|
fb934634
|
Geplaatst op 11-07-2007, 19:41 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Bijbelstudie: Was Jezus Christus getrouwd?
Johannes 2: 1-11
Inleiding
Retorische vragen met betrekking tot Johannes 2:1-11, de bijbel en Maria Magdalena
A) Waarom voorziet God in Genesis 2:21 voor de eerste mens een vrouw en waarom zou Hij dan geen vrouw voorzien voor Zichzelf, als Hijzelf de tweede Adam is? B) Is het belangrijk om ons in te leven in de tijd waarin Jezus Christus geleefd heeft en daarbij rekening te houden met eventuele rituelen van die tijd? C) Wat was de rol van de vrouw in de tijd van Jezus Christus? D) Had Jezus als Zoon Des Mensen nood aan een huwelijk, waarbij Hij zich dan ook ten volle kan inleven in de wereld van een vrouw? E) Waarom verschijnt Jezus Christus als eerste aan Maria Magdalena? F) Waarom steunt de kerk op Petrus en niet op Maria Magdalena, als Hij als eerste aan Haar verschijnt? G) Zou Jezus door het huwelijk verlaagd of verhoogd worden? H) Wat is toverij volgens de bijbel? I) Hoe kan Maria de Magdaleense het recht hebben om aanspraak te maken op Jezus’lichaam, als zij niet aan Hem verwant is, in Johannes 20:15? J) Was “Maria” in de bijbel altijd als naam bedoeld of ook veelal als titel en wat betekent deze naam? K) Waarom neemt Maria de Magdaleense de taak van het zalven van Jezus op zich als zij niet Zijn vrouw zou zijn en daarbij wetende dat deze taak in die tijd alleen een echtgenote betaamt? L) Welke balsem gebruikt Maria in Johannes 12:3, waarom juist deze balsem, waarom komt haar deze taak toe en waarom gebruikt ze niet de heilige balsem beschreven in Exodus 30:23-25? M) Met wat wordt in Hooglied 1:12 nardusmirre geïndentificeerd? N) Welk nut had de kerk bij het stellen dat Maria Magdalena een hoer was? O) Wat stellen de zeven demonen voor in Lucas 8:2? P) Hoe is de kerk van Rome ontstaan en is het Christendom uitgegroeid van een vervolgde godsdienst tot een bevoorrechte godsdienst, om uiteindelijk tot staatsgodsdienst te worden erkent? Q) Wie waren de Hasmoneeën?
Retorische vragen over Johannes 2:1-11
A) Waarom wordt de bruiloft te Kana en het gegeven waarbij Jezus water in wijn veranderd enkel in het evangelie van Johannes vermeld? B) Is water veranderen in wijn een wonder of een actie, of zou het toverij zijn? C) Indien water veranderen in wijn een wonder is, zou men dit kunnen zien als toverij en waarom vermeld Johannes niet dat dit een wonder is? D) Was de bruiloft te Kana een huwelijksceremonie of een bruiloftsmaal van een verloving? E) Wat is de reden van het gezag die Maria de moeder van Jezus inneemt en kon dat zomaar? F) Waarom denken veel theologen dat de bruidegom en Jezus één en dezelfde persoon waren?
Midden
1) Antwoorden op de algemene vragen
A) Volgens mij heeft Hij wel degelijk een vrouw voor Zichzelf voorzien, namelijk Maria Magdalena de bruid des Lams. Dus geen bruiden en bruidegommen. Als alle bruiden en bruidegommen samen één lichaam vormen, wat mogelijk is, dan is dit onder de naam van Maria Magdalena.
B,C) Volgens mij zeer belangrijk! De tijd van Jezus Christus is niet dezelfde tijd als deze van nu. Voordeel daarbij is dat men rekening kan houden met een aantal items, om tot een gezonde, logische interpretatie te kunnen komen van bijbelteksten. De vrouw was zeer ondergeschikt, het was dus ongewoon dat een vrouw zelf initiatief nam. Een vrouw had in die tijd niet veel te zeggen. Doordat Jezus zowel Goddelijk als menselijk was, wou Hij mijns inziens zich ook inleven in de wereld van een huwelijk. Hij is uiteindelijk aan Zijn bediening begonnen op zijn dertigste verjaardag. Wat heeft Hij al die tijd voordien gedaan? Hieruit kan men afleiden, dat Hij een zeer sterke band met Maria moet gehad hebben. Het was tenslotte zeer ongewoon om in die tijd een vrouw op de eerste plaats te zetten. Hij verschijnt aan haar als eerste, omdat ze ook voor Hem de belangrijkste zou kunnen geweest zijn! Het Christendom is binnen het Romeinse Rijk geëvolueerd van een vervolgde godsdienst tot een bevoorrechte godsdienst, om tenslotte in 380 tot staatsgodsdienst te worden uitgeroepen. Slechts een paar schriftelijke bronnen konden het ware christelijke geloof vertegenwoordigen. Er waren nochtans meer dan genoeg evangeliën, epistels, gedichten of hymnen geschreven door vroege volgelingen van Jezus uit verschillende religieuze stromingen. Kerkvader Terullianus (ca 160-ca230) wond er destijds geen doekjes om: “ De kerk bepaald wat heilig is”. De bijbelse evangeliën die in 367 opgesomd werden, moesten uiteraard ook overeenstemmen met het theologische gedachtegoed dat zich tot dusver ontwikkeld had. Het idee van het concilie van Nicea (325) dat God officieel drie entiteiten in één was, was afkomstig van de Romeinse keizer Constantijn I de Grote (227-337), die daarmee zijn eigen goddelijke status als keizer veilig wilde stellen. Deze had als grondlegger van het christendom bovendien ook het christelijk geloof vermengd met aspecten van de Sol Invictus (zonneverering). Belangrijk voor de bisschoppen was dat het christendom de kerk als instituut zou ondersteunen. Vrouwen werden in die tijd door kerk als inferieur beschouwd. Maria kwam dus nooit in aanmerking voor de kerk. Doordat keizer Constantijn zelf God wilde zijn, wilde hij Jezus zijn praktische betekenis vernietigen.
D, G) Aanschouw zelf het huwelijk als iets heiligs (Hieros Gamos). Jezus Christus heeft zeer zeker rondgewandeld als mens. Volgens mij kon Hij er als mens alleen maar meerwaarde aan beleven.
E) Omdat ze ofwel getrouwd waren ofwel nog zullen huwen in de openbarende tijd.
H) Het Grieks woord “pharmacon” betekent in het Nederlands toverij! Pharmacie is hier dus van afgeleid. Volgens de bijbel is toverij een werk van het ego. Dokters vandaag genezen als volgt: “Je rijdt met een auto en bemerkt dat opeens je lichtje van het oliepeil brand. Daarvoor ga je naar een garagist, die vervolgens het lichtje verwijdert ipv de olie bij te vullen.” Zij bestrijden gevolgen, niet de oorzaken!! Het correspondeert dus helemaal niet met de realiteit en je raakt er meer en meer in slaap door in plaats van te ontwaken, te leven. Op die manier wordt je geleeft en maak je dat je in eigen begeerten verder kan leven. Water in wijn veranderen komt volgens mij meer overeen met toveren, Jezus had hier dus geen boodschap aan. In deze bijbeltekst is klaarblijkelijk iets heel anders aan de hand. Volgens de Dode-Zeerollen van Qumrâm was aan dergelijke gemeenschappelijke tafels het serveren van wijn voorbehouden aan de leidinggevende priester. In die tijd mochten alleen volledig ingewijde Levieten ceremoniële wijn drinken. Alle andere aanwezigen werden als oningewijd beschouwd en mochten zich uitsluitend ritueel reinigen met water. Tot deze groep behoorden getrouwde mannen, bekeerlingen, niet-Joden en alle niet priestelijke Joden. Dit wordt bevestigd in Johannes 2:6: “Nu stonden daar voor het joodse reinigingsritueel zes stenen watervaten, elk met een inhoud van drie à vier metrete”. Jezus liet het reinigingswater staan en de oningewijde gasten liet hij de heilige wijn gebruiken.. De ceremoniemeester wist niet waar de wijn vandaan kwam, maar de bedienden die het water geschept hadden wisten het wel. Hij sprak niet over een wonder, maar merkte eenvoudigweg op dat hij verbaasd was dat de goede wijn in die fase van het feest aan de gasten was voorgezet. Jezus’ moeder Maria die de bedienden had opgedragen om Jezus te gehoorzamen, verklaarde dat deze episode Zijn grootheid toonde en zijn leerlingen geloofden in Hem. Dat was in die tijd een wonder op zich dat de oningewijde gasten deze wijn ook mochten drinken. Waarom zou anders water in wijn moeten worden omgezet? Om onze eigen hartstochten te bevredigen? Of is het de hoer die op de vele wateren zit volgens openbaring 17: 2-3; 6-7 of openb.18: 3-4?
I) Ik geloof dat ze ofwel getrouwd waren of dat nog zullen doen in de openbarende tijd.
J) “Maria” is afgeleid van het Egyptische “Meria”, ofwel “geliefde” en is equivalent aan het Hebreeuwse “Mirjam”(de naam van de zuster van mozes en Aäron). Mirjams (Marias) hadden een formele, priesterlijke taak binnen de geestelijke orden.Europese variaties zijn Mary en Marie. In het evangelische tijdperk was “Maria” niet zozeer een naam als wel een titel. Er werden een aantal “Marias” met Jezus geassocieerd. Toch is dit slechts nominaal aanwezig in het NT. De naam had betrekking op een conventie uit die tijd en wordt tegenwoordig nog steeds gebruikt door vele nonnen in kloostergemeenschappen, die de naam “Maria” voor hun doopnaam plakken en dan bijvoorbeeld zuster Maria Louise, … gaan heten. Ook onder het volk komen we namen zoals Marie-Josée, Marie- Therese, … tegen, maw geliefde Theresia,… . Zo wordt Marcus 6:3 doorgaans vertaald als “Jezus, zoon van Maria”, maar een correcte vertaling zou luiden “Jezus, zoon van de Maria.
Omdat het kan dat Jezus de Nazoreër en Maria Magdalena getrouwd waren!
M) Maria gebruikt nardusmirre, die verschilt van de balsem in exodus. In exodus bestaat de heilige zalfolie uit zeer fijne specerijen, vanzelf gevloeide mirre, welriekende kaneel, welriekende kalmoes, kassie en olijfolie. Met dit mengsel werd de tent der samenkomst, ark der getuigenis, tafel met al haar gerei, de kandelaar, reukofferaltaar, brandofferaltaar, wasvat en Aäron en zijn zonen gezalfd. Deze zouden het priesterambt bekleden voor de Heer. De balsem van nardusmirre is een kostbaar wortelextract uit de Himalaya (Joh. 12:3). De term Messias is afgeleid van het Hebreeuwse woord mâsach (zalven). Een Messias was een “gezalfde”. Het Griekse equivalent was Christos, waarvan Christus is afgeleid. Christus was de Messias, maar in de koninklijke lijn waren andere gezalfden hem voorgegaan. Koning David werd gezalfd (2 Samuël 5:3), evenals zijn zoon Salomo (1 Koningen 1:39), waarbij het ritueel werd toegewezen aan de priester Zadok. De Dode-Zeerollen en de geschriften van Josephus beschrijven de engelenstructuur binnen de priesterlijke hïerarchie van Qumrân. De priester Abiathar was aangesteld als Gabrïel (Aartsengel) en direct boven hem de hogepriester Zadok, werd aangeduid als Michaël; de Michaël-Zadok, wat Melchisedek betekent of koning der rechtvaardigheid. Om verder de koninklijke zalving in te gaan, die de status van een Messias bepaalde, waren David, Salomo en hun regerende dynastie Messiassen. Jezus bekleedde nooit een regerende functie en bereikte zijn status als Messias pas toen Maria in de week voordat Hij werd gekruisigd de zalving uitvoerde in Betanïe. Dit was geen zalving voor de troon en de priester Zadok was er niet bij betrokken. De zalving leek meer op de traditionele huwelijkse zalvingen door de bruidszusters van de faraos of door de koninginnen van Syrië en andere landen buiten het Hebreeuwse rijk. Judas Iskariot klaagde blijkbaar dat deze balsem voor dit doel veel te kostbaar was (Joh 12:4-5). De nardusmirre bekrachtigt deze zalving tot een huwelijkse gebeurtenis en verschilt duidelijk van de wijding van een koning; zo’n wijding zou ook sijn voltrokken door een Zadok priester. De evangeliën vermelden eveneens dat de balsem kostbaar en duur was en Johannes 12:3 voegt hieraan toe dat de geur van de olie door heel het huis trok. Het feit dat nardusmirre werd gebruikt was omdat Maria magdalena van Syrische afkomst was.
Een van de meest romantische boeken van het OT is het Hooglied. Dit zijn een serie lofzangen tussen een onafhankelijke bruid en haar bruidegom. In Hooglied wordt het symbolische mengsel voor het koninklijke huwelijken geïdentificeerd als de aromatische balsem nardusmirre: “ nu mijn koning op zijn rustbed ligt, geurt mijn nardus zoet (Hooglied 1:12). De eerste zalving (Lucas 7:36) vond volgens historici plaats in september 30 Deze gebeurtenis wordt herhaald in Betanië die plaats vond in maart 33. Bij deze gelegenheid bevestigd Johannes dat hetzelfde ritueel herhaald werd, terwijl Matteüs en Marcus hieraan toevoegen dat Maria ook haar albasten kruik met nardusmirre bij zich had en deze over Zijn hoofd goot. Terwijl Jezus aan tafel zat zalfde Maria Hem. Dit verwijst naar een oud ritueel, waarbij een koninklijke bruid de maaltijd van haar echtgenoot heiligde. Dit ritueel was rechtstreeks overgeleverd van de Inanna-Dumuzi traditie van het Hieros Gamos (Heilig Huwelijk) van de herderkoning. Deze beeldspraak komt ook naar voor in psalm 23 van het OT: “ De Heer is mijn herder… waar over het vrouwelijke aspect van de Godheid het volgende wordt vermeld: “ U nodigt mij aan tafel … U zalft mijn hoofd met olie, mijn beker vloeit over”. Het uitvoeren van het huwelijkse zalvingsritueel was het bijzondere voorrecht van een Messiaanse bruid en het gebeurde uitsluitend tijdens de eerste en tweede huwelijksceremonie. Het Hooglied met de erotische nardusmirre en de equivalente zalvingen door Maria in Betanië zijn afkomstig uit dezelfde Syrische traditie. Ze stammen af van een oud vruchtbaarheidsritueel (Inanna-Dumuzi) en maakten deel uit van de dorsvloerrituelen tijdens de huwelijksfeesten van de koning in Sölam. Bij dit ritueel zong de bruid het huwelijksnachtlied dat precies overeenstemt met bepaalde gedeeltes uit het Hooglied en ze werd eveneens Abigail van Shulam genoemd. Merk terecht op dat het op geen enkele manier te maken heeft met de geschiedenis van het Hebreeuwse volk (OT). Het ceremoniële ritueel staat dus gewoon beschreven in het NT. Ze zijn gewoon verdoezeld door een voordurende aanval van de Kerk op het erfgoed van Maria Magdalena. De bisschoppen hebben geprobeerd te insinueren dat de huwelijkse staat voor de rest van ons weliswaar respectabel was, maar op de een of andere manier ver beneden Jezus’ waardigheid was. Vandaag de dag zeggen christenen nog altijd dat de bekeerlingen de erfgenamen zijn van Jezus, maar eigenlijk komt dit erfgoed Maria Magdalena toe. De kerk houdt ons dit leugentje voor omdat uiteindelijk zij met het erfgoed gaan lopen. Daarom, omdat ze zichzelf op arrogante wijze met Hem associëren, is het ook beneden de waardigheid van priesters, die zich in andere opzichten weinig om hun reputatie lijken te bekommeren.
F) De kerk van Rome wil zelf het erfgoed dat Maria Magdalena toekomt opeisen. Wat nogmaals verwijst op het feit dat de kerk God wil zijn. Daarom wordt Maria voorgesteld als een hoer en kan de kerk ondertussen regeren en zelf voor God spelen. De kerk van Rome wou Maria Magdalena in diskrediet brengen, om haar schoonmoeder, Maria, de moeder van Jezus, te verheffen. Om dit te bewerkstelligen werd gebruik gemaakt van dubbelzinnige teksten uit het NT. De valse bisschoppen besloten echter dat een zondige vrouw wel een hoer moest zijn en daarom werd zij ook als zodanig bestempeld!! In het evangelie van Filippus wordt Maria Magdalena beschouwd als ‘het symbool van goddelijke wijsheid’. Alle soortgelijke teksten werden gecensureerd en verwijderd door de bisschoppen van Rome, omdat ze de dominantie van het mannelijke priesterschap ondermijnden. De leer die Paulus verkondigt kwam daarvoor in de plaats: “Een vrouw moet zich rustig, in alle omstandigheden, laten onderrichten, maar ik sta niet toe, dat een vrouw onderricht geeft of gezag over de man heeft; zij moet zich rustig houden.” (1Timotëus2:11-12) Dergelijke autoritaire instructies waren met name nuttig, omdat ze de essentie verdoezelen. Vrouwen moesten tot elke prijs worden buitengesloten. Als dit niet gebeurde, zou de sluimerende aanwezigheid van Magdalena zich weer openbaren. Als echtgenote van Jezus was ze niet alleen de Messiaanse Koningin, maar ook de moeder van de ware erfgenamen. Haar erfenis bleef na haar dood eeuwenlang de grootste bedreiging voor een angstige Kerk, die de messiaanse afstammeling had genegeerde ten gunste van de apostolische successie. Jezus verwerft daarbij geen praktische betekenis, eigenlijk ligt alles stil. “ Alles wit en stil”. In de bijbel zien we vanaf het begin van Jezus’missie dat Maria Magdalena als een constante factor in Zijn leven wordt beschouwd. Ze steunde Hem, reisde met Hem, zalfde Hem, nam Hem in vertrouwen en was een metgezel van zijn moeder en zusters. Ze stond aan de voet van het kruis, ze ging naar het graf om Jezus met kruiden te verzorgen en sprak als eerste met Hem in de tuin. Ze wordt beschreven in apocriefe evangeliën als Jezus deelgenoot, als de apostel der apostelen, de vrouw die door Jezus werd gekust en Zijn gezegende noemde. Het was de vrouw die het Al kende. Deze apocriefe evangeliën zijn inderdaad veeleer gnostisch, maar men hoeft daarbij niet het kind met het badwater te verwerpen! Maria Magdalena’s reputatie werd zwaar beschadigd door een propagandacampagne, die geen enkele bijbelse grond had. Als gevolg werd Jezus’ eigen menselijkheid geweld aangedaan, terwijl zijn moeder uitgroeide tot een volkomen seksloos wonder, die niemand vertegenwoordigde. Doordat ze op die manier werd verlaagd, heeft ze nooit model gestaan voor alledaagse vrouwelijkheid en daarom richtten zovelen zich op Maria Magdalena. In het beeld van een maagdelijke moeder vindt men niets wat voor een vrouw van belang kan zijn, maar het erfgoed van Maria Magdalena bevat de romantiek van het heilige vrouwelijke. Van haar uitbundigheid tot haar huilbuien, van haar wijsheid tot haar onzekerheid, ze heeft alle kenmerken van de werkelijkheid en haar trouw wankelt op geen moment. Zij was de moeder van de Desposyni erfgenamen en daarom werd haar karakter op grove wijze bezoedeld, door het angstige en jaloerse kerkelijke gezag. En wat Jezus als mens betreft, Zijn personage kon historisch geen kant meer op, met Zijn moeder afgeschilderd als maagd en Zijn geliefde als hoer!!!!
N,O) Zoals al eerder vermeld is “Maria” niet zozeer een naam, maar veeleer een titel. Marias werden grootgebracht in een kuise, kloosterachtige omgeving binnen specifieke heilige orden en waren onderworpen aan strikte richtlijnen, die van kracht waren tot ze werden uitgehuwelijkt. Daarvoor stonden Marias onder het toezicht van de opperschriftgeleerde, die werd geclassificeerd als duivelpriester nummer 7. Het orgaan van de zeven duivelpriesters, met hun hiërarchische verdeling van de nummers 1 tot en met 7, werd opgezet als een symbolische oppositiegroep tegen de priesters die de zeven lichten van de Menorah vertegenwoordigden ( de zevenarmige kandelaar uit de joodse traditie). Het was de plicht van de zeven duivelpriesters om leiding te geven aan en te waken over de ongehuwde meisjes, die de achtergrond onderzoekt van potentiële kandidaten voor heiligverklaring in de hedendaagse Rooms-Katholieke Kerk. Wanneer ze trouwden, werden de vrouwen ontslagen uit de zorg van de zeven duivels, wat in de praktijk betekende dat de verplichting van het celibaat niet langer van toepassing was. Wat we hieruit kunnen afleiden, is dat toen de zeven demonen uit Maria weggingen, Maria Magdalena uit de religieuze instelling werd ontslagen om te trouwen. In het jaar 66 werd de Hasmoneeër Flavius Josephus benoemd tot militair bevelhebber ter verdediging van Galilea. Daarvoor was hij in opleiding geweest voor Farizees priester, maar hij ging in militaire dienst toen de joden in opstand kwamen tegen hun Romeinse overheersers. Josephus werd daarop de meest vooraanstaande historicus van zijn tijd en zijn geschriften “De Joodse oorlog en De Joodse geschiedenis bieden een volledig inzicht in de lange en complexe geschiedenis van de natie vanaf de tijd van de vroege aartsvaders tot de jaren van de Romeinse onderdrukking. Josephus’ wetenschappelijke werk, waarvan de manuscripten zo’n 60.000 regels bevatten, werd geschreven in de jaren 80 van de eerste eeuw, toen hij in Rome was. Hoewel Petrus en Paulus onder Nero’s bewind waren geëxecuteerd, waren de evangelische geschriften niet openlijk anti-Romeins. De eerste christenen waren juist geneigd om niet Pilatus, maar de joden de schuld te geven van de vervolging van Jezus en aangezien de joodse opstand van 66-70 was mislukt, geloofden ze stellig dat God nu geen bondgenoot meer was van de joden, maar van hen. Desondanks was de positie van de christenen binnen het Romeinse rijk nog steeds gevaarlijk; ze waren een minderheidsgroepering zonder legale status. Vanaf Petrus’ kruisiging door Nero tot het Edict van Milaan in 313 (toen het christendom officieel werd erkend) waren er niet minder dan dertig christelijke bisschoppen van Rome. De eerste bisschop die tijdens Petrus’ leven door Paulus werd benoemd in het jaar 58, was de engelse prins Linus, de zoon van koning Caractacus. Omstreeks het jaar 120 waren individuele aanstellingen het privelge geworden van een bepaalde groep en moesten de kandidaten inwoners van Rome zijn. Ten tijde van bisschop Hyginus (vanaf 136) bestond er nog maar weinig of geen verband tussen de Paulinische christenen en de Nazareense volgelingen van Jezus’ eigen Joodse leer. Laatstgenoemden hadden zich voornamelijk in Mesopotamië, Syrië, Zuid-Turkije en Egypte gevestigd. Ondertussen werden de christenen van Rome voortdurend onderdrukt, omdat hun geloof de traditionele goddelijkheid van de Caesars (keizers) zou ondermijnen. In de loop van de tijd werden die vervolgingen steeds heviger, totdat ze weer net zo gewelddadig waren als tijdens Nero’s bewind en er van een wrede onderdrukking sprake was. Het Romeinse rijk had een polytheïstisch geloof (meer dan één God); dit poytheïsme was voornamelijk voortgekomen uit de verering van natuurgoden, zoals die van bossen en het water. Toen Rome een staat werd, waren de goden van de naburige Etrusken en Sabijnen overgenomen. Onder hen bevonden zich jupiter en mars. De Griekse cultuur werd ook overgenomen en de orgieën van Cybele ( de Aziatische aardgodin), werden al snel nagevold door de de hedonistische rituelen van Dionysus ( god van wijn). Toen het Romeinse rijk zich naar het oosten uitbreidde, kwam het in cintact met de esoterische cultus van Isis, de universele moeder,en met de verering voor Mithras ( god van licht, waarheid en rechtvaardigheid). Uiteindelijk werd de Syrische religie van Sol Invictus (de niet overwonnen en onoverwinnelijke zon) de overheersende religie. Volgens dit geloof was de zon de voornaamste schepper van het leven en konden alle andere culten onder hem worden geschaard. Deze religie steunde ook de keizer als incarnatie van de godheid. Halverwege de tweede eeuw waren de oorspronkelijke Nazareners ( volgelingen van de leer van Jezus en Jakobus) niet erg geliefd meer in Rome. Door de Pailinische christenen- met name door Irenaeus, bisschop van Lyon- werden ze zelfs aangevallen. Irenaeus veroordeelde hen tot ketters, omdat ze beweerden dat Jezus een mens was en niet God zelf in eigen persoon was. Hij ging zelfs zo ver, om te verklaren dat Jezus zelf de verkeerde religie had gepraktiseerd en dat zijn persoonlijke geloof op een vergissing gebasseerd was. Over de Nazareners (die hij Ebionieten of armen noemde) schreef hij en ik citeer: Zij gaan, net als Jezus zelf en ook de Essenen en Zadokieten van twee eeuwen daarvoor, uit van de profetische boeken van het Oude Testament. Ze verwerpen de brieven van Paulus en ze verwerpen de apostel Paulus door hem een overtreder van de Wet te noemen. Als reactie hierop beschuldigden de Nazareners en de Desposynische Kerk Paulus ervan een ‘afvallige’ en een valse apostel’ te zijn en beweerden ze dat zijn idolate geschriften geheel verworpen moesten worden. In het jaar 135 werd Jeruzalem weer onder de voet gelopen door Romeinse legers, dit maal onder keizer Hadrianus, waardoor de overgebleven joden verspreid raakten. De achterblijvers in Palestina moesten zich beperken tot de studie van de rabbijnse wet en de religie. Ondertussen werd de Paulinische sekte steeds lastiger voor de autoriteiten. Nadat het onder Hadrianus een hoogtepunt had bereikt (van 117 tot 138), begon het Romeinse imperialisme onder Commodus af te brokkelen. In het jaar 235 bepaalde keizer Maximinus dat alle christelijke bisschoppen en priesters moesten worden opgepakt, hun persoonlijke bezittingen geconfisqueerd en hun kerken verbrand. De gevangenen werden onderworpen aan verschillende vormen van straf en slavernij, waaronder dwangarbeid in de loodmijnen in Sardinië. Bij aankomst werd één oog van de gevangene verwijderd en werden zijn linkervoet en rechterknie beschadigd om zijn bewegingsvrijheid te beperken, met tal van andere folteringen. Kortom, christen zijn was in die tijd op zichzelf al gevaarlijk, maar wie een leidende positie binnen de christengemeente op zich nam, tekende zijn eigen doodvonnis. Onder keizer Decius (249) waren de christenen zo opstandig geworden, dat ze als misdadigers werden beschouwd, waarna er een massale vervolging begon. Dit duurde tot en met het bewind van Diocletianus, die in het jaar 284 keizer werd. Hij schafte alle democratische procedures af en stelde een dictatuur in. Christenen moesten offers brengen aan de zogenaamde goddelijke keizer, en als ze ongehoorzaam waren, werden ze daar zeer streng voor gestraft. Alle christelijke ontmoetingcentra moesten worden gesloopt. Discipelen die alternatieve bijeenkomsten organiseerden, werden terechtgesteld. Alle kerkelijke bezittingen werden door de magistraten geconfisqueerd en alle boeken, testamenten en geschreven leerstellingen van het geloof werden in het openbaar verbrand. Christenen uit de hogere klassen mochten geen overheidsfuncties meer bekleden en christelijke slavenkonden elke hoop op vrijheid opgeven. Diocletianus trachtte de voortdurende aanvallen van barbaarse indringers af te slaan door de macht te decentraliseren en het rijk in tweeën te splitsen.Vanaf het jaar 293 werd het Westen geregeerd vanuit Gallië en het Oosten vanuit Byzantium in wat nu Noord-West-Turkije is. Niettemin gingen de aanvallen door ( Allemannen, Franken) en de Romeinen waren geen invasiemacht meer. Ze werden nu zelf doelwit van invasies van alle kanten. Eén van de wreedste vervolgers onder Diocletianus’ bewind was Galerius, die de oostelijke provincies bestuurde. Hij beval dat één ieder die de keizer niet absoluut vereerde boven alle anderen, op pijnlijke wijze geëxecuteerd moest worden. Maar vlak voor zijn dood in 311 liet Galerius tot ieders verbazing de teugels wat vieren en gaf hij christenen het recht om samen te komen in hun conventikels zonder angst voor molestatie. Na tweeëneenhalve eeuw van vrees en onderdrukking gingen de christenen een tijdperk van voorwaardelijke vrijheid in.. Vanaf 312 werd Constantijn keizer in het Westen, terwijl Licinius in Oosten regeerde. Ondertussen had het christendom zijn schare volgelingen behoorlijk uitgebreid en bloeide het op in Engeland, Duitsland, Frankrijk, Portugal, Griekenland, Turkije en in alle hoeken van het Romeinse rijk. Eigenlijk hadden de christelijke evangelisten meer succes in de strijd tegen barbaren dan de Romeinse legioenen. Constantijn constateerde dat het christendom hem van dienst zou kunnen zijn, nu het Romeinse rijk uit zijn voegen dreigde te raken. Hij ontdekte het christendom als een bindende macht die hij kon uitbuiten. Hij gaf dit gestalte door te verkondigen dat hij in een visioen een kruis aan de hemel had gezien, met daarbij de woorden: “Verover onder dit teken”. De christelijke leiders waren zeer onder de indruk dat een Romeins keizer een overwinning had behaald onder hun symbool ( tegen Maxentius). Daarop riep Constantijn de oude bisschop Miltiades bij zich, om de christelijke kerk in zijn geheel over te nemen, met de woorden: “ In de toekomst zullen wij, als de apostel van Christus, de bisschop van Rome helpen kiezen.” Constantijn bepaalde dat het schitterende Lateraanse paleis in Rome de residentie van de bisschop moest worden. Toen Miltiades in 314 overleed, was hij in lange tijd de eerste bisschop van Rome die een natuurlijke dood stierf. Opeens was het christendom respectabel geworden en werd het als staatsreligie goedgekeurd. Constantijn werd in 324 keizer van het gehele Romeinse rijk en zou bekend worden als Constantijn de Grote. Hoewel keizers al eeuwenlang werden vereerd als godheden op aarde en Constantijn officieel beweerde een apostolische afstammeling te zijn, moest er nog één belangrijke kwestie worden geregeld. Dit deed hij na het bezoek van de Desposyni tijdens het Concilie van Nicaea in 325. De Paulinische christenen rekenden nog altijd op de wederkomst van hun messias en dus zag Constantijn zich genoodzaakt deze verwachting in te vullen, door zelf de taak van verlossende messias voor zich te nemen. Per slot van rekening was zijn moeder, Helena, afkomstig uit de koninklijke lijk van Arimatea. De keizer wist natuurlijk dat Jezus door Paulus vereerd werd als zijnde Zoon van God, maar dit idee mocht niet blijven bestaan. Jezus en God moesten in één concept worden samengevoegd, zodat de Zoon geïdentificeerd kon worden met de Vader. Bij het concilie van Nicaea werd God dan ook gedefinieerd als Drie Personen in één God: een godheid die bestond uit drie gelijke en voor eeuwig verenigde delen: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Deze aspecten (personen) van de drieëenheid leken verdacht veelo op de drie priesterlijke titels van Vader, Zoon en Heilige Geest, zoals die lang geleden door de Essenen in Qumran werden gebruikt.
Q) De Hasmoneeën waren een prominente priesterlijke familie in Jeruzalem in de tweede eeuw voor Christus. Hoofd van het huis ten tijde van Antiochus IV was de hogepriester Mattatias, die de joodse opstand aanstichtte. Kort voor zijn dood benoemde hij zijn derde zoon Judas (bijgenaamd Maccabaeus of de Makkabeeër: “ de aangestelde of mogelijke de moker”) tot militair commandant van de beweging. Judas werd op zijn beurt opgevolgd door zijn broers Jonathan en Simon daarna bekend als de Makkabeeën.
Mijn antwoord op de retorische vragen:
a) Ik vermoed dat het uit de andere evangeliën is weggelaten. Wat ik zeker stel is dat het een zeer belangrijke tekst is. De boodschap van het wonder is geen toverij, maar dat iedereen kan via Jezus de Gezalfde van de heilige wijn drinken. Eigenlijk komt het er op neer dat iedereen, zonder bijkomende religie God kan bereiken via Jezus Christus!! Uit deze tekst kan men dus afleiden dat Jezus bemiddelaar is tussen God ( waarvan Zijn gezicht nooit gezien is op aarde) en de mens! Jezus is de ware wijnstok, wij de ranken. Hij is de nieuwe hoeksteen en grondlegger van deze planeet via zijn menszijn!
b) Volgens mij is het een actie, die een wonder op zich is. Via Jezus Christus kan éénieder de heilige wijn drinken! Het stelt zeker niet de hocus spocus voor van water wordt wijn! Jezus is wellicht geen tovenaar.
c) Johannes deelt niet mee dat het een wonder is, omdat het in de context van handelen moet gezien worden.
d,e,f)In het evangelie van Johannes is geen sprake van een bruiloftsdienst in Kana, alleen van een bruiloftsfeest en van water en wijn. Er waren enkele discipelen aanwezig en allerlei gasten, onder wie niet-joden en anderen die technisch gezien onrein waren. Dit was geen huwelijksceremonie, maar het bruiloftsmaal van een verloving. Normaal was er hierbij een officiële gastheer aanwezig ( zoals blijkt het verhaal): hij had de leiding over de gang van zaken, als ceremoniemeester. Het secundaire gezag was in handen van de bruidegom en zijn moeder; dit is heel belangrijk, want toen de communiewijn ter tafel kwam zei Jezus’moeder tegen de bedienden: ‘Doe maar wat hij jullie zegt, wat het ook is’. Geen enkele gast had het recht om op een dergelijke manier bevelen te geven en veel theologen zijn van mening dat hieruit blijkt dat Jezus en de bruidegom een en dezelfde persoon waren.
Noten: Sir Laurence Gardner: Maria Magdalena ;Tirion Baarn Nederland 2005 Sir Laurence Gardner : De erfopvolgers van de graal ; Tirion Baarn 2006 John W. Taylor : The coming of the Saints; covenant Books, London 1969 Barbara Thiering: Jesus the Man; Doubleday/Transworld, London 1992 Gladys Taylor: Our neglected Heritage; Covenant Books, London, 1974 Elaine Pagels: The Gnostic Gospels; Weidenfeld and Hicholson, London 1980 Henry Lincoln: The Holy Place; Jonathan Cape, London 1991 Margaret Starbird: The Woman with the Alabaster Jar; Santa Fe New Mexico 1993
Graag reacties op de gestelde vragen, hoe zou jij deze invullen? Dank bij voorbaat.
Dit bericht is gewijzigd op 21-11 14:14.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
Michael
|
Geplaatst op 29-08-2007, 22:12 |
Reageer
|
Berichten: 167
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Ik zal dit nog eens moeten doorlezen maar heb daar nu geen gelegenheid voor. Elders heb ik al gemeld dat de Bijbel het Woord van God is en niet veranderd is (of kan worden) door mensen. In een ander stukje meldde je dat Petrus zeer vrouwonvriendelijk was en de vrouw een onderdanige positie toekende en dat hij vond dat vrouwen niet mogen leren (= anderen onderwijzen in het Geloof). Ik denk dat dat niet juist is. Jezus riep bij mijn weten ook alleen maar mannelijke apostelen.
Misschien is het een idee om te proberen door gebed afstand te nemen van eigen opvattingen en inleggingen, en de Geest gelegenheid te geven Zijn werk te doen.
Vrede zij u
Michaël
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
fb934634
|
Geplaatst op 07-09-2007, 22:40 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 29-08-2007, 22:12 Michael schreef:
Ik zal dit nog eens moeten doorlezen maar heb daar nu geen gelegenheid voor. Elders heb ik al gemeld dat de Bijbel het Woord van God is en niet veranderd is (of kan worden) door mensen. In een ander stukje meldde je dat Petrus zeer vrouwonvriendelijk was en de vrouw een onderdanige positie toekende en dat hij vond dat vrouwen niet mogen leren (= anderen onderwijzen in het Geloof). Ik denk dat dat niet juist is. Jezus riep bij mijn weten ook alleen maar mannelijke apostelen.
Misschien is het een idee om te proberen door gebed afstand te nemen van eigen opvattingen en inleggingen, en de Geest gelegenheid te geven Zijn werk te doen.
Vrede zij u
Michaël
|
Waarom verschijnt Hij dan als eerste aan Maria Magdalena, als zij niet zou geroepen zijn tot het apostelschap?
Shalom
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
Michael
|
Geplaatst op 11-09-2007, 21:17 |
Reageer
|
Berichten: 167
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Beste fb,
Aan wie Jezus het eerst verschijnt heeft mijns inziens niets te maken met het eventueel apostel zijn van diegene. Als Jezus het eerst aan een van Zijn apostelen had willen verschijnen had Hij dat wel gedaan.
Ik denk dat het beeld meer zou kunnen zijn dat in Zijn kerk (allen die in de Naam van de Vader, van de Zoon en van de Heilige Geest zijn gedoopt) er een kleine groep is die Hem zoekt en volgt, waar Hij ook gaat. Dat zouden degenen kunnen zijn waarover in Openb. 14:4 wordt gesproken, die zich niet met allerlei dwaalleringen (ook in de grote christenheid) hebben beziggehouden, die door de doop met de Heilige Geest tot de eerstelingen kunnen behoren.
Bidt allen dat de Heilige Geest, de Trooster, u versterkt en leidt in de Waarheid, die is in Jezus Christus, waarvan de Schriften getuigden en Die ons in het Nieuwe Testament tegemoet komt als Een die voor ons de schulden heeft voldaan en de straf op de zonde, de dood, heeft tenietgedaan. Hij houdt van alle mensen. Houdt van Hem en neem Zijn juk op u.
Vrede zij u
Michaël
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
fb934634
|
Geplaatst op 14-09-2007, 18:18 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Volgens mij heeft Hij dat gedaan! Hij heeft er voor gekozen het eerst aan haar te verschijnen, wat volgens mij een belangrijke waarde heeft. Dit duidt namelijk op een sterke band en hieruit zou je kunnen concluderen dat Jezus vrouwen zeer sterk waardeerde. Vrouwen zijn vandaag de dag nog altijd op zoek naar een goed vrouwelijk archetype binnen de bijbel. Vandaar dat er vele Maria Magdalena kerken gesticht zijn en zienderogen toenemen.
Shalom
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
|
|
Vincent
|
Geplaatst op 02-11-2007, 13:57 |
Reageer
|
Berichten: 531
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Goede vragen, mooie antwoorden. Ik kan me er goed in vinden.
En om op het laatste door te gaan: God heeft geen lichaam, zonder lichaam ben je niet mannelijk en niet vrouwelijk.
Waarom zouden wij dan wel een partner nodig hebben? (Na de dood is er immers geen lichaam meer) Ik denk dat de liefde zoiets belangrijks is dat, naast naastenliefde, liefde tussen twee mensen het hoogst haalbare is. Dit kan weer de bron van nieuw leven zijn. Dat Jezus en Maria getrouwd zouden zijn voegt voor mij alleen maar iets toe aan het geloof en doet er niet aan af.
Dit bericht is gewijzigd op 02-11 13:58.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
ken
|
Geplaatst op 02-11-2007, 17:31 |
Reageer
|
Berichten: 2700
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 02-11-2007, 13:57 Vincent schreef:
Goede vragen, mooie antwoorden. Ik kan me er goed in vinden. En om op het laatste door te gaan: God heeft geen lichaam, zonder lichaam ben je niet mannelijk en niet vrouwelijk. Waarom zouden wij dan wel een partner nodig hebben? (Na de dood is er immers geen lichaam meer) Ik denk dat de liefde zoiets belangrijks is dat, naast naastenliefde, liefde tussen twee mensen het hoogst haalbare is. Dit kan weer de bron van nieuw leven zijn. Dat Jezus en Maria getrouwd zouden zijn voegt voor mij alleen maar iets toe aan het geloof en doet er niet aan af.
|
Een geestelijk lichaam is ook een lichaam.
Een mens is niet gemaakt om alleen te blijven. Wat de dood betreft: beschouw volgende teksten eens. Rom 6: 23 Want het loon dat de zonde betaalt, is de dood, maar de gave die God schenkt, is eeuwig leven door Christus Jezus, onze Heer.
Prediker 9: 5 Want de levenden zijn zich ervan bewust dat zij zullen sterven; maar wat de doden betreft, zij zijn zich van helemaal niets bewust, ook hebben zij geen loon meer, want de gedachtenis aan hen is vergeten.
Johannes 11: 24 Martha zei tot hem: „Ik weet dat hij zal opstaan in de opstanding op de laatste dag.”
Genesis 2: 17 Maar wat de boom der kennis van goed en kwaad betreft, gij moogt daarvan niet eten, want op de dag dat gij daarvan eet, zult gij beslist sterven.”
Wanneer Adam en Eva NIET van de boom gegeten hadden, waren ze dus ook niet gestorven!
Prediker verklaard heel duidelijk: dood is dood. Er bestaat dus geen onsterfelijke ziel. Genesis 2: En JHWH God ging ertoe over de mens te vormen uit stof van de aardbodem en in zijn neusgaten de levensadem te blazen, en de mens WERD een levende ziel.
Wanneer je een heel klein beetje begrijpt wat het loskoopoffer inhoudt, dat Jezus bracht, dan weet je, dat hij nooit kon trouwen, dus ook geen kinderen heeft verwekt.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
|
|
|
|
fb934634
|
Geplaatst op 02-11-2007, 18:11 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Een tijdje geleden had ik een debat over openbaringen 19 vanaf vers 6; met name "de Bruid des Lams". Zijn stelling hield in dat Jezus Christus hier trouwt met Zijn gemeente. Het kan niet dat dit werkelijk één enkele vrouw zou kunnen zijn! Daarentegen was mijn stelling dat de Bruid wel degelijk één enkele vrouw (gelijk het er staat) is. Daarbij vergeleek ik het met een gewoon huwelijk; de bruidegom is wel vertrouwt met de mens binnen de kerk waarin hij trouwt, maar hij trouwt daar niet met iedereen!! De bruid is zijn vrouw. Vertrouwen is tenslotte niet gelijk aan trouwen! Toen zei nog een ander christen: "ja maar, wat stellen wij dan maar voor? Ik antwoordde: "Stof in de wind"! Conclusie: Jezus kent Zijn Gemeente, Hij is er mee vertrouwd. Jezus leeft Zijn bruid, Hij is er mee getrouwd. Koningschap krijgt pas gestalte met zijn van een koningin! Shalom
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
|
|
fb934634
|
Geplaatst op 05-11-2007, 21:43 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 02-11-2007, 22:45 ken schreef:
de "bruid" is een parabolische illustratie. Het zijn leden van de kleine kudde, die met hem als koningen en priesters over de grote schare op aarde gaat regeren. Dat is het beloofde koninkrijk.
|
Wat denk je van een hyperbolische realiteit, Ken? Inderdaad daar zeg je het; het beloofde Koninkrijk. Niet het verloofde Koninkrijk! Jezus kent Zijn gemeente (Hij leeft ze), Hij is er mee vertrouwd. Hij trouwt met Zijn Bruid. Trouwens wie zijn wij om te weten wie Jezus zijn bruid is? Leven we dit weten wel? Weten die je niet leeft, betekent hoogmoed. Adam wist er alles van. Het is Jezus Zijn zijn dat de inhoud van die bruid betekent, Hij alleen kent ze werkelijk. Het Woord is vlees geworden , de Wijsheid ook! Shalom
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
Michael
|
Geplaatst op 05-11-2007, 22:29 |
Reageer
|
Berichten: 167
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Beste fb,
Zoals ik de Bijbel begrijp zijn degenen die tot de bruid behoren een afgepast aantal mensen (die in Openbaringen de 144.000 worden genoemd). In de gelijkenis waren er maagden die wel olie hadden in de nacht (toen alle maagden sliepen) en sommigen niet. Wij moeten dus sowieso olie hebben om de bruiloft bij te mogen wonen als Jezus komt terwijl de Christenheid slaapt.
In Handelingen staat dat er verzegelden zijn; dat zijn mensen die de doop met vuur hebben ontvangen (er wordt over de leer der dopen geschreven omdat er een waterdoop en een vuurdoop is). De doop met vuur betekent het inwonend ontvangen van de Heilige Geest. Na de Hemelvaart van Christus ontvingen de apostelen op Pinksteren de Heilige Geest en toen duidelijk was dat ook niet-Joden tot de heiligen konden behoren (hiertoe moest de Heilige Geest eerst vallen op de Romeinse legeraanvoerder en zijn huisgezin) zagen we daarna dat de Heilige Geest inwonend werd ontvangen door handoplegging door een apostel. In hen worden dan de gaven van de Heilige Geest openbaar, ieder naar hetgeen de Geest wil geven. Deze verzegelden kunnen tot de bruid behoren, mits zij tijdens hun leven de witte keursteen bewaren. Afijn, hier is veel over te zeggen.
Ik weet zeker dat God ook nu nog in de Christenheid mensen roept tot het bruidsschap, en, omdat er sinds ± 1830 weer apostelen geroepen worden, dat er in deze spade (= late) regen ook weer mensen met des schrijvers inktkoker aan het voorhoofd getekent zijn (en worden) en toetreden tot de verzegelden.
Zie ook het Hooglied....
Vrede zij u.
Michaël
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
fb934634
|
Geplaatst op 06-11-2007, 22:15 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Beste Michaël
Ik ben het volledig eens met jouw vorige post; maar daarmee reageer je mijn inziens niet op mijn vorige post. Misschien was dit ook je bedoeling niet.
De bruid kan mijn inziens ook gestalte krijgen, een vrouwelijk personage. Kun je je daar in vinden? Ik zei het al , het Woord is vlees geworden, de Wijsheid ook!
Shalom
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
Michael
|
Geplaatst op 06-11-2007, 22:49 |
Reageer
|
Berichten: 167
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Beste fb,
Aangezien Jezus als de Bruidegom wordt genoemd zijn Zijn geliefden de bruid genoemd. Iedereen kan zalig worden en het eeuwig leven verkrijgen, Zijn bruid is echter een geteld deel uit de Christenheid.
Ik denk dat het antwoord van Jezus, toen Hem werd gevraagd van wie de vrouw, die vele broers had getrouwd (leviraatshuwelijk), de vrouw zou zijn in de opstanding, ook een aanwijzing kan zijn, immers, de zielen in het dodenrijk, en degenen die levend veranderen in een punt des tijds en opgenomen worden zijn in het lichaam mannen en vrouwen geweest.
Per saldo denk ik dat het voor Jezus niet erg belangrijk is of iemand in het leven man of vrouw is geweest.
Vrede zij u.
Michaël
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
ken
|
Geplaatst op 07-11-2007, 12:42 |
Reageer
|
Berichten: 2700
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 05-11-2007, 21:43 fb934634 schreef:
[...]
Wat denk je van een hyperbolische realiteit, Ken? Inderdaad daar zeg je het; het beloofde Koninkrijk. Niet het verloofde Koninkrijk! Jezus kent Zijn gemeente (Hij leeft ze), Hij is er mee vertrouwd. Hij trouwt met Zijn Bruid. Trouwens wie zijn wij om te weten wie Jezus zijn bruid is? Leven we dit weten wel? Weten die je niet leeft, betekent hoogmoed. Adam wist er alles van. Het is Jezus Zijn zijn dat de inhoud van die bruid betekent, Hij alleen kent ze werkelijk. Het Woord is vlees geworden , de Wijsheid ook! Shalom
|
Klopt, ik heb het veranderd.
Je beschouwt kennelijk het trouwen met de bruid als letterlijk. Het is een verbintenis, die niet op vleselijke gronden gebaseerd is. De "bruid" vormt met hem de koninkrijksregering.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
fb934634
|
Geplaatst op 07-11-2007, 19:42 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 07-11-2007, 12:42 ken schreef:
[...]Klopt, ik heb het veranderd.
Je beschouwt kennelijk het trouwen met de bruid als letterlijk. Het is een verbintenis, die niet op vleselijke gronden gebaseerd is. De "bruid" vormt met hem de koninkrijksregering.
|
Dit weten we niet, Ken. Deze kennis kunnen we niet echt leven. Jezus Zijn daden kunnen volgens mij ook gestalte aannemen, naar een Vrouwelijk Personage. Wij kunnen daar hoogstens met vertrouwd zijn, niet getrouwd.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
|
|
fb934634
|
Geplaatst op 08-11-2007, 11:47 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Het is door die gekerstende leringen dat Jezus Zijn praktische betekenis werd stilgelegd. Die wouden het ego van Jezus de Nazoreër verhogen, maar Hijzelf aangeeft in Joh.6: 43: Eer van mensen behoeft Hij niet. Nochtans wil Hij wel dat we de Zoon aanbidden. Een schijnbare tegenstelling. Hieruit leidt ik af dat Jezus over privé beschikt, gelijk iedereen van ons. Jezus was een mens die geroepen was tot het Zoonschap van God. Maar Hij heeft hier als mens gewandeld en is tevens God als je het uit het perspectief van de mens bekijkt. Uit het perspectief van God is Hij de Zoon van God. Christus sluit het vrouwelijke niet uit. Daarom : "de Wijsheid is een vrouw", maar niet alle vrouwen zijn wijs. Christus beslaat zowel het vrouwelijke als het mannelijke grondbeginsel. Vandaar dat Paulus aangeeft dat Christus de Wijheid is. Christus is één met Zijn bruid. Of het Maria Magdalena is, dat zien we wel. Ze zal dan wel een over een andere naam en gestalte beschikken. Maar het vrouwelijke sluit Christus zeker niet uit, de kerk van Rome wel. Vandaar dat je ook nog weinig te weten komt, wat Maria Magdalena na de opstanding gedaan heeft; Paulus schrijft er opmerkelijk weinig over!
Shalom
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
ken
|
Geplaatst op 08-11-2007, 16:42 |
Reageer
|
Berichten: 2700
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Joh.6: 43 Jezus gaf hun ten antwoord: „Houdt ermee op onder elkaar te murmureren. 44 Niemand kan tot mij komen tenzij de Vader, die mij heeft gezonden, hem trekt; en ik zal hem op de laatste dag [uit de dood] opwekken.
|
Jezus was een mens die geroepen was tot het Zoonschap van God.
|
Nee, hij is Gods zoon. Hij is de enige schepping van God. Al het andere is d.m.v. Jezus ontstaan.
Spreuken 8: 22 JHWH schiep mij aan het begin van zijn weg, nog voor zijn werken, van oudsher. 23 Uit eeuwigheid ben ik gevormd, vanaf het begin, voordat de aarde ontstond. 24 Ik ben al ontstaan toen er nog geen oceaan was, toen er nog geen bronnen waren, rijk aan water. 25 Voordat de bergen werden neergezet, nog eerder dan de heuvels, ben ik ontstaan. 26 Hij had de aarde en de velden nog niet gemaakt,zelfs niet de elementen van de wereld. 27 Ik was erbij toen Hij de hemel op zijn plaats zette, toen Hij een boog spande over de oceaan, 28 en daarboven het machtige wolkengewelf zette; toen Hij de geweldige bronnen van de oceaan maakte 29 en de zee haar grens gaf, zodat het water zijn geboden niet overtrad, en toen Hij de grondvesten van de aarde bouwde. 30 Ik stond als uitvoerder aan zijn zijde, en ik was zijn vreugde, mij dag in dag uit verheugend voor zijn aangezicht, steeds weer, 31 mij verheugend over zijn aardrijk en ik vond mijn vreugde bij de mensen.
In genesis 3:15 wordt zijn offer reeds aangekondigd.
|
Christus is één met Zijn bruid. Of het Maria Magdalena is, dat zien we wel.
|
De “bruid” van Christus is de kleine kudde die met hem, als koningen en priesters, gaan regeren over de aardse grote schare.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
fb934634
|
Geplaatst op 08-11-2007, 22:22 |
Reageer
|
Berichten: 764
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 08-11-2007, 16:42 ken schreef:
Joh.6: 43 Jezus gaf hun ten antwoord: „Houdt ermee op onder elkaar te murmureren. 44 Niemand kan tot mij komen tenzij de Vader, die mij heeft gezonden, hem trekt; en ik zal hem op de laatste dag [uit de dood] opwekken.
[...]
Nee, hij is Gods zoon. Hij is de enige schepping van God. Al het andere is d.m.v. Jezus ontstaan.
Spreuken 8: 22 JHWH schiep mij aan het begin van zijn weg, nog voor zijn werken, van oudsher. 23 Uit eeuwigheid ben ik gevormd, vanaf het begin, voordat de aarde ontstond. 24 Ik ben al ontstaan toen er nog geen oceaan was, toen er nog geen bronnen waren, rijk aan water. 25 Voordat de bergen werden neergezet, nog eerder dan de heuvels, ben ik ontstaan. 26 Hij had de aarde en de velden nog niet gemaakt,zelfs niet de elementen van de wereld. 27 Ik was erbij toen Hij de hemel op zijn plaats zette, toen Hij een boog spande over de oceaan, 28 en daarboven het machtige wolkengewelf zette; toen Hij de geweldige bronnen van de oceaan maakte 29 en de zee haar grens gaf, zodat het water zijn geboden niet overtrad, en toen Hij de grondvesten van de aarde bouwde. 30 Ik stond als uitvoerder aan zijn zijde, en ik was zijn vreugde, mij dag in dag uit verheugend voor zijn aangezicht, steeds weer, 31 mij verheugend over zijn aardrijk en ik vond mijn vreugde bij de mensen.
In genesis 3:15 wordt zijn offer reeds aangekondigd.
[...]
De “bruid” van Christus is de kleine kudde die met hem, als koningen en priesters, gaan regeren over de aardse grote schare.
Ik kan het helaas niet eens zijn met jou. Je kunt deze kennis niet leven. Dus kun je het ook niet weten. Je kan hoogstens met een klein deel vertrouwd zijn, de rest is pure hoogmoed.
|
Jezus is Zoon van God gelijk al aangaf. Maar Hij is God vanuit menselijk perspectief gezien. Wij zijn tenslotte stof in de wind. Het vers dat ik bedoelde is Joh. 5:41: Eer van mensen behoef ik niet. Voor de rest val je in herhaling. Shalom
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
Een goede leermeester leert van zijn leerlingen. |
|
|
ken
|
Geplaatst op 12-11-2007, 10:55 |
Reageer
|
Berichten: 2700
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Jezus is Zoon van God gelijk al aangaf. Maar Hij is God vanuit menselijk perspectief gezien. Wij zijn tenslotte stof in de wind. Het vers dat ik bedoelde is Joh. 5:41: Eer van mensen behoef ik niet. Voor de rest val je in herhaling. Shalom
|
Ik reageer op jou, dus.
Jezus is de zoon van God, niet JHWH. JHWH is eeuwig en almachtig. Jezus niet. Je moet je standpunt op de bijbel baseren, niet op menselijke gedachten.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
Michael
|
Geplaatst op 12-11-2007, 20:19 |
Reageer
|
Berichten: 167
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Beste Ken,
De aanduidingen van God in het OT zijn Jahweh en Soeverein (vertaalt met HEERE en Here). Jezus wordt in het NT doorlopend Heere genoemd, de titel die voorbehouden was aan Jahweh.
Als je kijkt welke plaats Jezus door het hele NT inneemt en de ongeveer 200 profetiën in het OT die over zijn komst gaan, is Hij God. Als je denkt dat Hij niet God is maar wel de schepping tot stand heeft gebracht, geloof je dus niet in één God maar in meerdere.
Vrede zij u.
Michaël
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|
|
ken
|
Geplaatst op 13-11-2007, 11:01 |
Reageer
|
Berichten: 2700
gebruiker
Verstuur privé bericht
|
Op 12-11-2007, 20:19 Michael schreef:
Beste Ken,
De aanduidingen van God in het OT zijn Jahweh en Soeverein (vertaalt met HEERE en Here). Jezus wordt in het NT doorlopend Heere genoemd, de titel die voorbehouden was aan Jahweh.
Als je kijkt welke plaats Jezus door het hele NT inneemt en de ongeveer 200 profetiën in het OT die over zijn komst gaan, is Hij God. Als je denkt dat Hij niet God is maar wel de schepping tot stand heeft gebracht, geloof je dus niet in één God maar in meerdere. rede zij u. Michaël
|
De naam van God is in de hele bijbel JHWH. De meest gebruikte uitspraak is Jehovah. Dit staat ook in de SV. Er is een uitgebreid, diepgaand en onbevooroordeeld onderzoek geweest en de conclusie kwam overeen met die van Maimonides, n.l. Jehovah.
Deze onderzoeker merkte op: "The name Yahweh (which is a barbarism) has only been created to battle with the true name Jehovah." (The Name of God ... its story).
Dat de titel HEERE (mijnheer; meneer) exclusief voor JHWH is, is niet correct. Dat was een joodse zienswijze en zij waren bijzonder gechoqueerd dat Jezus volgelingen hem Heer noemden.
Gods zoon kan je ook een God noemen, dat staan in feite ook in Joh 1:1. Maar dat is weggepoetst om een triade te bevestigen. Jezus plaatst zichzelf heel terecht onder zijn vader, ondanks het feit dat hij alle macht op hemel en aarde heeft verkregen.
Op basis van de bijbelse leer concludeer ik dat Jezus Gods enige schepping is en dat alle andere dingen door Jezus zijn geschapen in opdracht van zijn vader. Zoals b.v. een architect aan zijn uitvoerder.
Er is maar één almachtige God en dat is JHWH. Deze naam, die oorspronkelijk zo’n 6000 keer in de bijbel voorkomt, is door de joden vervangen door adonai. Deze bijgelovige gewoonte is door Bijbelvertalers overgenomen, onder het mom dat de juiste uitspraak niet meer bekend zou zijn. Dat dat voor alle bijbelse namen geldt wordt gemakshalve vergeten.
|
|
meld dit bericht aan een moderator
|
|
|
|