegen: “Ik heb u nog veel te zeggen, doch gij kunt het nu niet dragen; maar wanneer deze, de Geest der waarheid, komen zal, zal hij u in alle waarheid leiden; want hij zal van zichzelven niet spreken, maar hetgeen hij horen zal, dat zal hij spreken, en wat toekomende is, dat zal hij u verkondigen.” (Johannes 16: 12-13)
Als wij deze tekst onder de loep nemen, dan zien wij dat de leerlingen van cIesa niet bij machte waren om de boodschap in zijn totaliteit te bevatten en vervolgens aan anderen over te dragen. Want cIesa zegt tegen hen: “Ik heb u nog veel te zeggen, doch gij kunt het nu niet dragen.” Ook blijkt uit andere teksten dat zij nog niet klaar waren voor het dragen van deze grote verantwoordelijkheid, want zo zegt cIesa tegen hen in Johannes 16: 32: “Zie, de ure komt en is gekomen dat gij verstrooid wordt, ieder naar zijn huis, en mij alleen laat. Maar ik ben niet alleen; want de Vader is bij mij.”
Vervolgens verwijst cIesa naar de Profeet die na hem zal komen met de woorden ‘De Geest der waarheid’ en één van zijn belangrijke kenmerken is dat ‘hij zal van zichzelven niet spreken, maar hetgeen hij horen zal, dat zal hij spreken.’ En dit zijn precies de woorden die terug te vinden zijn in de koran en die kenmerkend zijn voor Mohammed:
“En hij spreekt niet uit eigen begeerte. Het is slechts de Openbaring die aan hem wordt geopenbaard.” (An-Nadjm: 3-4)
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
justsoufiane
|
Geplaatst op 22-07-2008, 01:11 |
Reageer
|
Berichten: 10
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Ook is Mohammed met zaken van het ongeziene gekomen die vaak tot in de kleinste details worden beschreven en die door de meeste mensen in de tijd van cIesa niet begrepen zouden worden en dus ook niet te dragen waren zoals cIesa tegen zijn leerlingen zegt. Zaken zoals de eigenschappen van Allah, de beschrijving van de engelen, het paradijs, de hel, de tekenen van het Uur enz.
Daarnaast zegt cIesa in Johannes 15: 26: “Maar wanneer de Trooster komen zal, dien ik u zenden zal van den Vader, de Geest der waarheid, die van den Vader uitgaat, die zal van mij getuigen;”
In de originele Griekse tekst staat i.p.v. Trooster letterlijk het woord ‘Parakleet’. Dit woord heeft een waaier van betekenissen waaronder ook ‘de geprezene’, wat de letterlijke vertaling is van het woord ‘Mohammed’. De christenen menen daarentegen dat dit woord het volgende betekent: 'degene die erbij geroepen wordt', hetgeen ook de betekenis van het latijnse woord 'advocatus' is. En volgens hun kunnen wij het weergeven door: verdediger, pleitbezorger, raadsman, trooster, voorspraak of advocaat. En toch zijn al deze voorgenoemd namen alleen van toepassing op de profeet Mohammed (vrede zij met hem), want zoals in de verschillende overleveringen vermeld staat zal hij als enige profeet in staat zijn om voorspraak voor de mensen op de dag des Oordeels te verrichten. Ook heeft hij de functie van een raadsman vervult door de mensen naar de waarheid te leiden en zal hij als verdediger en pleitbezorger optreden voor de moslims op de Dag des Oordeels.
Daarentegen beweren de Christenen dat het woord ‘Parakleet’ op de heilige geest slaat, maar cIesa spreekt van iemand die voor hem zal getuigen, en die de mensen alles zal leren, en hen zal doen denken aan alles wat cIesa heeft gezegd.[1] En deze eigenschappen kunnen niet van toepassing zijn op een abstracte, ongrijpbare entiteit als de heilige geest, maar op iets dat concreet en fysiek aanwezig dient te zijn.
Verder staat in de Bijbel: “Want zo heeft de Heer tot mij gezegd: Ga, zet een wachter uit die meedele, wat hij ziet. Ziet hij ruiters, twee aan twee te paard, op ezels en op kamelen, dan luistere hij scherp; zo scherp hij kan. Daar riep hij: Op 's Heeren wachttoren sta ik altijddoor overdag, op mijn post houd ik alle nachten stand. En zie, daar kwamen ruiters, twee aan twee te paard. Toen hief hij aan en zeide: Gevallen is Babel, gevallen! en al haar godenbeelden zijn tegen den grond verbrijzeld. O mijn vertreden en gedorst volk, wat ik van den Heer der heirscharen, Israels god, heb gehoord, dat heb ik u medegedeeld.” (Jesaja 21 : 6-10)
En het enige leger dat voor de val van Babel (oftewel babylon) heeft gezorgd en die naast paarden en ezels ook kamelen bereed, is het islamitische leger. En dit gebeurde ten tijde van de Khalief cOmar ibnoe al-Khataab die tevens een einde heeft gemaakt aan de godenbeelden van Babel en deze tegen de grond heeft verbrijzeld. En daarom als wij kijken naar de geschiedenis, dan zien wij dat in 1595 v.Chr een einde is gekomen aan de eerste dynastie van Babylon: Hettitische legers onder koning Mursilis I namen Babylon in en verwoestten de stad. In de negende eeuw v.Chr. kwam een einde aan de periode van zwakte en verval, en groeide het rijk opnieuw uit tot een wereldmacht. En in de regeerperiode van Nebukadnezar (606 v.Chr) bereikte Babylon een ongekende bloei. Daarna zouden de Perzen, de Parthen en hun Sassanidische opvolgers de ontwikkeling daarginds gaan bepalen. En in al deze tijd waren stenenbeelden een onderdeel van lokale tradities, Parthische ideeën, en invloeden uit de Grieks-Romeinse wereld, zoals tot uitdrukking wordt gebracht in het beeldhouwwerk van Palmyra, de stad van de koning Zenobia, gelegen in een oase in de Syrische woestijn. Een beslissende omwenteling tenslotte, vond plaats met het oprukken van de moslims in de zevende eeuw. In luttele jaren werd Babylon aan de Islam onderworpen.
Ook valt ons op dat de Bijbel, die te kennen geeft dat Ismaël zich vestigde in de woestijn Paran, ons tevens meedeelt dat de goddelijke openbaring in lichtglans vanuit het gebergte van Paran zal verschijnen. Zo staat er vermeld in Deuteronomium 33: 1-2: “En dit is de zegen waarmede de godsman Mozes voor zijn dood de Israelieten heeft gezegend. Hij zeide: De Heer is van den Sinai gekomen en voor hen opgegaan van den Seir; hij is in lichtglans verschenen van het gebergte Paran en gekomen van Meriba bij Kades, een brandend vuur aan zijn rechterhand.”
Sinai is de berg waar Moesa zijn openbaring heeft gekregen, Seir ligt naast Jeruzalem waar Jezus natuurlijk werd geboren en Paran is een berg die naast Mekka is gelegen, en iedereen weet natuurlijk dat Mekka de plaats is waar Mohammed (vrede zij met hem) zijn openbaring heeft ontvangen. Ook valt ons op dat deze drie boodschappen in de volgorde zijn genoemd waarin zij elkaar opvolgen. Als eerste is de thora geopenbaard, daarna de bijbel en daarna de Koran.
Als je goed oplet, zegt de bijbel dat de Heer in lichtglans zal verschijnen van het gebergte Paran En met de komst van Mohammed is het licht van Allah dan ook als een stralende zon over de wereld gaan schijnen. En daarom zegt Allah over de profeet Mohammed het volgende:
“O, profeet. Wij hebben u als getuige, drager van blijde tijdingen en waarschuwer gezonden. En als een roeper tot Allah met Zijn Toestemming, en als een stralende zon.” (Al-Anbiyaa’ : 45-46)
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
justsoufiane
|
Geplaatst op 22-07-2008, 01:11 |
Reageer
|
Berichten: 10
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Ook wordt Mekkah door verschillende profeten bejubeld in de bijbel. In sommige teksten wordt het zelfs bij naam genoemd. In de Nederlandse versie van de bijbel heb ik dit niet kunnen achterhalen, maar gelukkig hebben wij ook een Engelse versie van de bijbel waar de originele tekst godzijdank bewaard is gebleven. Er staat namelijk: “Blessed [are] they that dwell in thy house: they will be still praising thee. Selah. Blessed [is] the man whose strength [is] in thee; in whose heart [are] the ways [of them]. [Who] passing through the valley of Baca make it a well; the rain also filleth the pools.” (Psalmen 84 : 4-6, de Engelse Authorised Version
En Baca is een andere benaming voor Mekkah, Allah, de Verhevene, zegt dan ook in de Koran:
“Voorzeker, het eerste huis dat voor de mensen is geplaatst, is dat te Bekka (Mekka) vol van zegeningen en als richtsnoer voor alle werelden.” (Aali cImraan: 96)
Ook zien wij in de bijbel dat de Heer tegen Moesa (vrede zij met hem) zegt: “Ik zal hun een profeet, gelijk gij zijt, verwekken uit hunne broeders, en Ik zal mijne woorden in zijnen mond geven, die zal tot hen spreken al wat Ik hem gebieden zal. En wie naar mijne woorden niet horen zal, die hij in mijnen naam zal spreken, van dien zal Ik het eisen.” (Deuteronomium 18: 18-19)
Als God het had gewild dat deze profeet uit het huis van Israël zal voortkomen, dan zou Hij eerder het volgende hebben gezegd: “Ik zal hun een profeet, gelijk gij zijt, verwekken uit hunne midden”. Daarnaast wordt de term 'broeder' in de bijbel gebruikt om te verwijzen naar iemands neef. Zo zegt bijvoorbeeld Moesa vrede zij met hem tegen de Israëlieten: "en geef aan het volk dezen last: Gij gaat het grondgebied uwer broeders, Ezau's zonen, die op den Seir wonen, doortrekken: zij zullen voor u bevreesd zijn; neemt u dan zeer in acht." En Ezau's zonen zijn in werkelijkheid de neven van de kinderen van het huis van Israël.” (Deuteronomium 2:4)
Ook is aan te merken dat deze verwachte profeet gelijk is aan Moesa, en dit kan alleen van toepassing zijn op de profeet Mohammed, want de overeenkomsten tussen Moesa en Mohammed zijn groot, groter dan de overeenkomsten tussen Moesa en cIesa. Want zowel Moesa als Mohammed zijn met een nieuwe wetgeving gekomen, terwijl cIesa stellig te kennen geeft dat hij niet gekomen is om de wet van Moesa te beëindigen, hij zei namelijk: “Gij moet niet menen, dat ik gekomen ben om de wet of de profeten te ontbinden: ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen.” (Mattheüs 5: 17)
Ook ontkennen de Christenen ten zeerste dat Moesa gelijk zal zijn aan cIesa, dit omdat Moesa volgens hen slechts een dienaar van Allah is, terwijl cIesa als de zoon van god word beschouwd. Voeg daaraan toe dat de bijbel te kennen geeft dat na Moesa (vrede zij met hem+ nooit meer een profeet in Israël opgestaan is gelijk aan hem. Er staat namelijk de volgende tekst: “En er stond naderhand geen profeet in Israël op gelijk Mozes, dien de Heer gekend had van aangezicht tot aangezicht.” (Deuteronomium 34:10)
Ook wordt er gezegd over deze verwachte profeet dat hij mondeling de woorden van God aan de mensen zal verkondigen. “En Ik zal mijne woorden in zijnen mond geven, die zal tot hen spreken al wat Ik hem gebieden zal.” En dit verwijst opnieuw naar het vers dat vermeld staat in soerat An-Nadjm: “En hij spreekt niet uit eigen begeerte. Het is slechts de Openbaring die aan hem wordt geopenbaard.” (An-Nadjm: 3-4)
Tevens vinden wij in Habakuk 3: 3-5 : “Een gebed van den profeet Habakuk. Een lierzang. Heer, ik heb van u gehoord, ik ben bevreesd geworden; Heer, doe ons uw werk in den loop der jaren kond; in den loop der jaren zult gij het bekendmaken, in de gramschap zult gij der erbarming gedenken. God komt van Teman, de Heilige van den berg Paran; zijn majesteit bedekt den hemel, en zijn lof vervult de aarde. Zijn glans is als het licht, aan zijn zijde heeft hij stralen; een omhulsel zijner kracht heeft hij aangelegd. Voor hem uit gaat de pest, de koortsgloed drukt zijn schreden.”
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
justsoufiane
|
Geplaatst op 22-07-2008, 01:11 |
Reageer
|
Berichten: 10
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Opnieuw verwijst deze tekst naar het plaatsje Paran als zijnde een plaats waar de Heer geprezen zal worden. En de enige tijd waarop dit heeft plaatsgevonden is de tijd van Mohammed en zijn volgelingen die de hemel en de aarde overstelpten met lofuitingen en Adhaan (oproep tot het gebed). Daarnaast is in deze tekst ook het plaatsje Teman genoemd die evenals Paran in Saudi-Arabie is gelegen.
Ook is het volgende terug te vinden in de bijbel: “Dit is de last aangaande Arabië: Gij zult in het woud van Arabië wonen, gij, reisgezelschappen der Dedanieten. Brengt den dorstige water tegemoet; gij, die woont in het land van Tema, biedt den vluchtende brood aan; want zij vluchten voor het zwaard, ja voor het blote zwaard, voor den gespannen boog, voor den groten strijd. Want aldus spreekt de Heer tot mij: Nog binnen een jaar, gelijk de jaren eens dagloners zijn, zal al de heerlijkheid van Kedar tenietgaan; en de overgebleven boogschutters, de helden te Kedar, zullen weinig in getal zijn; want de Heer, de God van Israël, heeft het gesproken.” (Jesaja 21 : 12-16)
In deze tekst worden de mensen van Arabië opgedragen om de dorstige en hongerige immigranten te ontvangen die op de vlucht zijn geslagen voor het zwaard in Mekkah. Ibnoe al-Qayyim voegt daaraan toe dat deze tekst ons ook bericht over het slagveld dat één jaar na het vertrek van de profeet uit Mekkah heeft plaatsgevonden. En waarbij de ongelovigen verpletterd werden onder de overmacht van de moslims. Ondanks het kleine aantal moslims toentertijd.
In Jeremia 1: 5 staat de volgende profetie: “Ik kende u, eer Ik u in den moederschoot vormde, en zonderde u af, eer gij geboren werdt, en Ik stelde u tot een profeet onder de volken.”
De enige profeet die naar alle volkeren werd gezonden is Mohammed, terwijl alle voorgaande profeten zich toespitsten op hun eigen mensen. Zo zegt bijvoorbeeld cIesa tegen zijn leerlingen: “Gaat niet op den weg der heidenen, en trekt niet in de steden der Samaritanen; maar gaat in de eerste plaats tot de verloren schapen van het huis Israëls.” (Mattheüs 10: 5-6)
Terwijl Mohammed daarentegen het volgende predikt:
Zeg: “O mensen, ik ben u allen tot een boodschapper van Allah.” (Al-Acraaf: 158) In de bijbel vonden wij zelfs een tekst waarin cIesa vrede zij met hem te kennen geeft dat de koningschap en profeetschap, die voorheen eigendom zijn geweest van de Israëlieten, hen ontnomen zullen worden en vervolgens aan een andere natie zouden worden geschonken. Hij zegt namelijk: “Hebt gij nooit in de Schriften gelezen: De steen dien de bouwlieden hebben verworpen, die is hoeksteen geworden; vanwege den Heer is dit geschied, en het is een wonder in ons oog? Daarom zeg ik u: Het Koninkrijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat de vruchten er van opbrengt.” (Mattheüs 21: 42-43)
Ook verzamelde Jakob zijn kinderen om hen in te lichten over de komst van een profeet die de reden zal zijn waarom de scepter van Juda zal worden ontnomen. In Genesis 49: 1-10: “Jakob ontbood zijn zonen en zeide: Verzamelt u; opdat ik u mededele wat u later zal overkomen. Komt samen en hoort, zonen van Jakob, luistert naar Israël, uw vader!... De schepter zal van Juda niet wijken, noch de heerschersstaf van tussen zijn voeten; totdat één komt wien stammen gehoorzamen.”
Al deze voorgenoemde teksten en anderen zijn aanleiding geweest voor een groot aantal Christenen en Joden om Mohammed in hun harten te sluiten. Ook heeft Mohammed brieven gestuurd naar verschillende wereldleiders waarin hij deze uitnodigde naar de Islam, waarna sommige van hen op deze uitnodiging zijn ingegaan zoals An-Nadjaashi, de Christelijke koning van Abessinie.
En wanneer men met een objectieve, onpersoonlijke blik kijkt naar het leven van Mohammed, kan hij niet anders dan toegeven dat deze man een profeet is. En daarom richtte Ibnoe Qayyim een keer het woord tot een opperrabbijn en zei tegen hem: “Door Mohammed te verloochenen, hebben jullie in werkelijkheid grievend gesproken over Allah.” Toen vroeg de opperrabbijn: “Hoezo?” Ibnoe Qayyim antwoordde: “Als jullie zouden beweren dat Mohammed een tirannieke heerser was die de mensen met het zwaard regeerde en geen boodschapper zal zijn, en dit terwijl hij drieëntwintig jaar openlijk heeft verkondigd een boodschapper naar de werelden te zijn, vele malen heeft gezegd dat Allah hem zaken heeft verboden en geboden en stellig te kennen gaf de openbaring te hebben ontvangen. En zichzelf het recht gaf om de wetten van de voorgaande profeten te beëindigen, nieuwe wetgeving in te voeren en de volgelingen van de voorgaande profeten naar de Islam uit te nodigen. Dan is slechts één van de volgende twee opties mogelijk, of Allah, de Verhevene, heeft dit allemaal geweten of hij wist er niets van, en deze laatste optie is uitgesloten. Want Allah is de Alwetende. Zouden jullie echter zeggen dat dit allemaal willens en wetens door Allah is gebeurd, dan is mijn volgende vraag: “is Allah dan niet bij machte om dit onrecht dat Mohammed anderen heeft berokkend te stoppen?” Niet alleen dat! De geschiedenis leert ons ook dat Allah Mohammed in zijn strijd heeft gesteund en hem heeft doen overwinnen. Ook werden zijn smeekgebeden ter plekke verhoord, werd hij aangesterkt met verschillende wonderen en reikte zijn naam tot aan de hemel. Toen de opperrabbijn dit hoorde, zei hij: “Het schikt Allah zeker niet om een leugenaar zoveel eer te doen toekomen! Mohammed is geheid een eerlijke profeet.” Toen zei Ibnoe Qayyim tegen hem: “En waarom omarm je zijn geloof niet?” Hij antwoordde: “Mohammed is slechts een profeet voor de Arabieren.”
Het feit dat de boodschap van Mohammed door zoveel mensen in de harten is gesloten is voldoende bewijs voor de echtheid van zijn boodschap. Het is immers de bijbel die ons het volgende leert: “Maar de profeet, die hoogmoediglijk zal handelen, sprekende een woord in Mijn Naam, hetwelk Ik hem niet geboden heb te spreken, of die spreken zal in den naam van andere goden, dezelve profeet zal sterven.” (Deuteronomium 18: 20)
“En voor dit geval zeg ik u: Houdt uw handen af van deze mensen en laat hen begaan. Want is dit plan en dit werk van menselijke oorsprong, dan zal het verbroken worden; is het daarentegen uit God, dan kunt gij hun werk niet teniet doen. Gij mocht eens met God in strijd komen.” (Handelingen 5 : 38-39)
En wij hebben kunnen zien hoe het werk van Mohammed stand heeft gehouden en niet teniet is gegaan. Hoe de Boodschap van de Islam dagelijks nieuwe aanhangers krijgt.
En vrede en zegeningen zij met de profeet Mohammed.
--------------------------------------------------------------------------------
[1] Johannes 14: 26
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
|
|
Mercurial75
|
Geplaatst op 04-06-2009, 17:05 |
Reageer
|
Berichten: 60
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 22-07-2008, 01:11 justsoufiane schreef:
Ook wordt Mekkah door verschillende profeten bejubeld in de bijbel. In sommige teksten wordt het zelfs bij naam genoemd. In de Nederlandse versie van de bijbel heb ik dit niet kunnen achterhalen, maar gelukkig hebben wij ook een Engelse versie van de bijbel waar de originele tekst godzijdank bewaard is gebleven. Er staat namelijk: “Blessed [are] they that dwell in thy house: they will be still praising thee. Selah. Blessed [is] the man whose strength [is] in thee; in whose heart [are] the ways [of them]. [Who] passing through the valley of Baca make it a well; the rain also filleth the pools.” (Psalmen 84 : 4-6, de Engelse Authorised Version
En Baca is een andere benaming voor Mekkah, Allah, de Verhevene, zegt dan ook in de Koran:
“Voorzeker, het eerste huis dat voor de mensen is geplaatst, is dat te Bekka (Mekka) vol van zegeningen en als richtsnoer voor alle werelden.” (Aali cImraan: 96)
Ook zien wij in de bijbel dat de Heer tegen Moesa (vrede zij met hem) zegt: “Ik zal hun een profeet, gelijk gij zijt, verwekken uit hunne broeders, en Ik zal mijne woorden in zijnen mond geven, die zal tot hen spreken al wat Ik hem gebieden zal. En wie naar mijne woorden niet horen zal, die hij in mijnen naam zal spreken, van dien zal Ik het eisen.” (Deuteronomium 18: 18-19)
Als God het had gewild dat deze profeet uit het huis van Israël zal voortkomen, dan zou Hij eerder het volgende hebben gezegd: “Ik zal hun een profeet, gelijk gij zijt, verwekken uit hunne midden”. Daarnaast wordt de term 'broeder' in de bijbel gebruikt om te verwijzen naar iemands neef. Zo zegt bijvoorbeeld Moesa vrede zij met hem tegen de Israëlieten: "en geef aan het volk dezen last: Gij gaat het grondgebied uwer broeders, Ezau's zonen, die op den Seir wonen, doortrekken: zij zullen voor u bevreesd zijn; neemt u dan zeer in acht." En Ezau's zonen zijn in werkelijkheid de neven van de kinderen van het huis van Israël.” (Deuteronomium 2:4)
Ook is aan te merken dat deze verwachte profeet gelijk is aan Moesa, en dit kan alleen van toepassing zijn op de profeet Mohammed, want de overeenkomsten tussen Moesa en Mohammed zijn groot, groter dan de overeenkomsten tussen Moesa en cIesa. Want zowel Moesa als Mohammed zijn met een nieuwe wetgeving gekomen, terwijl cIesa stellig te kennen geeft dat hij niet gekomen is om de wet van Moesa te beëindigen, hij zei namelijk: “Gij moet niet menen, dat ik gekomen ben om de wet of de profeten te ontbinden: ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen.” (Mattheüs 5: 17)
Ook ontkennen de Christenen ten zeerste dat Moesa gelijk zal zijn aan cIesa, dit omdat Moesa volgens hen slechts een dienaar van Allah is, terwijl cIesa als de zoon van god word beschouwd. Voeg daaraan toe dat de bijbel te kennen geeft dat na Moesa (vrede zij met hem+ nooit meer een profeet in Israël opgestaan is gelijk aan hem. Er staat namelijk de volgende tekst: “En er stond naderhand geen profeet in Israël op gelijk Mozes, dien de Heer gekend had van aangezicht tot aangezicht.” (Deuteronomium 34:10)
Ook wordt er gezegd over deze verwachte profeet dat hij mondeling de woorden van God aan de mensen zal verkondigen. “En Ik zal mijne woorden in zijnen mond geven, die zal tot hen spreken al wat Ik hem gebieden zal.” En dit verwijst opnieuw naar het vers dat vermeld staat in soerat An-Nadjm: “En hij spreekt niet uit eigen begeerte. Het is slechts de Openbaring die aan hem wordt geopenbaard.” (An-Nadjm: 3-4)
Tevens vinden wij in Habakuk 3: 3-5 : “Een gebed van den profeet Habakuk. Een lierzang. Heer, ik heb van u gehoord, ik ben bevreesd geworden; Heer, doe ons uw werk in den loop der jaren kond; in den loop der jaren zult gij het bekendmaken, in de gramschap zult gij der erbarming gedenken. God komt van Teman, de Heilige van den berg Paran; zijn majesteit bedekt den hemel, en zijn lof vervult de aarde. Zijn glans is als het licht, aan zijn zijde heeft hij stralen; een omhulsel zijner kracht heeft hij aangelegd. Voor hem uit gaat de pest, de koortsgloed drukt zijn schreden.”
|
Hier zien wij typishe verdraaiing van de woorden in de Bijbel...
'Baca' is Hebreews voor 'wenen' of 'geween' , niet mekka.....dus dat klopt sowieso niet, het is gewoon een verdraaiing d.m.v. klank.
Nog een voorbeel van de fouten qua klanken betreft is dat sommige moslims van het woord 'alla' in het Griekse N. Testament 'allah' maken maar 'alla'in het Grieks. betekent 'maar'. En het komt meer als 600 keer voor in het N. Testament.
De alombekend 'parakletos' en 'periklytos' verdraaiing. Feit is dat de eerste van het Koine Grieks afkomstig is (de taal waarin het Nieuwe Testament is geschreven en door Alexander de Grote verspreid) en de tween van het Ionisch Grieks een variant van oud-Grieks (door Homerus gebruikt) dat niet meer in gebruik was toen het N. Testament geschreven werd
En als laatste een ook een hele bekende...door dhr. Y. Estes naar voren gedragen dat Hooglied 5:16 het woord ‘makhmad’ een naam is voor mohammed. Lees wat hij schrijft:
makhmaddim, “desirable”) is the plural form of the noun (makhmad, “desire, desirable thing, precious object”; (see below note #33)
It is asserted that this word "Makhmaddim" is in reality the word "Akhmad" or "AHmad". The reason for the emphasis on the "kh" sound is to prounouce the very hard "H" sound of the two types of "h" in the Semetic languages (http://prophetofislam.com/muhammad_in_the_bible.php).
Zo zien wij dat men grossiert in klank verdraiing om het een en ander te 'bewijzen' ten gunste van MOhammed in de bijbel, en dat uit datzelfde boek waarvan de woorden al verdraaid waren (volgens de islam).
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Mercurial75
|
Geplaatst op 04-06-2009, 21:56 |
Reageer
|
Berichten: 60
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Ook ontkennen de Christenen ten zeerste dat Moesa gelijk zal zijn aan cIesa, dit omdat Moesa volgens hen slechts een dienaar van Allah is, terwijl cIesa als de zoon van god word beschouwd. Voeg daaraan toe dat de bijbel te kennen geeft dat na Moesa (vrede zij met hem+ nooit meer een profeet in Israël opgestaan is gelijk aan hem. Er staat namelijk de volgende tekst: “En er stond naderhand geen profeet in Israël op gelijk Mozes, dien de Heer gekend had van aangezicht tot aangezicht.” (Deuteronomium 34:10)
Christenen ontkennen de overeenkomsten tussen Mozes en Jezus helemaal niet. Zij hebben juiste meer gemeen dan Mozes en Mohammed. Dhr. Deedat gaf 8 overeenkomsten tussen Mozes en Mohammed. Ik heb ten minste 10 overeenkomsten gevonden tussen Mozes en Jezus
1. Mozes en Jezus hebben elkaar gesproken (Exodus 3:14 & Matteüs 17:3), Mohammed heeft geen van beiden gesproken.
2. Zowel Mozes (Exodus 33:18-20 & Numeri 12:6-7) als Jezus (Johannes 12:28) hebben direct contact met God gehad (Gods stem was ook hoorbaar), Mohammed niet (alleen via de engel).
3. Zowel Mozes (Exodus 2) als Jezus (Matteüs 2:13-15) brachten als kind tijd door in Egypte, Mohammed niet. (In Hosea 11:1 in het Oude Testament, is de profetie over Jezus in Egypte te vinden.)
4. Zowel Mozes (Exodus 2) als Jezus (Matteüs 2) verkeerden in levensgevaar bij hun geboorte omdat zij door de toenmalige koning als een bedreiging werden beschouwd en verplaatst moesten worden voor de eigen veiligheid. Mohammed niet.
5. Zowel het gezicht van Mozes (Exodus 34:29-35) als die van Jezus (Matteüs 17:1-5) straalden. Die van Mohammed niet.
6. Zowel Mozes (Exodus 17:4) als Jezus (Johannes 8:58-59) waren bijna gestenigd door hun broeders, mede Israëlieten. Mohammed niet.
7. Zowel Mozes (Deuteronomium 34:10-12) als Jezus (Matteüs 21:11, Johannes 4:44 & 9:17) stonden op als profeten van Israël. Mohammed niet.
8. Zowel Mozes (Exodus 16) als Jezus (Matteüs 14: 13-20 & 15:29-38) gaven de scharen op wonderbaarlijke wijze te eten. Mohammed niet.
9. Zowel Mozes (Exodus 14:21-22) als Jezus (Matteüs 14:22-23 & Marcus 4:35-41) hadden macht over de natuurwetten. Mohammed niet.
En beiden demonstreerden deze macht in het bijzijn van ooggetuigen die ter plekke waren; sommigen van welke hun namen ons bekend zijn.
10. Zowel na de dood van Mozes (Judas 1:9) als Jezus (Lucas 24:1-8 & Johannes 20:11-13) verschenen er engelen in verband met hun lichamen. Bij Mohammed niet.
Dit bericht is gewijzigd op 04-06 21:56.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Mercurial75
|
Geplaatst op 04-06-2009, 22:04 |
Reageer
|
Berichten: 60
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Ook wordt er gezegd over deze verwachte profeet dat hij mondeling de woorden van God aan de mensen zal verkondigen. “En Ik zal mijne woorden in zijnen mond geven, die zal tot hen spreken al wat Ik hem gebieden zal.” En dit verwijst opnieuw naar het vers dat vermeld staat in soerat An-Nadjm: “En hij spreekt niet uit eigen begeerte. Het is slechts de Openbaring die aan hem wordt geopenbaard.” (An-Nadjm: 3-4)
De zinsnede “Woorden in de mond leggen” heeft in de islam een andere betekenis dan in het christendom. Het is niet zo dat Mozes en Mohammed op dezelfde manier openbaring kregen van God. De Koran is op een totaal anderen manier geopenbaard dan de Bijbel (oude en nieuwe testament).
Deze argumenten die gebruikt worden, bewijzen niets omdat men in een cirkel redeneert. Mohammed worden gesteund door de Koran en de Koran wordt gesteund door Mohammed.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Mercurial75
|
Geplaatst op 04-06-2009, 22:15 |
Reageer
|
Berichten: 60
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
In de bijbel vonden wij zelfs een tekst waarin cIesa vrede zij met hem te kennen geeft dat de koningschap en profeetschap, die voorheen eigendom zijn geweest van de Israëlieten, hen ontnomen zullen worden en vervolgens aan een andere natie zouden worden geschonken. Hij zegt namelijk: “Hebt gij nooit in de Schriften gelezen: De steen dien de bouwlieden hebben verworpen, die is hoeksteen geworden; vanwege den Heer is dit geschied, en het is een wonder in ons oog? Daarom zeg ik u: Het Koninkrijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat de vruchten er van opbrengt.” (Mattheüs 21: 42-43)
Dit is maar een gedeelte van het verhaal dat ook nog verdraaid wordt. De gelijkenis begint in vers 33 en eindigt in vers 46 waar Jezus het over de hogepriesters en de farizeeën heeft
De landheer = God de Vader De wijngaard = Israel De wijnbouwers = geestelijke leiders Knechten gestuurd door de landheer = profeten De zoon = Jezus zelf
Dit hoofdstuk eindigt met de volgende woorden: Vers 45-46 "Toen de hogepriesters en de farizeeën zijn gelijkenissen hoorden, begrepen ze dat hij over hen sprak. 46 Ze wilden hem graag gevangennemen, maar ze waren bang voor de reactie van de volksmassa, daar men hem voor een profeet hield."
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Mercurial75
|
Geplaatst op 04-06-2009, 22:26 |
Reageer
|
Berichten: 60
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Als God het had gewild dat deze profeet uit het huis van Israël zal voortkomen, dan zou Hij eerder het volgende hebben gezegd: “Ik zal hun een profeet, gelijk gij zijt, verwekken uit hunne midden”. Daarnaast wordt de term 'broeder' in de bijbel gebruikt om te verwijzen naar iemands neef. Zo zegt bijvoorbeeld Moesa vrede zij met hem tegen de Israëlieten: "en geef aan het volk dezen last: Gij gaat het grondgebied uwer broeders, Ezau's zonen, die op den Seir wonen, doortrekken: zij zullen voor u bevreesd zijn; neemt u dan zeer in acht." En Ezau's zonen zijn in werkelijkheid de neven van de kinderen van het huis van Israël.” (Deuteronomium 2:4)
Mohammed stamt NIET af van een van de 12 stammen van Israël en kan niet als ‘een van de broeders’ worden beschouwd.
De 12 stammen van Israël heetten als volgt: Ruben, Simeon, Levi, Juda, Zebulon, Issachar, Dan, Gad, Aser, Naftali, Jozef en Benjamin.
Mohammed was geen Israëliet, maar een Ismaëliet, een buitenlander, een vreemdeling. En Mozes, sprak in het voorgaande hoofdstuk Deuteronomium 17:14-15 de volgende profetie uit aangaande buitenlanders: “Wanneer gij gekomen zijt in het land dat de HERE, uw God, u geven zal, dit in bezit genomen hebt en daarin woont, en gij dan zoudt zeggen: Ik wil een koning over mij aanstellen, zoals alle volken rondom mij hebben, 15 dan zult gij over u de koning aanstellen, die de HERE, uw God, verkiezen zal; uit het midden van uw broeders zult gij een koning over u aanstellen; geen buitenlander, die uw broeder niet is, zult gij over u mogen aanstellen.” (NBG51)
De God van de Bijbel had de Israëlieten als volk bevolen onder géén beding een leider van BUITENLANDSE afkomst over zich aan te stellen. Mohammed wordt dus enigszins met een etnisch probleem geconfronteerd.
De vervulling van deze profetie wordt vervuld in 1 Samuël 9 & 10 waar Israëls eerste koning genaamd Saul, uit het midden van de broeders kwam, n.l. van de stam van Benjamin. Zo kan een ieder die het maar lezen wil zien hoe God op zeer praktische wijze bevestigd dat Hij met de zinsnede ‘uit het midden uw broeders’ het volk van Israël bedoelde.
Wat men ook niet over het hoofd moet zien is dat Mozes deel uitmaakte van Gods belofte aan Abraham n.l. dat Hij zijn nakomelingen zou bevrijden na 400 jaar van gevangenschap in Egypte (Genesis 15:13-14).
Op de aangewezen tijd richtte God Mozes inderdaad op om Zijn volk Israël uit Egypte te bevrijden (Exodus 3: -10 & Handelingen 7:17-36). En laten wij niet vergeten dat Mozes (uit de stam van Levi) ook een Israëliet was (net als Saul).
Om nu even samen te vatten: Mohammed stamt niet af van een van de 12 Israëlische stammen. En een eerdere profetie van Mozes in Deuteronomium 17:14-15 over de eerste koning van de Israëlieten waarin hij ook de woorden ‘uit het midden van uw broeders’ gebruikte, werd vervuld onder het volk van Israël door een van de nakomelingen van de 12 stammen nl. Saul. En Mozes (die zelf afkomstig is uit een van de 12 stammen) maakt zelf ook deel uit van de vervulling van een belofte van God aan Abraham.
Laten wij ook even naar Exodus 2:11-12 kijken: “…die tijd, toen Mozes groot geworden was, ging hij uit tot zijn broeders en lette op hun dwangarbeid; toen zag hij, hoe een Egyptenaar een Hebreeër, iemand van zijn broeders, sloeg. Hij keek naar alle kanten, en toen hij zag, dat er niemand was, sloeg hij de Egyptenaar dood en verborg hem in het zand.”(NBG51)
Dit stuk tekst laat duidelijk zien dat Mozes Hebreeuws was en dat hij zich met zijn volk verbonden voelde (lees broederschap), anders zou hij niet op een dergelijk manier gehandeld hebben. Hier zien wij ook hoe de term ‘broeders’ wordt gebruikt i.v.m. Mozes én de Israëlieten, VOORDAT zij uit Egypte werden geleid en dus voordat zowel Mozes als God de profetie in Deuteronomium 18:15 & 18 hadden uitgesproken (en dus voordat hij de uitspraak deed in Deuteronomium 2) !
In Exodus was Mozes nog IN Egypte, Deuteronomium was NA de uittocht uit Egypte. Dus de broederschap tussen Mozes en Israel wordt VOOR de uittocht en reis in de woestijn bevestigd.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
|
|
Mercurial75
|
Geplaatst op 05-06-2009, 09:24 |
Reageer
|
Berichten: 60
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Alle profetieën die spreken over de laatste profeet in de eerdere boeken, kunnen slechts van toepassing zijn op Mohammed (vrede zij met hem). Want de enige persoon die na cIesa bijgestaan werd door de wonderen van Zijn Heer, gehoorzaamd werd door zijn volk, uitnodigde naar de eenheid van Allah en grote zeges kende, was Mohammed (vrede zij met hem). En ook was hij de enige profeet die gezonden was naar de werelden. Zo zegt hij (vrede zij met hem) in een overlevering van al-Boechari en Moeslim: “Voorheen, werd de profeet specifiek naar zijn volk gestuurd, en ik ben (daarentegen) naar de algehele mensheid gestuurd.”
Ik ben benieuwd naar welke wonderen Mohammed gedaan heeft.
Een vergelijking uit de Koran zelf tussen Mozes en Mohammed (Soera 28:48) laat ons zien dat men van Mozes wist dat hij wonderen deed, maar bij Mohammed was dit een vraagteken.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Mercurial75
|
Geplaatst op 05-06-2009, 09:32 |
Reageer
|
Berichten: 60
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Dus de titel van eerstgeborene en enige zoon komt Ismaël toe en niet Izaak, en het feit dat zijn moeder een slavin was, verandert volgens de Bijbel niets aan deze situatie. “Wanneer iemand twee vrouwen heeft, de ene geliefd en de andere niet geliefd, en zij baren hem zonen, zowel de geliefde als de niet geliefde, en de eerstgeboren zoon is van de niet geliefde, dan is het hem niet geoorloofd, wanneer hij zijn bezittingen aan zijn zonen toewijst, den zoon der geliefde vrouw het deel des eerstgeborenen te geven, met voorbijgang van den zoon der niet geliefde, die de eerstgeborene is; maar den eerstgeborene, den zoon der niet geliefde vrouw, moet hij erkennen, door hem van alwat hem toebehoort een dubbel deel te geven; want hij is de eersteling zijner sterkte, hem komt het recht der eerstgeboorte toe.” (Deuteronomium 21 : 15-17)
Men redeneert dat omdat Ismaël als eerste werd geboren, hij aanspraak zou kunnen maken op de erfenis van zijn vader, volgens het eerstgeboorterecht.
Deze redenering is ongeldig vanwege het simpele feit dat het eerstgeboorterecht voor het eerst in de Bijbel voorkomt in Genesis 25 bij Esau en Jakob en niet bij Ismaël en Isaak in Genesis 16 (t/m 24) in de jaren daarvoor (Isaak is de vader van Jakob).
Het eerstgeboorterecht werd pas gegeven als WET onder Mozes (in Deut. 21:16-17); 400 jaar NA de dood van Abraham!
Hoe kan men het eerstgeboorterecht dat pas eeuwen later in de wet werd opgenomen met TERUGWERKENDE kracht willen toepassen op Abraham en zijn twee zonen?
Verder kunnen wij ons afvragen of zij die met deze criteria eens zijn wel geloven in de soevereiniteit van God:
God had aan Abraham beloofd dat Sara een zoon zou baren, niet Hagar.
Wat er vaak ‘over het hoofd wordt gezien’ is dat Isaak ‘de zoon van de belofte’ wordt genoemd en niet Ismaël. God had nadrukkelijk tegen Abraham gezegd dat Hij zijn verbond met Isaak zou sluiten omdat Hij Abraham een zoon had beloofd (Genesis 15:1-4). Abraham werd van tevoren verteld dat zijn zoon Isaak zou heten, hieronder lezen wij hoe God Abraham voor de tweede keer een zoon belooft:
Genesis 17:15-19 “Verder zeide God tot Abraham: Wat uw vrouw Sarai betreft, gij zult haar niet Sarai noemen, maar Sara zal haar naam zijn. 16 En Ik zal haar zegenen, en ook zal Ik u uit haar een zoon schenken, ja, Ik zal haar zegenen, zodat zij tot volken worden zal; koningen van volken zullen uit haar voortkomen. 17 Toen wierp Abraham zich op zijn aangezicht, lachte en zeide bij zichzelf: Zal dan aan een honderdjarige een kind geboren worden, en zal Sara, een negentigjarige, baren? 18 En Abraham zeide tot God: Och, mocht Ismaël voor uw aangezicht leven! Maar God zeide: Neen, maar uw vrouw Sara zal u een zoon baren, en gij zult hem Isaak noemen, en Ik zal mijn verbond met hem oprichten tot een eeuwig verbond, voor zijn nageslacht. En wat Ismaël betreft, Ik heb u verhoord; zie, Ik zal hem zegenen, hem vruchtbaar doen zijn en uitermate talrijk maken; twaalf vorsten zal hij verwekken, en Ik zal hem tot een groot volk stellen. 21 Maar mijn verbond zal Ik oprichten met Isaak, die Sara u op deze zelfde tijd in het volgend jaar baren zal.”
Wat hierboven wordt gezegd is overduidelijk: Isaak zou Abrahams erfgenaam zijn, niet Ismaël. Abraham, zoals het een goede vader betaamt, nam het nog op voor zijn eerste zoon Ismaël (vers 18), nadat God Zijn wil had uitgesproken (vers 15-16). Maar God hield voet bij stuk, Isaak had Hij uitverkoren; punt uit.
Staat het niet in de Koran geschreven dat onder het nageslacht van Abraham, Isaak en Jacob het profetenambt en het Boek zijn geplaatst (Soera 38:45-46; 29:47; 45:16-17)? En dat Israël bijzondere gunsten zijn bewezen (Soera 2:47)?
De enige reden dat Ismaël überhaupt werd geboren is door het ongeduld van Sara en ongehoorzaamheid van Abraham (Genesis 16:1-4). Was de geboorte van Ismaël dan een ‘ongelukje’ of een ‘foutje’? Volstrekt niet, omdat God in Zijn alwetendheid dit al aan zag komen, maar nogmaals, Ismaël was niet de beloofde zoon waar over God gesproken had. God zou een wonder doen aangaande de zwangerschap van Sara (Genesis 18:9-11), net als in het geval van Maria (Lucas 1:30-38), door het onmogelijke mogelijk te maken.
God in Zijn oneindige wijsheid en genade wist wel raad met de situatie aangaande Ismaël, omdat Hij niet verrast wordt door onze handelingen en Hij zegende hem alsnog (Genesis 17:20).
Ismaël was niet de zoon van de belofte. En omdat hij dat niet was kunnen wij geen enkele Schriftgedeelte vinden waar God wel iets over hem zegt een uitspraak aangaande het profetenambt tegenkomen (Genesis 16:7-15; 17:17-21; 21: 13, 18; 25:12-18). Er zijn geen uitspraken te vinden over enig verbond met hem of zijn nakomelingen.
Verder zien wij dat toen God voor het eerst aan Mozes verscheen, Hij Zich voorstelde als de God van Abraham, Isaak en Jakob (Exodus 3:1-6), niet als de God van Abraham, Ismaël en Jakob. En zelfs de Koran houdt deze volgorde aan (Soera 38:45).
Maar het geval van Isaak en Ismaël is niet het enige geval waar God, naar Zijn soevereine wil de tweede zoon of jongere broer verheft boven de eerste/oudere voordat het eerstgeboorterecht als wet gegeven werd.
De volgende voorbeelden maken dit overduidelijk:
Jakob en Esau (Genesis 25:23) “En de HERE zeide tot haar: Twee volken zijn in uw schoot, en twee natiën zullen zich scheiden uit uw lichaam; de ene natie zal sterker zijn dan de andere, en de oudste zal de jongste dienstbaar wezen.”
Romeinen 9:10-16 zegt ook als volgt: “Maar dit niet alleen; daar is ook Rebekka, bevrucht van één man, onze vader Isaak. 11 Want toen de kinderen nog niet geboren waren en goed noch kwaad hadden gedaan – opdat het verkiezend voornemen Gods zou blijven, niet op grond van werken, maar op grond daarvan, dat Hij riep, – 12 werd tot haar gezegd: De oudste zal de jongste dienstbaar zijn, 13 gelijk geschreven staat: Jakob heb Ik liefgehad, maar Esau heb Ik gehaat. 14 Wat zullen wij dan zeggen: Zou er onrechtvaardigheid zijn bij God? Volstrekt niet! 15 Want Hij zegt tot Mozes: Over wie Ik Mij ontferm, zal Ik Mij ontfermen, en jegens wie Ik barmhartig ben, zal Ik barmhartig zijn. 16 Het hangt dus niet daarvan af, of iemand wil, dan wel of iemand loopt, maar van God, die Zich ontfermt.”
Werd Jozef, de een na laatste zoon van Jakob niet door God verheven, boven zijn al zijn (oudere) broers? Kunnen wij niet lezen hoe God hem een visioen gaf (Genesis 37) die later in vervulling ging in hoofd-stukken 41-42 wanneer Jozef een hoge functie in Egypte bekleed?
Mozes en Aäron (Numeri 12:6-11) “Toen zeide Hij: Hoort nu mijn woorden. Indien onder u een profeet is, dan maak Ik, de HERE, Mij in een gezicht aan hem bekend, in een droom spreek Ik met hem. 7 Niet aldus met mijn knecht Mozes, vertrouwd als hij is in geheel mijn huis. 8 Van mond tot mond spreek Ik met hem, duidelijk en niet in raadselen, maar hij aanschouwt de gestalte des HEREN. Waarom hebt gij u dan niet ontzien tegen mijn knecht Mozes te spreken? 9 Daarom ontbrandde de toorn des HEREN tegen hen en Hij ging heen. 10 Toen nu de wolk van boven de tent geweken was, zie, Mirjam was melaats als sneeuw; toen Aäron zich tot Mirjam omwendde, ziedaar een melaatse! 11 Toen zeide Aäron tot Mozes: Ach mijn heer, reken ons toch de zonde niet toe, die wij in onze dwaasheid begaan hebben.”
Aäron en Mirjam (hun zus) waren beide ouder als Mozes, maar God liet er geen twijfel over bestaan dat Mozes zijn knecht was voor die tijd en dat Hij rebellie tegen hem niet zou accepteren. De man die de wet van het geboorterecht van God zou ontvangen is door diezelfde God boven zijn oudere broer geplaatst. En zijn oudere broer erkende dit door hem met ‘mijn heer’ aan te spreken. Dus het feit dat Ismaël als EERSTE geboren werd speelt in dit geval geen enkele rol van betekenis simpelweg omdat de wet van het eerstgeboorterecht niet van toepassing is op hem; het bestond toen helemaal niet, als wet van God afkomstig.
Dus wederom zien wij dat Mohammed niet de komende profeet is waar Deut. 18:18 over spreekt.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Mercurial75
|
Geplaatst op 05-06-2009, 10:08 |
Reageer
|
Berichten: 60
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Ook is het volgende terug te vinden in de bijbel: “Dit is de last aangaande Arabië: Gij zult in het woud van Arabië wonen, gij, reisgezelschappen der Dedanieten. Brengt den dorstige water tegemoet; gij, die woont in het land van Tema, biedt den vluchtende brood aan; want zij vluchten voor het zwaard, ja voor het blote zwaard, voor den gespannen boog, voor den groten strijd. Want aldus spreekt de Heer tot mij: Nog binnen een jaar, gelijk de jaren eens dagloners zijn, zal al de heerlijkheid van Kedar tenietgaan; en de overgebleven boogschutters, de helden te Kedar, zullen weinig in getal zijn; want de Heer, de God van Israël, heeft het gesproken.” (Jesaja 21 : 12-16)
In deze tekst worden de mensen van Arabië opgedragen om de dorstige en hongerige immigranten te ontvangen die op de vlucht zijn geslagen voor het zwaard in Mekkah. Ibnoe al-Qayyim voegt daaraan toe dat deze tekst ons ook bericht over het slagveld dat één jaar na het vertrek van de profeet uit Mekkah heeft plaatsgevonden. En waarbij de ongelovigen verpletterd werden onder de overmacht van de moslims. Ondanks het kleine aantal moslims toentertijd.
Jesaja 21 gaat in zijn geheel over de val van Babylonie, en aanvallen op Duma en Arabie het heeft helemaal niets met Mohammed te maken. Weer een verdraaiing van de tekst dus...
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Nathaniel
|
Geplaatst op 05-06-2009, 20:11 |
Reageer
|
Berichten: 536
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
God is liefde
Je kunt God niet noemen zoals je zelf wilt! Jij wilt toch ook bij je eigen naam genoemd worden. En mocht je uberhaubt een titel bezitten, dan wil je toch ook dat anderen daar respectvol mee omgaan!
JaHWeH, de Levende God is uniek. Hij is geen mengelmoes van goden, samengevoegd tot een god. Ook is Hij geen geupgrade afgod. Evenmin is Hij een god die ontstaan is uit menselijke ideeen over het concept god. Laat staan dat je Hem kunt verbinden aan religies die zijn onstaan door goeroes en andere valse profeten. Je kunt zelfs niet beweren dat vanwege het feit dat iedere taal wel een woord heeft voor 'god', je daarmee kan stellen dat we allemaal in wezen over JaHWeH spreken als een ieder over zijn god spreekt. Nee, het moge duidelijk zijn dat de Enige, Waarchtige, God, Wiens Naam is JaHWeH, de Almachtige is Schepper is van hemel en aarde. Hij is het vleesgeworden Woord, Jezus Christus. Hij regeert tot in eeuwigheid!
Vrede van God, Nathaniel
Dit bericht is gewijzigd op 10-06 22:45.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Nina
|
Geplaatst op 21-07-2009, 12:37 |
Reageer
|
Berichten: 116
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 05-06-2009, 20:11 Nathaniel schreef:
God is liefde
Je kunt God niet noemen zoals je zelf wilt! Jij wilt toch ook bij je eigen naam genoemd worden. En mocht je uberhaubt een titel bezitten, dan wil je toch ook dat anderen daar respectvol mee omgaan!
JaHWeH, de Levende God is uniek. Hij is geen mengelmoes van goden, samengevoegd tot een god. Ook is Hij geen geupgrade afgod. Evenmin is Hij een god die ontstaan is uit menselijke ideeen over het concept god. Laat staan dat je Hem kunt verbinden aan religies die zijn onstaan door goeroes en andere valse profeten. Je kunt zelfs niet beweren dat vanwege het feit dat iedere taal wel een woord heeft voor 'god', je daarmee kan stellen dat we allemaal in wezen over JaHWeH spreken als een ieder over zijn god spreekt. Nee, het moge duidelijk zijn dat de Enige, Waarchtige, God, Wiens Naam is JaHWeH, de Almachtige is Schepper is van hemel en aarde. Hij is het vleesgeworden Woord, Jezus Christus. Hij regeert tot in eeuwigheid!
Vrede van God, Nathaniel
Dit bericht is gewijzigd op 10-06 22:45.
|
weetje wat het is nathaniel. Moslims pakken alleen de verzen die zogenaamd over mohammed gaan uitde Bijbel. Dat zijn de enig verzen die ze geloven. Ze halen verzen uit Jesaja, waarin duidelijke profeciën over de komst van de messias staan. Die geloven ze dan weer niet. EN als je dan vraagt welke verzen geloof je nou wel of niet, dan komt er nooit een zinnig antwoord uit. De Bijbel kun je nou eenmaal niet zonder lijdin vn Gods geest begrijpen, maar dat willn ze niet begrijpen. Jammer he? De Bijbel is éé geheel en spreekt zichzelf niet tegen. Een moslim wil de Bijbel uitleggen, ik ga er niet eens meer op in. God ziet wie oprecht de Bijbel wil begrijpen, en zei zullen we waarheid weten.
Liefs+Gods zegen,
Nina
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Nathaniel
|
Geplaatst op 21-07-2009, 19:51 |
Reageer
|
Berichten: 536
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Hey Nina,
Inderdaad daar ben ik ook achtergekomen. En weet je, waarom zou je tegen iets preken? Op de een of andere manier doe ik het toch ook steeds weer. Maar het is beter om te getuigen van het heerlijke werk wat de Heer in ons leven heeft gedaan, wat Hij op dit moment aan het doen is en wat Hij in de toekomst nog gaat doen. Vooral voor Hem en Zijn Koninkrijk en Zijn rechtvaardigheid preken dus. Toch denk, dat het ook wel goed is om de confrontatie niet uit de weg te gaan en hun de Waarheid te vertellen. Natuurlijk wel met inzicht en een kind van God waardig. Maar de Here Jezus nam ook geen blad voor Zijn mond, dus wij ook niet. Ik ben dan wel niet zo christelijk in mijn gedrag, maar gewoon ik en ik leef uit Christus, dat is mij genoeg. Gelukkig hoeven we ons plaatsje in Zijn Koninkrijk niet te verdienen, maar is het een erfdeel dat we van onze Hemelse Vader hebben gekregen. Wij dienen een geweldige God en Hij gaat nog veel grotere meer dingen doen. In die verwachting wil ik leven!
Bless, Nathaniel
Dit bericht is gewijzigd op 21-07 22:35.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Nina
|
Geplaatst op 22-07-2009, 09:41 |
Reageer
|
Berichten: 116
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 21-07-2009, 19:51 Nathaniel schreef:
Hey nathaniel,
Inderdaad daar ben ik ook achtergekomen. En weet je, waarom zou je tegen iets preken? Op de een of andere manier doe ik het toch ook steeds weer.
-herkenbaar...weetje waarom ik het doe? Omdat mensen anders een verkeerd beeld kijgen van het christendom. Het beeld dat mede door moslims wordt gemaakt. Ze kennen het christndom niet eens, maar praten er wel over...:S En laten nou net de mensen die God zoeken, deze brichtjes zien?Je weet maar nooit.
Maar het is beter om te getuigen van het heerlijke werk wat de Heer in ons leven heeft gedaan, wat Hij op dit moment aan het doen is en wat Hij in de toekomst nog gaat doen. -Ja absoluut. Die taak gaf jezus ons immers. Als je het in je hart voelt brande om te getuigen, gewoon doen
Vooral voor Hem en Zijn Koninkrijk en Zijn rechtvaardigheid preken dus. Toch denk, dat het ook wel goed is om de confrontatie niet uit de weg te gaan en hun de Waarheid te vertellen. Natuurlijk wel met inzicht en een kind van God waardig. Maar de Here Jezus nam ook geen blad voor Zijn mond, dus wij ook niet - Dat klopt. Maar weetje wat het ook is: het is t vergelijken met de farizeeërs. Jezus vertelde niet voor iets in gelijkenissen, omdat we geen parels voor de zwijnen moeten gooien zei hij. Alleen de mensen die oprecht open stonden voor zijn evangelie, die begrepen de gelijkenissen dus ook. Met moslims ishet meestal een strijd, het op een volwassen manier communiceren is er vaak niet bij. En dan komt het er dus op neer dat er geen sprake is van oprechtheid. Ze staan niet open voor jou verhaal. Dus op een gegeven moment moet je de discussie gewoon kappen, want dat is zonde van de parels, niet?
. Ik ben dan wel niet zo christelijk in mijn gedrag, maar gewoon ik en ik leef uit Christus, dat is mij genoeg. Gelukkig hoeven we ons plaatsje in Zijn Koninkrijk niet te verdienen, maar is het een erfdeel dat we van onze Hemelse Vader hebben gekregen. Wij dienen een geweldige God en Hij gaat nog veel grotere meer dingen doen. In die verwachting wil ik leven! -me 2 brother. Ik kan niet wachten tot jezus ons komt halen. Einde verdriet& pijn en eeuwig leven. Nog zo'n onwerkelijk idee, maar de belofte Gods liegt er niet om. We hebben het zelf in de hand, om dat te bereiken!! Je hebt gelijk je verdiend het niet alleen door je daden, maar het is natuurlijk ook niet zo dat je er maar op los moet leven. Dat staat ook niet in de Bijbel.(= verder geen verwijt hoor
|
Liefs+Gods zegen, Nina
Dit bericht is gewijzigd op 22-07 09:43.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Nathaniel
|
Geplaatst op 22-07-2009, 22:44 |
Reageer
|
Berichten: 536
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Een hele kostbare parel
God heeft ons inderdaad parels gegeven, maar we zijn ook zelf als kostbare parels in Zijn hand.
Moslims hebben een openbaring van Jezus Christus nodig. Moge de Geest der Waarheid voor hun voeten op lichten. Voorlopig nog volharden om ze maar te blijven liefhebben.
En inderdaad, behoud Zijn goedkeuring door je te vergewissen wat Zijn goede, volmaakte en welgevallige wil is.
Bless u sister, Nathaniel
Dit bericht is gewijzigd op 22-07 22:45.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|